VAKANTIE 2014 ORKNEY EILANDEN

 


 

VAKANTIE 2014 ORKNEY EILANDEN

 

16 mei
Vanmorgen om 05.30 uur met de KA vertrokken naar Schiphol. Het wordt anders dan anders. Voor het eerst ga ik niet alleen met Alexander op vakantie maar gaat zijn vriendin Carola ook mee. Dit wordt ook de eerste keer dat we naar de Orkney’s gaan. Net als voorgaande vakanties gaan we op een archeologische vakantie. We zakken langzaam af: na eerst IJsland, toen twee keer de Faröer eilanden en daarna twee keer naar de Shetlands, nu de eilandengroep die het dichtst voor de Schotse noordkust ligt de Orkney’s . Omstreeks 07.00 kwamen we bij P3 aan, de langparkeerplaats bij Schiphol. Ik heb nog nooit zoveel ruimte gezien. Het parkeerterrein biedt veel ruimte. Een gevolg van de crises? Ik parkeer de KA op dezelfde plek als altijd (bij het hek recht tegenover het AH ophaalpunt). Als je de auto altijd op dezelfde plek parkeert, heb je nooit moeite hem te vinden. Je loopt dan wel iets verder.

Het inchecken met de automaat gaf de nodige problemen en wat gemopper van Alexander. Alexander en elektronica is niet altijd een gelukkige combinatie. Het apparaat weigerde zijn paspoort te lezen. Ook de vorige keer was dat het geval maar nu had hij pas een nieuw paspoort. Na enige tijd kwam er een papiertje uit dat ons verwees naar de balie. De vraag is dan welke balie? Ik sprak een jongedame in KLM uniform die ons, na enig overleg, naar een balie stuurde voor het inleveren van de koffers en daar werden we alsnog voorzien van de benodigde boarding pass. Na enig rondhangen, richting de douane. We mochten door. Daarna de controle op gevaarlijke zaken. Jas uit, riem af, alle metalen spullen uit je zakken, alle elektronica in een apart bakje  en alle tassen op de band. Alexander zijn rugzak trok bijzondere aandacht. De muntzakjes leken eerst de oorzaak maar daarna bleek ook zijn fototas een probleem. Hij was wat vergeten! In de tas bleken vier loodzware offset drukplaten te zitten die hij gebruikt voor het stabiel wegzetten van zijn statief. Het gaf voor ons het nodige oponthoud, zijn fototas werd wel drie keer doorgelicht. Onze 737-700 naar Glasgow vertrok te laat omdat “de security checks” zolang duurden. Die Alexander toch!

De vlucht naar Glasgow verliep voorspoedig. Onze koffers waren weliswaar doorgelabeld, maar de koffers kwamen toch van de band. Het opnieuw inchecken duurde lang, omdat de jongedame van Flybee een probleem constateerde en veel raad van andere medewerkers vroeg. Na enige tijd constateerde ik dat twee op elkaar lijkende namen (Alexander en ik hebben deels dezelfde voorletters en dezelfde achternaam), het probleem was. Met mijn paspoort in de hand was op haar beeldscherm de naam van Alexander opgedoken. Het werd haar na mijn opmerking allemaal duidelijk en we werden ingecheckt. Daarna kon de achter ons staande rij opgelucht ademhalen. Ook hier werden de spullen van Alexander goed doorzocht vanwege de stukken metaal. Carola moest hier haar schoenen uittrekken en in Amsterdam niet. Niet alle apparatuur kent dezelfde afstelling. Dan is de vraag waar moeten we zijn? Waar is onze gate? Ons gatenummer was veranderd in een sterretje. We gingen toch maar naar het originele gatenummer in de verwachting dat daar wel iemand zou verschijnen die ons de juiste plek zou kunnen wijzen. Het bleek dat op het zelfde tijdstip van dezelfde gate een ander toestel vertrok. Toen die weg was verscheen onze vlucht op het bord. De Saab F 340 bracht ons met veel geronk naar Kirkwall. De koffers waren er zo en we gingen de huurauto bij W.R. Tullock ophalen. Dat was geen probleem.

orkney 001

Vrouwelijk schoon aan ons gezelschap toegevoegd

De blauwe Ford Fiësta is toch wel wat groter dan de mij vertrouwde KA. Al bij de eerst bocht zat ik bijna in de struiken. Daarna ging alles OK en deden we inkopen bij Tesco. Vervolgens vonden we onze verblijflocatie bij Finstown zonder problemen. Het huisje was, zoals de website www.orkneyself-catering.com het beschreef.

Na wat gegeten te hebben en een dutje gingen Alexander en Carola wandelen. Ik liep een stukje mee, daarna vervolgden zij hun tocht om na thuiskomst  te vermelden dat zij hun eerste tombe hadden bezocht op de top van de Cuween Hill. De ondergronde graftombe is meer dan 4.500 jaar geleden gebouwd. 

orkney 002

De tombe van Cuween Hill

17 mei
Ik ben om 5.00 uur opgestaan. Het was prachtig weer. De zon was binnen ons uitzicht boven de zee en eilanden opgekomen. Tot 10.30 uur heb ik twee keer buiten in het zonnetje zitten lezen. Omdat het vrijwel windstil was, kreeg ik het niet snel koud. We hadden afgesproken dat ze mochten uitslapen. Dat deden ze. Pas tegen 11.00 uur werden ze wakker. Het weer was toen al aan het veranderen. Langzaam trok de lucht dicht en in de loop van de dag zou het gaan druppelen onder toenemende wind en tegen 17.00 uur was het echt regen. 

Omstreeks 12.30 uur zijn we op pad gegaan. De eerste stop was Tormiston Mill. Daar ontdekten we dat een bezoek aan Maeshowe alleen mag in een excursie met een gids en dat er niet gefotografeerd mag worden. Alexander is teleurgesteld. Hij geniet graag in alle rust van een dergelijk monument. Maeshowe is de grootste Neolitische (steentijd) graftombe van de eilanden.  Na enige tijd besluiten we toch maar met de excursie mee te gaan. De gids is een jonge dame die na iedere reactie van uit haar publiek, 13 in getal, reageert met “cool”! Ze vertelt al giechelend haar verhaal en plaatst Maeshowe in de context van de andere sites in de omgeving: The Stones of Stenness, Barnhouse village, waar Carola even aan de prehistorische haard heeft gezeten, en The Ring of Brodgar en the Ness of Brodgar. Al deze locaties hebben we vandaag bezocht.

orkney 003

De grootste Neolitische (steentijd) graftombe van de eilanden: Maeshowe!

orkney 004

Vlakbij de steencirkel van Stennes lag het uit de late steentijd daterende nederzettinkje Barnhouse village, genoemd naar de nabij gelegen boerderij. De nederzetting bestond uit tenminste 13 gebouwen. Wat opvalt is dat op al deze locaties bezoekers zijn. Dit is heel anders dan op de Shetlands waar we bijna zonder uitzondering in rust en alleen van dit soort sites konden genieten. Hier is het wachten tot zich een dergelijk moment voor doet. Alexander zal er even aan moeten wennen.

orkney 005

Eén van de stenen van de steencirkel van Stennes, niet bepaald kleine steentjes te noemen.

orkney 006

Vlakbij de steencirkel van Stennes lag het uit de late steentijd daterende nederzettinkje ‘barnhouse village’, genoemd naar de nabij gelegen boerderij. De nederzetting bestond uit tenminste 13 gebouwen waarvan hier op de foto de grootste te zien is.

orkney 007

Carola warmt haar handen aan de haard op deze koude, winderige dag.

orkney 008

De 5 overgebleven stenen van de steencirkel van Stennes. Toen de cirkel meer dan 5.000 jaar geleden werd aangelegd bestond deze uit 12 rechtopstaande stenen. Hoewel er geen geschreven bronnen bestaan, heeft onderzoek op de locatie uitgewezen dat deze cirkel vermoedelijk gewijd was aan het vieren van het leven. Dit in tegenstelling tot de nabij gelegen ring of Brodgar (ook een steencirkel) die geheel gewijd was aan de dood.

The Ring of Brodgar is indrukwekkend. 27 staande stenen, meters hoog en tonnen zwaar. De Ring heeft een doorsnede van 104 meter. Het geheel is nog eens omgeven door een ruim 10 meter brede en 3 meter diep in de steenbodem uitgehakte greppel. Een enorm werk van de prehistorische bewoners van de Orkney’s. Tijdens ons bezoek aan the Ring of Brodgar werd de locatie ook bezocht door een fotograaf met een bruidspaar. Een wat oudere man geheel in Orkney stijl, inclusief dolk in zijn kousen en zijn bruid die met blote armen de regen en koude wind trotseerde.

orkney 009

orkney 010

8 stenen die samen met de 19 andere nog overgebleven stenen de Ring of Brodgar vormen. Oorspronkelijk bestond de ring uit 60 stenen die gezamenlijk een vrijwel perfecte cirkel vormden met een diameter van ruim 104 meter! Het geheel is nog eens omgeven door een ruim 10 meter brede en 3 meter diep in de steenbodem uitgehakte greppel.

De Ness of Brodgar was een afgedekte lopende opgraving. Zeker iets voor een volgende vakantie. De opgraving gaat verder als wij al weg zijn. Toen om 17.00 uur de regen in intensiteit toenam, zijn we doorgereden naar Stromness op zoek naar een werkende pinautomaat en een restaurant. Daar maakte ik een lelijke val op de schouder die mij al weken laat afzien. Met behulp van Alexander ben ik overeind gekomen. Toen dachten Alexander en Carola dat ik even niet volledig bij bewustzijn was omdat ik niet op hen reageerde. Alexander is toen hulp gaan halen in een nabij gelegen café. Die kwamen onmiddellijk, maar ik was onder de goede zorgen van Carola weer geheel tot mijn positieven gekomen en had de trilling van mijn handen weer onder controle. Zelf had ik niet het idee dat ik even weg was geweest. Maar de pijnscheut was wel hevig geweest. Dan heb ik soms minuten nodig om alles weer op orde te krijgen. Ik maakte vermoedelijk een misstap op het gladde stoepje.

In het café met een warme beker chocolademelk ging het rap beter. Het verkleumde geradbraakte lijf had het nodig. Na een half uurtje zochten we in hetzelfde gebouw, het Hotel Stromness, het restaurant op. De bediening was vriendelijk. De dienstertjes zouden wel zusjes kunnen zijn. Het restaurant was op enig moment bijna volledig bezet. De tent draaide goed. Als voorgerecht namen Carola en ik de linzensoep (dik, warm en vullend). Alexander ging voor de “prawn bites” ze smaakten hem uitstekend. Als hoofdgerecht ging ik voor de gegrilde “haddock”. Ik koos bewust voor iets licht verteerbaars, ik had er geen spijt van. Carola ging voor de “sirlion steak”. Een stevig stuk vlees dat haar goed smaakte. Alexander ging voor de “seafood grill”. Het bleek een schotel te zijn met een halve kreeft, drie stukken zeeduivel, een drie coquilles.

orkney 011

Zo’n bordje uit zee gaat er wel in

Het smaakte hem meer dan uitstekend. Carola en Alexander namen ijs van de eilanden als toetje. Het bleek wel lekker maar niet zoals het romige Hertogs ijs dat ze in Nederland gewend zijn. Samen met de drankjes koste dit alles nog geen 80 pond. Dit restaurant is zeker een herhaald bezoek waard. Toen ik het adres zag, wist ik dat dit een reden had. Het adres was “Pier Head”! De naam van het restaurant in Lower Voe op de Shetlands waar we de twee laatste vakanties bijna alle keren aten. De reis naar ons huisje in Finstown verliep uitstekend. Buiten wat problemen met mijn linker schouder had ik geen problemen met autorijden.     

18 mei
De dag begon grauw met wat mist rond de heuveltoppen en wat motregen. Tegen tien uur werd het droog en in de loop van de dag werd het steeds lichter en tegen drie uur in de middag kregen we steeds vaker de zon te zien.

Tegen 12.00 uur vertrokken we over de A965 richting Stromness bij de afslag naar de A964 zagen we een bordje richting een chambered cairn (tombe) Unstan het was de wandeling zeker waard.

orkney 012

De binnenkant van de tombe van Unstan. De meeste van deze ondergrondse tombes zijn in de 19e eeuw opengebroken door het dak eraf te slopen. Soms is dit later hersteld maar vaak werd er, zoals ook hier, een cementen dak overheen geconstrueerd.

We vervolgden de A964 richting Houton op deze route en stopten bij de afslag (Ireland Road) waar Alexander en Carola een oude watermolen bekeken.

orkney 013

De oude watermolen van Eyrland Mill langs de weg naar Houton

orkney 014

Buitengewoon humoristisch bord, misschien een idee voor Bergen op Zoom?

Vlak na Houton stopten we om te genieten van het uitzicht over de baai Scapa Flow, die in beide wereldoorlogen zo belangrijk was als ‘veilige’ thuishaven voor grote delen van de Britse vloot. Via de Gyre Road bereikten we de Orphir Round Kirk de restanten van een ronde kerk die omstreeks 1120 gebouwd was. Daar bezochten we ook het bezoekerscentrum en verbaasden ons er weer eens over dat een dergelijke voorziening onbemand en goed ingericht  heel en schoon blijft en bij ons in no time leeg geroofd zou zijn.   

orkney 015

Het enige wat nog resteert van de oude kerk uit 1120

Bij Orphir kwamen we weer op de A964. Aan de zuidkant van de weg ter hoogte van Hobbister zette ik Carola en Alexander af. Zij maakten een mooie natuurwandeling door het National Nature Reserve naar de volgende parkeerplaats langs de A964. Waar ik, na een poosje wachten, ze een stukje tegemoet ben gelopen.

orkney 016

Het uitzicht op de kliffen van Hat, Starabir, Moo Cliff en Roo Point

Verder over de A964 tot de afslag Bloomfield Road. Deze weg vervolgden we tot de Old Finstown Road. We gingen links af en vrijwel direct weer rechtsaf een weg op die ons zou voeren naar de Wideford Hill tombe. We reden echter eerst door tot de top van de heuvel (225 meter hoog) om te genieten van het panorama en het mooie zicht op Kirkwall. Voor de vergezichten zeker aan te bevelen. Daarna maakten Alexander en Carola de wandeling over de hellingen naar de tombe van Wideford Hill. De berg met zand die ooit over de tombe heen lag, is in de veertiger jaren van de 19e eeuw, toen de tombe werd ontdekt, verwijderd.

orkney 017

Halverwege de helling van Wideford Hill ligt verscholen in het veen, de Wideford Hill tombe. De berg met zand die ooit over de tombe heen lag is in de veertiger jaren van de 19e eeuw verwijderd toen de tombe werd ontdekt

orkney 018

Omdat de originele ingang van de tombe eigenlijk te smal is, zit er tegenwoordig in het dak van de tombe een luik. Carola verdwijnt hier langzaamaan in de diepte.

Alexander had nog meer plannen maar mijn maag voert de boventoon en we reden naar Stromness naar het restaurant van gisteren. Ook de kinderen hadden honger. Alexander bestelde twee voorgerechten, de ingepakte garnalen van gisteren en een krabsalade. De krabsalade was heerlijk vers, maar Alexander is geen liefhebber van de schaaldelen die er ook in voorkwamen. Carola nam een soort champignonschotel die ze zich goed liet smaken. Ik nam de ingepakte garnalen die Alexander gisteren zo waardeerde. Ik was het met hem eens. Als hoofdgerecht nam Alexander een tongfilet en Carola een kipfilet, beiden voldeden aan de verwachtingen. Ik nam de sirloin steak en ook die smaakte goed. Nu geen nagerecht maar de kinderen namen een drank je na. Carola thee en Alexander een 25 jaar oude Highland Park whisky. Het geheel kwam op 85 pond. Na half negen ‘s avonds kwamen we weer thuis en belden Ank. 

19 mei
De dag begon wat heiig en met lichte regen. Tegen elven werd het lichter en vielen er zo nu en dan wat druppels. Om 14.00 uur was het geheel droog en kwam de zon definitief door. Het werd een voor de Orkney’s mooie dag. Omstreeks 12.00 uur vertrokken we om via de A965 richting centrum Finstown te gaan. Met een kerk, twee kappers en een kruidenierswinkeltje en een Take Away. In het centrum de afslag genomen naar de A966. Vanaf de A966 namen we de eerste afslag naar rechts. Door gereden tot North Wald en daarna terug naar de A966. Toen de tweede (verharde) afslag rechts genomen richting Gorseness. Op deze weg de eerste afslag naar rechts genomen om via een dicht bij de kust gelegen route uit te komen bij een boerderij genaamd South Aittit. Nabij die boerderij bevindt zich een begraafplaats met de restanten van een kerkje uit 1732.

orkney 020

Het nog steeds in gebruik zijnde kerkhofje met daarop de ruïne van de kerk van South Aittit uit 1732

orkney 021

De earl of de laird mocht via de poort het kerkhof op. Het gewone gepeupel moest echter gebruik maken van in de ommuring aangebrachte trapstenen. Ook wij vonden dat we beter op deze manier het kerkhof konden betreden.

Alexander en Carola gingen daarna op zoek naar de mogelijke restanten van de Knowe of Dishero, een broch die meer dan 2.000 jaar geleden werd gebouwd. Wel gevonden maar het stelde niet veel voor. De wandeling eindigde wel met natte schoenen en sokken want hun besluit via de kust terug te keren, liep niet geheel naar wens.

orkney 022

De resten van de Knowe of Dishero, een broch die meer dan 2.000 jaar geleden hier aan de kust is gebouwd. Helaas was er weinig meer van over, maar om de nog in de grond aanwezige resten tegen afkalving te beschermen is deze muur langs de rand gebouwd.

Daarna via Gorseness gereden naar de Hall of Rendall. Daar bevindt zich een dovecote (duiventil) gebouwd in 1648, een zeldzaamheid in Schotland. De binnenkant van de duiventil biedt plaats aan honderden duiven en getuige de enorme hoop duivenpoep op de vloer is deze nog steeds in gebruik. Een merkwaardig gebouw dat een bezoek zeker waard is.

orkney 023

Een enorme stenen duiventil uit 1648. Een zeldzaamheid in Schotland.

orkney 024

In de duiventil

Daarna zijn we doorgereden naar Tingwall, waar de ferry vertrekt naar Rousay, Egilsay en Wyre. Daar hebben we de loslopende kippen bewonderd, die zich van de nabijheid van een poezenbeest niets aantrokken.

Toen terug naar de A966 en verder naar het noorden doorgereden tot de afslag naar de Broch of Gurness en de daaromheen gelegen nederzetting uit het begin van onze jaartelling. Een locatie met een mooi uitzicht over de Eynhallow Sound met voor ons merkwaardig rotsformaties aan de kust. De rotsen eroderen daar als ware het plakken kaas die één voor één loslaten. Deze broch en de aangesloten bebouwing geven een mooie inkijk in de ontwikkelingen ter plaatse. Alexander genoot en maakte vele foto’s.

orkney 025

Broch of Gurness. De verdedigingsmuur en greppel rondom de nederzetting.

orkney 026

Toen de broch en het dorpje al lang verdwenen waren is op dezelfde plek een Viking vrouw begraven. De resten van haar bootvormig graf waren nog een beetje zichtbaar.

orkney 027

Resten van de vele huizen rondom de broch met een mooie haard in het midden.

orkney 028

Louis en Carola in de toegangspoort van het brochcomplex

orkney 029

De buitenste verdedigingsmuur en greppel rondom de nederzetting.

Leuk was een gesprek wat ik had met een Canadese die een archeologe bleek te zijn. Alexander nam met genoegen het gesprek over, toen bleek dat ze, nadat ik had vermeld dat hij archeoloog was, hem wilde adopteren. Ik was volgens haar een goede vader omdat ik jaar na jaar met hem op stap ging op archeologische vakanties. Ze kon leuk vertellen over haar archeologische werkzaamheden in Canada.

Het liep tegen zessen toen we ons over de A966 terug spoeden naar Finstown om boodschappen te doen bij de plaatselijke kruidenier. Toen door naar ons vertrouwde adres in Stromness. We gingen daar nog op zoek naar een brievenbus, die we niet vonden. Daarna de ansichtkaarten in het hotel waar we eten bij de receptie gepost. Zij zullen er voor zorgen dat ze afgegeven worden in het winkeltje dat klaarblijkelijk als postkantoor functioneert. Bij het eten gingen we deels op herhaling. Als voorgerecht aten Carola en ik een bosuitjessoep. Ik vond het best lekker. Carola liep niet over van enthousiasme. Alex nam een dubbel portie van de prawn bites. Ik mocht er ook één. Alex ging voor het hoofdgerecht voor de seafood grill die weer met groot enthousiasme werd genuttigd. De kreeft en de zeeduivel en de coquilles hadden niet voor niets hun leven gegeven. Carola ging voor een lamsgerecht wat haar tegen viel. Met name de muntsaus viel niet in de smaak. Ik nam de Orkney sole. Deze tong en saus smaakte uitstekend en dat allemaal voor ongeveer 75 pond. 

20 mei
Vandaag begon wat mistig. Tegen het eind van de morgen kwam de zon steeds vaker door. De wind werd in de loop van de dag stormachtig. Het was vrijwel de hele dag droog. We vertrokken omstreeks 11.00 uur over de A965 richting centrum Finstown. Daar namen we net als gisteren de A966. Ter hoogte van Georth gingen we rechtsaf richting de kust naar het strandje genaamd Sands of Evie. Carola en Alexander gingen wandelen richting de restanten van de Knowe of Stenso, een broch waarbij het op de luchtfoto leek of er mogelijk nog wat te zien was, maar die alleen via het strand en de rotsen bereikbaar was. Ze keerden terug met verhalen over waargenomen zeehonden, drie in getal, die tegen de wil van een aalscholver een eilandje in gebruik wensten te nemen en dat uiteindelijk ook deden.

orkney 031

Drie zeehonden die verwoede pogingen deden om een aalscholver te verjagen van het stukje rots waarop ze lagen.

Ik verbaasde mij over de aard van de kustverdediging ter plaatse. Oude en nieuwe staalkabels en kettingen waren tot een soort mat in elkaar gevlochten en over een afstand van meer dan 200 meter tegen de eroderende zanderige kust aangebracht om afkalving te voorkomen. Zelfs de strekdammen zijn gemaakt van lokale steenblokken.

orkney 030

Wat mij ook verbaasde was dat mensen met honden, ook in een buitengebied, de hondenuitwerpselen trouw opruimden. Ook hier vast geïnspireerd door een bordje, dat we een aantal dagen geleden ook al tegenkwamen, en dat opriep mensen te melden die zich niet aan die regels zouden houden met als beloning schone voeten!

Na de wandeling keerden we terug naar de A966 die we vervolgden en we stopten bij een melkveebedrijf genaamd Burgar. Daar achter lagen de restanten van een broch. Via het erf en de weilanden van een melkveehouderij bereikten Alexander en Carola de broch. Ook hier zagen ze twee zeehonden.

We vervolgden de A966 en stopten bij een wandelpad. De kinderen besloten het pad te volgen de Costa Hill (151 meter) op. Met op de top een object genaamd Ernie Tower, vermoedelijk de restanten van een radio- of radarpost uit de tweede wereldoorlog. Ze vonden het een fijne wandeling met prachtige uitzichten. Ze daalden buiten het pad, rechtstreeks door de veenhelling af.

orkney 032

Schitterende uitzichten met op de achtergrond de kliffen van Ramna Geo

We vervolgden de A966 en namen de afslag naar de A967. We stopten bij de Barony Mills, een in bedrijf zijnde watermolen. We werden hartelijk door de molenaar ontvangen die een goede verteller bleek. Hij legde alles uit over de granen die in Orkney verbouwd worden en door hem in zijn molen gemalen. Carola mocht de molen aanzetten en ik uiteindelijk weer uit. De molen en zijn molenaar zijn een bezoek zeker waard. Ik doneerde 10 pond, want dat was het bezoek zeker waard. De koekjes van Orkney meel smaakten uitstekend. Alexander deed ook wat kennis op over de waarde van sommige typen/kwaliteiten van oude uit Frankrijk afkomstige molenstenen. De waarde kan tot 200.000 euro op lopen.

orkney 033

De watermolen van Barony Mills

orkney 034

In de watermolen

We keerden terug naar de A966 en reden naar “Point of Buckquoy”. Daar parkeerden we onze auto. De Brough o’ Birsay een eilandje voor de kust, dat alleen met laag water bereikbaar is, was nog niet bereikbaar. We hebben ongeveer een uur gewacht. Toen waren Carola en Alexander de eersten die de overtocht waagden. Ik ging niet mee omdat het ‘pad’ grotendeels door zeewier was overwoekerd en het geheel heel glad maakte. Ik kon ze wel met de kijker lang volgen. Eenmaal aan de overkant werden de restanten van een Keltisch klooster, een Viking nederzetting, een kathedraal en een bisschoppelijk paleis bezocht. Op enig moment ging mijn telefoon en Alexander vroeg of ze ook nog naar de vuurtoren op het eiland mochten lopen op Brough Head. Ik gaf met de bemerking niet te treuzelen toestemming. De bereikbaarheid van het eiland is immers maar enkele uren en ik wou ze graag heel en droog weer in de auto hebben. Ik kon ze op 14 minuten na de gehele tijd middels de kijker in de gaten houden. Ze kwamen tegen 18.00 uur weer bij de auto. Ruim op tijd.

orkney 035

Het pad naar Brough o’ Birsay.

orkney 036

De resten van de kathedraal binnen het bisschoppelijk paleis.

orkney 037

orkney 038

Vanaf het eiland zijn duidelijk de kliffen van Marwick Head te zien met daarop het enorme Kitchener Monument

orkney 039

Het uitzicht vanaf de vuurtoren was adembenemend.

orkney 040

Onder deze diepe kloof zou zich een uitgebreid grottenstelsel bevinden.

We gingen weer op Stromness aan. Via de A967 en de A965 kwamen we omstreeks 18.45 uur  in Stromness aan. De kinderen bekeken de kaart van de Ferry Inn en wilden eigenlijk wel eens een ander restaurant bezoeken. Ik heb dat voor morgen toegezegd. Vandaag toch weer het vertrouwde Stromness Hotel. Ik ben niet zo van veranderen als het goed is. De kinderen gingen voor de kipsalade, ik voor de champignons Crostini. Wat opviel was dat de salade geen sla bevatte. We vroegen de bedienster een foto te maken, een taak die ze graag vervulde.

orkney 40a

Als hoofdgerecht ging ik voor de grilde kip, Alexander voor de biefstuk en Carola voor de “Steak Pie”. Carola vond het gestoofde gerecht, wat qua vlees op het Bergse stoofvlees leek, heerlijk. De biefstuk was heerlijk mals en Alexander genoot er van. Ook de gegrilde kip was lekker. Samen met de drank was het nog geen 70 pond. Omdat de kinderen het koud hadden, het vele lopen en de harde wind hadden hun tol geëist, werd er geen nagerecht of drankje meer genomen. Omdat ons dienstertje niet wist hoe de rekening werd opgemaakt, kwamen we er achter dat de altijd aanwezige dienster Barbara heette en ze ondanks onze vermoedens geen dochter was van de dame achter de bar.  

Vlak bij huis dacht Alexander een duikboot op een nabij ons huisje gelegen parkeerplaats gezien te hebben. Bij thuiskomst bedacht Alexander dat hij dat eerst wilde onderzoeken en ondanks zijn wens zijn schoenen snel uit te trekken besloten ze dat de ‘duikboot’ onderzocht moest worden. Ik geloofde het wel en zocht met een boek de makkelijke stoel op. Ze kwamen snel weer terug. De ‘duikboot’ bleek een deel van een windmolen op een oplegger. De schoenen konden uit. Alexander viel al snel op de bank in slaap. We besloten onze bedjes maar op te zoeken.  

21 mei
De hele dag regen en storm. Pas tegen de avond werd het droog maar de zon heeft zich niet laten zien. Dit keer aten we niet in het ons vertrouwde restaurant maar werd gekozen voor ‘The ferry inn’, ook in Stromness. De buitenkant van dit restaurant was weinig uitnodigend. De binnenkant verraste ons zeer. Het heeft de sfeer en inrichting die je verwacht in een restaurant in een jachthaven. Met veel zeilattributen, foto’s van schepen en veel bruin glanzend afgelakt hout. Zoals je dat zou verwachten in een luxe zeiljacht.

De bediening was vriendelijk. Ik koos voor een chowder een dikke vissoep met het karakter van een stoofpotje. Het smaakte uitstekend. Alexander koos voor “scallop medley” het was een klein weinig voedzaam voorgerecht. Een scallop in vieren gesneden in een nogal overdadige hoeveelheid knoflook met wat salade. Carola koos voor de “Grimbister Cheese”. Het best te omschrijven als kaas met een gepaneerd korstje met een salade. Het smaakte haar wel. Als hoofdgerecht koos Alexander voor de “Dijon chicken”. Een groot stuk malse kip, die hem goed smaakte. Carola had gekozen voor de “Orkney burger”. Wat een burger! Een bom vlees tussen een broodje omlijst met verse zelf gesneden frites en groenten. Zelfs Carola, een eetster die ons, qua te absorberen hoeveelheden steeds verbaasde, had er moeite mee. Maar uiteindelijk ging het buitengewoon smaakvolle stuk vlees er geheel in. Geen ‘burger’ is haar de baas! Ik koos voor de zeebaarsfilet. De vis smaakte uitstekend. Maar hij lag op een bedje van wat zurige fijn gekookte tomaten. Dat had van mij niet gehoeven. Wat ik in het gerecht niet begreep was de in lange reepjes gesneden groente. Ik denk het groen van bosuitjes. In je mond voelde dat als een graatje. En dat heb ik liever niet als je een vis eet. Dat alles voor nog geen zeventig pond.  

22 mei
Het weerbericht voorspelde tegen 16.00 uur regen. Buien zouden er de hele dag zijn, net als de stormachtige wind. Vandaag om circa 11.00 uur de A965 genomen richting Stenness. Daarna de afslag B9055 richting de Ring of Brodgar, waar Alex nog foto’s moest nemen van de publicatieborden. Toen doorgereden naar de Ring of Bookan. Dat bleek niet meer dan een grondwal. Na de ring of Bookan de afslag naar links genomen richting Voy. Toen via de A967 richting Birsay naar de ruïnes van het paleis van Earl Robert. Het is gebouwd tussen 1569 en 1574 en heeft maar kort gefunctioneerd, want rond 1700 was het reeds vervallen. Deze ruïnes werden bekeken.

orkney 041

De resten van het paleis van Earl Robert.

orkney 042

Mooi doorkijkje bij de resten van het paleis van Earl Robert.

Alexander en Carola zijn toen langs de kust naar het zuiden gewandeld langs Mount Misery. De ‘mount’ was niet meer dan een in het landschap nauwelijks waar te nemen heuveltje. Op een punt nabij de kust op de B9056 pikte ik ze weer op. Bij Cumlaquoy zette ik ze weer af waarna ze een heuvel beklommen naar Marwick Head waar zich het enorme Kitchener Memorial bevond. Dit is een monument ter ere van Lord Kitchener. Deze metershoge toren kijkt uit over de kliffen waar op 5 juni 1916 Lord Kitchener samen met 643 andere bemanningsleden van het schip HMS Hampshire verdronken, nadat het schip op een losgeslagen mijn was gelopen.

orkney 044

Het monument ter ere van Lord Kitchener boven op de klif.

 

orkney 043

Monument ter ere van Lord Kitchener.

Wij Nederlanders zien hem niet als een held maar als een oorlogsmisdadiger, omdat hij in de Boerenoorlog (rond 1900 in wat nu Zuid-Afrika heet maar toen Oranjevrijstaat) eigenlijk de uitvinder was van de tactiek van de verschroeide aarde en concentratiekampen. Hij brandde, omdat hij niet kon winnen, alle boerenhoeven, oogsten en dorpen plat en voerde de boeren en hun gezinnen af naar concentratiekampen waar velen van honger en uitputting stierven. Ik bleef in de auto en reed naar de parkeerplaats aan de kust bij Marwick. Alexander en Carola bezochten tijdens een flinke regenbui en een noordwester storm de kliffen van Marwick Head. Na een uur of twee zaten de kinderen weer in de warme auto. Toen reden we via de B9056 weer richting het zuiden. Alexander en Carola hebben op die route nog gezocht naar een tombe op de Hill of Cruaday, maar niet gevonden.

orkney 045

Alexander heeft zijn eigen ‘Standing Stone’ geplaatst. Voor de liefhebber: hij is terug te vinden op het strand van Marwick Choin.

We gingen op ons huisje aan om daar de voorspelde regen af te wachten. Deze kwam echter niet. Onderweg werd nog een foto gemaakt van een bijzondere zijgevel van Anvil Cottage.

orkney 046

Omstreeks 18.30 uur gingen we naar ons vertrouwde adres in Stromness. Het viel gelijk op dat de parkeerplaats overvol was en dat er iets aan de hand was. Het bleek een Folk Festival te zijn. Het restaurant was afgeladen en voor het eerste half uur was er geen plaats voor ons. We zakten af naar het café op de begane grond. Alexander dronk daar zijn eerste Scapa, een whiskey van de eilanden. Na een half uur was de beste tafel van het restaurant vrij een kregen we de kaart. Deze was vanwege de drukte van het vierdaagse festival fors ingekort. Ik nam geen voorgerecht. Alexander nam de linzensoep en Carola een (nieuw) kipgerecht. Wij allen proefden van haar bord en vonden het heerlijk. Alexander en ik gingen voor de forse fillet steak die, net als eerder, bij Alexander heerlijk smaakte. Carola ging voor de rump steak, die haar smaakte. Voor de steaks kregen we een juskom pepersaus. We hadden deze extra besteld. Alles was in het restaurant net wat anders. Ook de eters die waren anders, het werden steeds meer muzikanten. Ook de vertrouwde servetten hadden een kleur gekregen en waren van papier geworden.

Omstreeks 21.00 uur gingen we zonder de voorspelde regen gezien te hebben weer op huis aan. De kinderen verleidden mij wel met de auto een rondje te maken door de nauwe en steile straatjes van Stromness. Het lukte wonderwel. 

23 mei
De hele dag was het grauw en grijs met buien en motregen en soms even droog. Dit alles met de nodige wind. Het ziet er voor morgen beter uit. We besloten naar Kirkwall te gaan. We vertrokken omstreeks 13.00 uur. Parkeerden de auto nabij de haven en liepen naar het centrum. Bezochten eerst het toeristenbureau en kochten daar wat souvenirs. Kochten voor Alexander een goed jack en liepen door de winkelstraat. Kirkwall is een echt stadje met de nodige winkeltjes met soms, voor ons, vreemde producten te koop. Wat te denken van een balkrabber? Vreemde jongens de Schotten!

orkney 047

Wat we ook veel tegen kwamen waren take a way’s. Kirkwall heeft een aantal monumenten die een bezoek zeker waard zijn, waaronder een museum. Het was wel even opletten want aan de buitenkant wijst weinig er op dat hier iets is wat een bezoek waard is. Zoals in de UK gebruikelijk is, was de entree gratis. Het bleek een kruip-door-sluip-door gebouw met veel plekken waar op je op je hoofd moet letten. Maar de expositie gaf een mooi beeld van met name de bewoningsgeschiedenis van de eilanden. Met heel veel opgravingsvondsten. Een bezoek zeker waard.

Wat meer dan één bezoek waard is, is de Sint Magnus kathedraal. Gebouwd in de 12e eeuw. Zowel van binnen als van buiten een prachtig gebouw met heel veel glas in lood ramen en veel steenwerk en oude grafzerken.

orkney 048

De Sint Magnus kathedraal

orkney 052

Een doopvont in de Sint Magnus kathedraal met uit elke parochie een opgeraapte steen.

orkney 049 orkney 050 orkney 051

Het gebouw is grotendeels uit de lokale zandsteen opgetrokken. Een relatief zacht materiaal wat in wind en regen makkelijk erodeert. Een steenwerker is dan ook in vaste dienst om het gebouw te onderhouden. Tijdens ons bezoek was een dame in de kerk aanwezig die aanspreekbaar was voor alle vragen, die ze uitgebreid beantwoordde. Geen gids in de traditionele zin maar gewoon iemand die op een stoel als alle andere zat, maar die de uitstraling had van: heb je iets te vragen kom bij mij. Voor mij zou een bezoek aan dit gebouw al een bezoek aan Orkney waard zijn.

orkney 053

Overduidelijk is de erosie te zien

Ook restaurants hebben geen gillende uithangborden aan de gevels. We hadden moeite om iets te vinden dat meer in de aanbieding had dan snelle happen. Uiteindelijk besloten we te gaan eten in Dil Se. Een Indiaas restaurant. Als voorgerecht kozen we allemaal voor typisch Indiase gerechten. Hoewel niet naar ieders smaak was de kwaliteit goed. Voor het hoofdgerecht koos Alexander weer voor een Indiaas gerecht wat hem uitstekend beviel. Carola en ik kozen voor een vertrouwde steak. Dat was geen succes. Die van Carola was, hoewel mishandeld, nog wel acceptabel. Die van mij was nauwelijks eetbaar. Taai en te ver doorgebraden en de omlijsting (gebraden ui met champignons) deels aangebrand. Het advies ga daar vooral eten als je van gekruid Indiaas eten houdt, maar als je denkt: ‘ik doe wel mee met gewone kost’, bedenk je dan tweemaal of je wel voor de gezelligheid mee moet gaan.     

24 mei
Vandaag was een mooie dag. Geen regen en afnemende wind. Er was zelfs een moment dat we bij het buiten komen het warm vonden. Vermoedelijk was het wel 12 graden. Vandaag moesten we om uiterlijk om 10.00 uur ons huisje uit zijn. De verhuurster zal onze koffers verplaatsen naar onze appartementen. Waar we na 15.00 uur in kunnen.

Omstreeks 10.00 uur vertrokken we naar Skara Brae. Een neolithische nederzetting die tussen 3100 voor Christus en 2500 voor Christus bewoond was. Het is het oudste bekende dorp van Europa en bestond uit ongeveer 10 huisjes en een werkplaats gelegen aan een straatje. De restanten werden in 1850 ontdekt na een zware winterstorm die veel duinzand verplaatste. De Skara Brae locatie bestaat uit een bezoekerscentrum met een expositie, een nagebouwd neolithisch huisje en het opgegraven dorp. Skara Brae is een bezoek en de entreegelden zeker waard. Onderstaande foto’s geven een aardig beeld van Skara Brae.

orkney 054 orkney 055 orkney 056 orkney 057 orkney 058 orkney 059 orkney 060 orkney 061

orkney 062

Een fotogenieke mus in Skara Brae

Nabij de locatie ligt ook Skaill House. Het betreft een buitenplaats waarvan de bouw gestart is in de 17e eeuw en later steeds verder werd uitgebouwd. Het begon als een gebouw van het graafschap, maar ging in 1615 over naar de Bisschop en later op één van zijn zonen de eerste Laird van de buitenplaats. Ook dit huis, dat gedeeltelijk is opengesteld, is een bezoek waard.

orkney 063

Alexander kon geen genoeg krijgen van de vele historische boeken in de bibliotheek van Skaill House

Voor het eten gingen we naar ons bekende adres hotel Stromness. Onderweg tankten we en deden we inkopen bij een coöperatieve supermarkt.

Het centrum van Stromness was druk met veel muzikanten, die soms spontaan op straat muziek maakten. Het restaurant was afgeladen en vulde zich ook met de muziek van een jamsessie. Het was nu een gelukje dat we de dienstertjes goed kenden en zij ons. Toen er een plaatsje van twee vrijkwam kregen we de tafel en werd er een stoel bijgeschoven terwijl ik echt niet zeker weet of we wel aan de beurt waren. Maar wij waren blij met het plekje vlakbij de muziek waarvan Alexander makkelijk foto’s van kon maken. Alexander kon gaan genieten van de Folkmuziek die in allerlei varianten ten gehore werd gebracht. Carola en Alexander namen het voorgerecht tempura kip. Het smaakte ze uitstekend. Ik nam geen voorgerecht. Als hoofdgerecht namen Alexander en ik de filet steak. Het smaakte als vanouds. Carola nam een pastagerecht wat haar goed smaakte. Na afloop van het eten bleven we wat langer zitten en kon Alexander genieten van een 25 jaar oude lokale whisky.

orkney 064

Voor de nodige muziek tijdens het eten werd gezorgd

orkney 065

Avondmaal in een gezellige sfeer

Toen we het restaurant verlieten probeerden we te doorgronden hoe het festival qua kaartverkoop, locaties en tijden werkte. We konden het systeem (indien er sprake is van een systeem) niet doorgronden. Carola wilde het graag vragen aan de feestgangers ondanks, volgens eigen zeggen, haar beperkte Engelse taalkennis. Ze sprak een wat oudere man op een bankje aan die van een glaasje wijn zat te genieten. Deze bleek het allemaal niet te weten. Zijn excuus ‘I’m from Wales’. Later verzamelde zij al haar moed en sprak ze een als muzikant herkenbare jongeman aan onder het motto: hij zal toch wel weten hoe het werkt! Hij bleek afkomstig uit Noorwegen en had geen idee. Zij een ervaring rijker en met de wetenschap dat ze veel beter met Engels uit de voeten kan dan ze zelf dacht.

We zochten onze appartementen op en mochten ervaren wat het is om uit je huis te kijken terwijl de golven er tegenaan klotsen. Naar schatting drie a vier meter onder je raam ruiste de zee. Het zijn aardige appartementen. Alleen wifi werkt niet zoals we graag zouden willen. Maar dat hebben we op vakantie wel vaker moeten ervaren.  

25 mei
Vandaag was ons mooi zonnig weer voorspeld, het viel tegen. Het bleef wel droog maar het duurde tot omstreeks 16.00 uur voordat de zon echt doorbrak. Ook de harde wind maakte het niet echt aangenaam. We reden naar de Bay of Skaill voor een wandeling naar de Hole o’Row en Row Head. Ik ben tot de voet van de heuvel met Alexander en Carola mee gelopen en heb daar op ze gewacht. De wandeling duurde langer dan gedacht. Daarna zijn we naar het bezoekerscentrum van Skara Brae gelopen om met thee, warme chocolademelk en stevige chocolade cake weer op temperatuur te komen.

orkney 066

Bay of Skaill

orkney 067

Bay of Skaill

We vervolgden met een rit naar een parkeerterrein nabij Yesnaby van waar de kinderen liepen naar de Broch of Borwick. Op zich een interessante plek waar ik gelijk in het beton de oude kanonopstellingen zag, die daar gedurende WO II de kust en de toegang tot Scapa Flow (plek waar het grootste deel van de Engelse vloot lag en het slagschip de Royal Oak in 1939 door de Duitsers werd getorpedeerd en zonk) moesten beschermen.

orkney 068

Broch of Borwick

orkney 069

Konijnen in overvloed op de Orkney eilanden. Op het menu zijn we ze nog niet tegengekomen

Toen was de dag weer ver om en reden we naar Stromness naar ons vertrouwde adres het restaurant van Hotel Stromness. Het dorp was afgeladen en we moesten een eind van onze vertrouwde plek parkeren. Het Folk Festival was nog in volle gang. Ook in het restaurant was er weer een jamsessie waar soms tot 12 muzikanten aan meededen waaronder op enig moment zes strijkers. Het was genieten en Alexander maakte foto’s en filmpjes. Het eten was als van ouds en we probeerde geen nieuwe gerechten We bleven langer dan gebruikelijk. Daarna wilden Alexander en Carola de sfeer in het dorp verder proeven. We spraken af waar we elkaar weer zouden ontmoeten en ik ging een wandelingetje maken. Later bleken Carola en Alexander dat ook gedaan te hebben. 

26 mei
Hoewel de zon was beloofd, bleef het de hele dag somber en winderig weer. Het bleef wel droog. Je kon vanaf de kust zien dat boven zee, op pakweg een 500 meter afstand, de zon wel scheen. Het leek er op dat het land de (laaghangende) bewolking vasthield. Omstreeks 13.00 uur reden we naar het parkeerterrein nabij Yesnaby waar we gisteren ook geweest waren. Alexander en Carola wilden naar Outertown, een locatie nabij Stromness wandelen.

Volgens de borden een tocht van 4 mijl.

orkney 071

Ze deden er bijna 4 uur over. Of de aangegeven lengte klopt valt te betwijfelen. Toen ik ze over de laatste heuvel zag komen, ben ik ze tegemoet gelopen. Ze hadden genoten. Maar voelden hun benen. Onderstaande foto’s geven een aardige indruk van de wandeling.

orkney 072 orkney 073 orkney 074 orkney 075

Ondanks de natte blubberige broekpijpen waren ze in hotel Stromness welkom. Eerst wilden we gaan eten in de Ferry Inn, maar daar bleken alle tafels bezet. Omdat het nog geen zes uur was, wandelden we door Stromness en bleek de boekwinkel nog open. Alexander vond twee opgravingsrapporten en een boek over de zeldzame vogels in Nederland (deels in het Nederlands). Het boek bleek tweetalig. Dat verwacht je toch niet in een boekwinkeltje in Stromness!

De soep van de dag was tomaten/basilicum. Carola en ik gingen ervoor. Alexander had weliswaar een ander voorgerecht (prawn bites) maar een half bord soep van mij ging er ook wel in. Alle drie vonden we de soep heerlijk. Alexander en ik gingen qua hoofdgerecht op herhaling. Carola bestelde Chicken Haggis Crumble. Dat is een soort ovengerecht van kip, champignons, saus en de Haggis Crumble. Haggis is een schapenmaag of runderdarm, gevuld met stukjes hart, long, lever, niervet en havermout. Zo klinkt het niet aantrekkelijk, maar als crumble smaakte het Carola uitstekend. Alexander nam als nagerecht een ‘homemade’ cheese cake. Dit alles met de drank mee voor nog geen 65 pond.  

27 mei
Het was vandaag, qua weer, de mooiste dag tot nu toe. Het begon heiig, maar de zon brak al snel door, zij het wat bleek en dat is de hele dag zo gebleven.

Vandaag zijn we via de A965 richting Kirkwall gereden. Het eerste te bezoeken object was het “earth house Rennibister”, een onderaardse ruimte die via een luik op een boerenerf te bezichtigen was.

orkney 076

In het earth house Rennibister

Daarna gingen we op zoek naar het “Grainbank earth house”. We vonden de locatie op een bedrijventerrein. Het bleek echter alleen toegankelijk met een sleutel te verkrijgen op een adres in Kirkwall. We besloten, gezien het weer, dat mogelijk op een ander tijdstip te doen en eerst te profiteren van de zon om in de open lucht mooie foto’s te kunnen maken. 

Via de A960 gingen we opzoek naar “Mine Howe” een tombe. Het was een teleurstelling de locatie was dicht en het leek erop dat dit al lang het geval was. Het geheel zag er zeer verwaarloosd uit. Het was voor Alexander heel jammer, omdat dit een locatie was waarvan hij een opgravingsverslag had kunnen kopen.

Op de A960 namen we de afslag B9052. Bij het oorlogsmonument voor de gevallenen van de Royal Oak zagen we aan de oostelijke horizon een ander monument dat we besloten te proberen te bereiken. Op de kaart (uit 2002) die we hadden stond het niet. We liepen al snel vast en besloten onze poging te staken. Op die route bezochten Alexander en Carola nog wel een locatie die als “castle” stond aangegeven. Het bleken restanten ten zijn van een klein object. Volgens Alexander kleiner dan zijn slaapkamer.

Via de A961 gingen we over de vier ‘Churchill Barriers’ (verbindingen tussen de eilanden: Lamb Holm, Glimps Holm, Burray en South Ronaldsay) die in opdracht van Churchill zijn aangebracht, nadat een Duitse U boot in 1939 in de baai Scapa Flow doordrong en in staat was het slagschip de Royal Oak tot zinken te brengen en weer te ontsnappen. Deze ‘barriers’ werden aangelegd met het gebruik van veel Italiaanse gevangen die in de Lybische woestijn krijgsgevangen waren gemaakt. Alexander nam veel foto’s van deze ‘barriers’ en de ervoor en erachter afgezonken scheepswrakken, die soms stamden uit WO I en ook toen al dienden om het binnendringen van duikboten te voorkomen.

orkney 077

Churchill Barriers

We reden de A961 af tot de afslag B9041 richting de Tombe of the Eagles. Dat was een locatie waarover ter plaatse uitleg werd gegeven over wat er te zien was. De tombe zelf was alleen te bereiken middels een heel lage doorgang die genomen werd door te gaan liggen op een karretje en jezelf met een touw naar binnen te trekken. Dat leverde best wat bijzondere situaties op. Maar het lukte zelfs mij en uiteindelijk kon Alexander, toen andere bezoekers vertrokken waren, in alle rust zijn geliefde foto’s maken en genieten van het duizenden jaren oude bouwwerk. De locaties, uitleg en wandeling naar de objecten zijn een bezoek en het entreegeld zeker waard.

orkney 078

Ingang van Tombe of the Eagles

orkney 079

Voor deze oude baas een hele klus

orkney 080

….. en dan weer overeind zien te komen

orkney 081

In de Tombe of the Eagles

Tegen de tijd dat we bij de Tombe of the Eagles klaar waren was een andere tombe in de buurt al gesloten. We besloten op de terugweg te gaan eten in de Murray Arms. Een restaurant in het dorpje Sint Margaret’s Hope. Ondanks dat we geen adres hadden gevonden op de folder van het restaurant, konden we het makkelijk vinden.

Als voorgerecht nam ik een garnalen cocktail van Noorse garnalen. Deze smaakte zoals zou moeten. Alexander nam een kipgerecht dat hem goed smaakte en Carola nam een gerookte zalm salade. Dit gerecht was anders dan verwacht. De zalm was gerookt zoals bij ons een makreel. Carola vond de grof gesneden salade heel lekker. Na onze verwondering over deze ‘gerookte zalm’ ging hij vlot naar binnen. Als hoofdgerecht namen Carola en ik een lasagne. Die werd opgediend met frieten en doperwtjes. Het was veel en lekker. Alexander ging voor een coquilles gerecht. Dat bleken coquilles te zijn op een bedje van spaghetti. Ook Alexander genoot van het gerecht. Met de drank  kostte dit alles maar 50 pond. Een plek om terug te komen. Omstreeks 20.00 uur kwamen we weer in onze appartementen aan.

Wat in deze vakantie opvalt is dat, waar je ook komt, in elk restaurant, in elke supermarkt of winkeltje de producten van de Orkney’s worden verkocht en aanbevolen. Vlees, eieren, melkproducten, ijs, bakkerijproducten, whisky, bier, juwelen, kleding, schrijvers, muzikanten enz. Het is een mantra! En het rare is het werkt. Het is een eilandpromotie eerste klas. Effect: nog geen 2 % van de  inwoners is werkloos! Daar kunnen wij slechts van dromen.

Wat opvalt in het landschap is de weidegang van vrijwel alle dieren. Wat ik het mooiste vind is dat je in de wei koeien ziet met hun kalveren. Het is een prachtig gezicht en benadrukt de wijze waarop hier geboerd wordt.    

28 mei
Het was vandaag een zonnige dag en ook de wind deed het voor Orkney begrippen zachtjes aan. Later op de dag werd het zelfs helemaal helder. We besloten nog een keer  over de ‘barriers’ te gaan naar South Ronaldsay. Op Lamb Holm bezochten we de Italiaanse Kapel, gebouwd door Italiaanse krijgsgevangenen die in WO II werkten aan de dammen die de oostkant van Scapa Flow afsluiten. De kapel is een bezoek zeker waard.

orkney 082

De Italiaanse kapel

orkney 083 orkney 084 orkney 085

We bezochten de tombe van de otters. We hadden gisteren gesproken met de eigenaar. Het is een privé tombe van meer dan 5000 jaar oud die slechts gedeeltelijk is opgegraven. De tombe bevat nog steeds duizenden botten van vermoedelijk honderden individuen. De tombe wordt de tombe van de otters genoemd, omdat in de tombe ook otterrestanten en otterpoep van duizenden jaren oud zijn aangetroffen. De redenering van de eigenaar is dat otters aten van het vlees van de overledenen. De tombe is alleen onder begeleiding te bezoeken en is inwendig erg smal. Buiten de gids kunnen er slechts enkele personen tegelijk in aanwezig zijn. De tombe is ook afwijkend, omdat deze grotendeels is uitgehakt in één rotsblok en als het ware daarin is opgebouwd. Vandaag spraken we uitgebreid met de eigenaar Hamish, die het niet zo heeft op de gangbare Schotse archeologen. Hij heeft zo zijn eigen theorieën. Hij heeft wel de werkzaamheden in de tombe door bevoegde archeologen laten doen. Hij en zijn tombe zijn apart en voor lichamelijk flexibele personen een bezoek zeker waard. Ook de vrouwelijke gids deed haar werk met liefde en plezier en kwam deskundig over.

orkney 086

Tombe van de otters

We hebben ter plekke nog wat, door derden deels opengebroken, steen- en ijzertijd objecten bekeken en een aardige wandeling door de natuur gemaakt.

orkney 087 orkney 088

orkney 089

Tijdens onze wandeling kwamen we dit overduidelijk verliefd koppeltje tegen

We hebben op de locatie gegeten in de bistro van de vrouw van Hamish. De bistro biedt een fantastisch uitzicht over zee en heeft een moderne uitstraling en zelfs een terras. 

orkney 090

Schitterend uitzicht tijdens ons avondmaal

Alexander en ik genoten van een salade van Noorse garnalen. Carola was voor de groentesoep gegaan. Deze smaakte goed, maar was wat flauw. Als hoofdgerecht had ik een heilbot genomen. De vismoot smaakte uitstekend en ook de gebakken aardappelblokjes waren heerlijk. Carola had ‘salmon patties’ genomen. Dat waren een soort van zalmkoekjes (zalm met peterselie, ui en ei) ook dat beviel wonderwel. Alexander had gekozen voor coquilles. Ze waren volgens het menu ‘hand dived’ en ze waren groot en heerlijk. De beste coquilles die Alexander naar zijn zeggen ooit had gegeten! Alexander nam als nagerecht een sorbet van eigen gemaakt ijs met fruit en Carola een ‘fruit crumble’ beide gerechten werden zeer gewaardeerd. Dat allemaal, inclusief de drank voor nog geen 80 pond. Mijn advies bij een bezoek aan de Orkney’s: daar zeker minimaal één keer gaan eten.  

29 mei
Het weer was vandaag prachtig. De hele dag zon en de thermometer in de auto gaf op enig moment zelfs 17 graden aan. Omstreeks 13.00 uur zijn we, nadat we Ank gebeld hadden om haar te feliciteren met haar verjaardag, vertrokken naar Stromness om in een aantal winkeltjes wat souvenirs te kopen en het boek op te halen wat Alexander besteld had. De kinderen waren eerst van plan een kustwandeling te gaan maken. Dat plan veranderde en we besloten naar Kirkwall te gaan. We haalden bij het paleis van de bisschop de sleutel van de onderaardse woning op. Daarna gingen de kinderen lopen naar die onderaardse woning op het industrieterrein. Alexander en Carola hebben genoten van het bezoek aan het onderaardse huis. Het object was, vergeleken met andere bezochte onderaardse objecten heel afwijkend en het bezoek zeker waard.

orkney 091

Toegang tot de onderaardse woning

orkney 092

In de onderaardse woning

orkney 093

In de onderaardse woning

orkney 094

De gang in de onderaardse woning

Ik ging voor Alexander een verjaardagscadeautje kopen, een whiskey drinknap,  waarvan ik wist dat hij het graag zou willen hebben. 

orkney 095

Whiskey drinknap

Daarna wachtte ik ze op en gingen we gezamenlijk weer op Stromness aan. We genoten daar nog éénmaal van het uitzicht op Hoy en aten in het ons bekende hotel Stromness. We gingen bijna volledig op herhaling. De enige die iets nieuws bestelde was Carola. Haar voorgerecht was minestronesoep. Het smaakte haar goed. Na dit galgenmaal vertrokken we naar onze huisjes om te gaan opruimen en in te pakken.  

orkney 096

Het uitzicht op Hoy

30 mei
Vandaag de thuisreis. We zijn omstreeks 6.30 uur vertrokken uit onze appartementen in Finstown. Omstreeks 7.00 uur bereikten we het vliegveld, ruim voor het vertrek om 7.50 uur naar Aberdeen. We vertrokken op tijd en kwamen keurig op tijd aan. Haalden de koffers van de band en leverden die weer in voor onze vlucht naar Schiphol. De terugvlucht naar Schiphol vertrok ook op tijd en we kwamen ook volgens de planning aan op Schiphol. Op de koffers moesten we langer wachten dan in Aberdeen, maar Schiphol is dan ook een maatje groter.

Het moet gezegd worden: ons bevalt de service op de vliegvelden in Schotland beter. Geen gedonder met de incheckautomaten. Die staan er wel maar niemand gebruikt ze. Maar gewoon aardige mensen die je te woord staan en laten merken dat ze blij zijn met je bezoek aan hun land. De rit naar huis en Ank verliep voorspoedig. De snelweg liet me snel weer wennen aan rechts rijden. Voor mij toch iets logischer dan links.

Met vriendelijke groet
Louis van der Kallen

 

 


 

 

VAKANTIE 2013 SHETLAND EILANDEN

 


 

VAKANTIE 2013 SHETLAND EILANDEN


16 mei

Vandaag in alle vroegte met Alexander in de KA vertrokken naar Schiphol. De auto geparkeerd op P3 (lang parkeren). Helemaal achteraan was ruim plek, dat was vorig jaar om deze periode wel anders, toen was het zoeken naar een plekje. Terug bij de ingang van P3 stond de bus naar Schiphol al klaar en hij vertrok direct nadat wij ingestapt waren, alsof hij speciaal op ons gewacht had.
Het ‘nieuwe’ inchecken, lukte ons niet. Er kwam een briefje uit de automaat dat we ons maar moesten melden bij de balie. Daar lukte het ook niet direct omdat onze namen er niet uitkwamen, maar uiteindelijk lukte het wel en leverden we onze koffers in. 
Na wat rondhangen op Schiphol, stapten we in voor onze vlucht met KLM Cityhopper naar Aberdeen met een Embraer 190. De vlucht vertrok met enige vertraging omdat de startmotor van het vliegtuig niet goed werkte en een ‘externe’ startmotor er aan te pas moest komen om ons onderweg te helpen. Hoewel koel was het weer prachtig, de zon kwam geregeld door de wolken. Het was goed dat we even bleven kijken bij de koffers die uit ons vliegtuig kwamen, want in tegenstelling tot vorig jaar toen net als nu de koffers doorgelabeld waren tot Sumburgh op Shetland, bleken de koffers nu wel op de band te verschijnen en bij enig navragen bleek dat we deze opnieuw moesten in checken voor de vlucht naar Shetland. Maar de luchthaven van Aberdeen is niet die van Schiphol! Welke incheckbalie we moesten gebruiken, bleef lang onduidelijk. Uiteindelijk ging Alexander er maar eens achteraan en toen was het zo geregeld en konden we door naar de gates. 
Op het vliegveld van Aberdeen was niet alles zo logisch geregeld als op ons eigen Schiphol. Op de borden wel een vermelding van de vlucht naar Sumburgh (het vliegveldje van de Shetland eilanden) maar geen vermelding van de gate! Uiteindelijk kwam die wel op de borden. We vlogen met FlyBE een onderdeel van Loganair een regionaal Schots maatschappijtje. We vlogen met een Saab SF 340A/340B en met bijna 30 medereizigers was het toestel bijna vol. Ook deze vlucht vertrok niet op tijd en we moesten zelfs naar een andere gate omdat wegens een mankement van vliegtuig werd gewisseld. Het geluid van de motoren was voor mijn gevoel oorverdovend. Het was dan ook een verademing toen we aankwamen en de rust in onze oren weerkeerde. Binnen enkele minuten waren de koffers er en was iedereen verdwenen. In de hal stond een meneer van het auto verhuurbedrijf (Avis Bolts Car Hire) met een bord met onder andere onze naam er op. We werden in een busje geladen en gingen in een razend tempo rond het gehele vliegveld om aan de achterzijde afgeleverd te worden bij een container waar Avis Bolts Car Hire is gevestigd en we snel aan de sleutels werden geholpen van een vrijwel nieuwe blauwe Kia Picanto. 
Bij een vakantie in Engeland heb je Engelse ponden nodig om aan je financiële verplichtingen te voldoen, Het makkelijkste is dan daar pinnen! Maar daar kunnen wel wat haken en ogen aanzitten. Zo hebben we moeten ervaren dat een ING pas vrijwel nooit tot een transactie leidde. Sterker nog, Alexander en ik kregen standaard te lezen dat ons saldo onvoldoende was voor de gewenste transactie, terwijl er meer dan genoeg op de rekening stond. Dan blijkt een Visa kaart de reddende engel te zijn. Uiteindelijk zouden we bij aankomst in ons huisje de huur voor de komende achttien dagen kunnen voldoen.

Vlak na vertrek kruisten we eerst weer de landingsbaan, wat toch wel raar blijft, ook al hadden we dat vorig jaar eerder gedaan. Na een paar kilometer stopten we omdat Alexander een bezoek wilde brengen aan een lokale opgraving ten noord westen van het Loch of Huesbreck om een afspraak te maken om minimaal een dagje mee te doen met de opgraving onder leiding van Professor Gerry Bigelow van Bates University in Maine, USA .
Toen we bij de opgraving aan kwamen rijden, zagen we een jonge vrouw uit een auto stappen die we eerder die dag in Aberdeen hadden gezien toen ze op dezelfde vlucht als wij wachtte en van wie we dachten dat zij Amerikaanse was en mogelijk ook vanwege de archeologie naar de Shetlands ging. Ze bleek de dochter van de teamleider van de opgraving. Toen Alexander lang weg bleef ben ik zelf naar de opgraving gelopen om hem te bewegen al dat mooie werk voor vandaag achter zich te laten zodat we onze boodschappen in Lerwick zouden kunnen doen en we in de buurt van de afgesproken tijd ons zouden kunnen melden bij het huisje op Muckle Roe.

De Testo supermarkt in Lerwick voorzag ons weer van alle noodzakelijkheden en van een verrassende ontmoeting. Toen hij ons Nederlands hoorde praten sprak ons een oud Amsterdammer aan die voor de visverwerking naar de eilanden was gekomen maar hier vanwege de liefde was blijven hangen en nu bij Testo werkte. Hij was duidelijk blij even z’n moerstaal te kunnen spreken. Daarna togen we naar het eiland Muckle Roe dat via een brug verbonden is met Mainland. Net voor zessen kwamen we aan bij ons huis/thuis. We herkenden het meteen van de foto’s. Het huisje was prachtig en was duidelijk gebouwd en ingericht met de bedoeling de toerist een hoge kwaliteit te bieden. Buiten wat kuilen in de oprit voldeed het aan meer dan de verwachting. De ligging aan de oever van een meer (Orwick Water), waarnaar het is vernoemd. Het prachtige uitzicht op het meer is optimaal voor een mooie beleving van al het moois wat de Shetlands hebben te bieden.
De sleutel stak in het slot en de gastvrouw meldde zich spoedig. De inhoud van de koelkast was zodanig dat we Testo wel even hadden kunnen uitstellen. 
Na bekomen te zijn van de reis zijn we teruggereden richting Lower Voe om in het ons wel bekende Pier Head te gaan eten. De kaart, de inrichting en de mensen waren nauwelijks veranderd. Voor zover je in den vreemde kan thuis komen, kwamen we thuis. Het eten, de garnalen cocktail en de kipfilets waren als vanouds lekker en niet duur. 
Na thuiskomst bleek de andere locatie toch wat problematisch voor de communicatie met het thuisfront. Mijn telefoon bleek niet te koppelen aan een Engels netwerk. Vodafone koppelen lukte niet. Oranje wel op een ander deel van de eilanden, maar dat werkt slechts op een deel van de Shetlands.

shetland 001

De opgraving van Broo House waar Alexander op 17 mei een dag mee kan gaan helpen.
Het betreft de resten van een 17e eeuwse boerderij die in korte tijd volledig onder
aanwaaiend zand is verdwenen

shetland 002

Het uitzicht vanuit ons vakantiehuis

17 mei
Het weer is bar en boos. Vrijwel continue regen in allerlei intensiteiten en heel veel wind. De wind giert om het huisje en rukt aan de ramen. Binnen is het klimaat OK. Om circa 7.15 uur stapten we in de auto om Alexander naar de opgraving te brengen, een rit van ruim 80 kilometer. Omstreeks 8.45 uur leverde ik hem af en zette koers terug naar Orwick Water. Daarna ben ik begonnen met mijn reisverslag en vooral met een worsteling met de nieuwe laptop die de oude na 9 jaren goede dienst is opgevolgd. Veel gemopper mijnerzijds met de nieuwe versie van Words gecombineerd met Windows 8, maar we komen er uit. Veel meelij met Alexander vanwege het weer. Mijn telefoon blijkt op Muckle Roe zo nu en dan wel SMS-jes en inkomende gespreken te kunnen ontvangen, maar ook voor dit beperkte gebruik onbetrouwbaar.
Wat vandaag en gisteren opviel in de lange autoritten was de wijze waarop de BBC2 radio inhoud geeft aan de herdenkingen van de ‘Battle of Brittan’ en de aanval van de Lancaster bommenwerpers op de Roerdammen. Ik zie het in Nederland niet gebeuren dat mensen via de radio aandacht vragen voor de herinnering van hun oom, opa of overgrootvader door zijn naam te noemen in een vorm van heldendom, respect voor hun inzet, plichtsbetrachting en opoffering voor de ‘natie’ terwijl zij deze personen nooit hebben ontmoet omdat deze helden al omgekomen waren nog voor dat de radiobellers geboren waren. 
Wie eert op deze wijze onze helden van de slag in de Java Zee of de Grebbelinie of de gevechten om de Maasbruggen in Rotterdam? We kunnen van de soms rare Britten heel wat leren.

Omstreeks 17.00 uur afgesproken Alexander op te halen bij een soort van jeugdherberg nabij het vliegveld. Daar huizen de opgravingsteams en hij was daar naartoe gegaan om de aardewerkvondsten van de afgelopen weken te bekijken en een bijdrage te leveren in het determineren ervan. De terugrit richting Lower Voe, om te gaan eten bij de Pier Head was een beleving: Alexander zijn eerste 70 kilometer links rijden in een auto met het stuur aan, voor ons denken, de verkeerde kant en in een Kia Picanto en dat met een vliegende storm als zijwind. De eerste 20 kilometer zat ik niet gemakkelijk maar het ging allengs beter. We kwamen veilig bij de Pier Head aan. Daar Ank gebeld om o.a dit heuglijke nieuws te melden.
In de Pier Head was het een drukte van jewelste. Toch werd voor ons een tafeltje geregeld en over de hoofden verplaatste Alexander een stoel zodat ook hij kon zitten. Helaas waren er geen verse mosselen. Alexander koos voor het zelfde als gisteren en ik ging voor de kabeljauw. Alles smaakte goed. Ik reed naar ons huisje. Omdat Alex een Strongbow op had en de straffen op rijden onder invloed hier behoorlijk zijn. Een papier aan de muur van de Pier Head herinnerde iedere bezoeker er aan dat op rijden onder invloed 12 maanden ontzegging rijbewijs staat en 5000 pond boete.

18 mei
Vandaag gaat Alexander een tweede dag opgraven nabij Sumburgh, de rit verliep probleemloos. Wel moest ik tanken want een auto heeft nu eenmaal brandstof nodig om te functioneren. Vlak bij de opgravingslocatie had ik een benzinepomp gespot.

Om succesvol te kunnen tanken moet je wel de klep open krijgen van de vulopening. Dat bleek moeilijker dan ik dacht. Ik kreeg hem niet open en ook een korte speurtocht over het dashbord leverde geen oplossing. Een jongedame had mij van achter het raam al enige tijd geobserveerd. Toen ik naar binnen kwam, stopte ze met het schillen van aardappelen en wees ze mij eerst op het boordje ‘selfservice’ waarna zij met een glimlach mijn verhaal aanhoorde en luid grinnikend naar buiten liep om mij het naast de stoel zitten de hendeltje te wijzen. Ze grinnikte weer toen ze mijn tip voor de ‘verleende service’ in ontvangst nam.
In Lerwick bij Tesco wat boodschappen gedaan inclusief aluminiumfolie om de lunch van morgen in te kunnen pakken, want dan gaan we ver het veen op met een gids om otters te spotten.
Toen we opstonden was het droog maar buiten was het nog steeds stormachtig. Op de terugweg van Lerwick begon het op te klaren en tegen 11.00 uur scheen de zon ook op Muckle Roe zo nu en dan. Ik heb even geprobeerd buiten te zitten, maar de wind maakte het nog niet aangenaam. Later op de dag was het wel lekker om gebruik te maken van het terras rond het huisje hoewel de wind sterk bleef.
Omstreeks 16.30 uur Alexander opgepikt bij de opgraving, hij zag eruit alsof hij een kompel was in een steenkoolmijn. Eerst naar huis om te douchen en daarna naar de Pierhead. Toen we later op de avond bij de Pierhead aankwamen was er een vrijgezellengroep van vrouwen. Ze zagen er niet uit. Vrijwel allemaal uitgedost als huisvrouwtjes op leeftijd uit de vijftiger jaren. Later kwam er ook een groep mannelijke vrijgezelle fuifnummers. Dat veranderde het aangezicht van de Pierhead in een gaybar. Het was leuk om naar te kijken maar door de drukte kwam van de bediening niets terecht. We besloten maar huiswaarts te keren en te eten wat in huis aanwezig was. De broodjes met kaas smaakten goed. We gingen vroeg naar bed want morgen wacht de otter expeditie met de gids die we hebben ingehuurd.

shetland 003

De opgegraven resten van Broo House

shetland 004

Het werk van Alexander vandaag, een doorsnede over een afvallaag die voornamelijk bestond uit snoeiharde rode as van verbrande turf en daaronder een laag met verbrande stenen

 

19 mei
Vanmorgen ons om 9.00 uur gemeld op het parkeerterreintje bij de COOP supermarkt in Brae. Onze gids, Gary Bell, meldde zich al gauw. We stapten over in zijn auto die beter tegen het terrein kan en gingen onderweg. Het weer was perfect. De wind van de afgelopen dagen was sterk verminderd en de heiigheid nam snel af. De zon deed zijn werk en het werd snel helder. 
We reden naar Gluss Ayre. Dat is een dam tussen Mainland en Gluss Isle die bijna altijd boven water blijf. Gluss Ayre is nabij de gehuchten Nissetter en Bardister. We zochten enige tijd het water ten oosten van Gluss Ayre, de Sullom Voe af. Na verloop van tijd konden we de eerste otter(s) zien. We stapten uit en begonnen langzaam richting het oosten te lopen langs de zuidkust van Gluss Isle. Uiteindelijk spotten we een familie van drie otters. Een moeder met twee jongen. Na een uur of drie was mijn fysieke accu ver leeg en ben ik teruggelopen naar de auto. Het staan en lopen over een glibberige pad boven een klif had zijn tol geëist. Alexander en de gids hebben de otters verder gevolgd richting het piertje nabij Tivaka Taing (een constructie die gebruikt kan worden om een drijvende muur te kunnen spannen tussen deze pier en de pier nabij Roe Clett aan de overkant van de Voe ingeval er een olielekkage zou zijn bij de Sullom Voe Terminal). Ze hebben de familie nog zeker 3 uur kunnen volgen tot ze ineens er vandoor waren. Alexander heeft heel veel mooie en leuke foto’s kunnen maken.
Mijn hoogtepunt was dat ik vroeg in de route een otter spotte die de gids had gemist.
De gids van Shetland Nature kunnen we aanbevelen, de 165 pond die de trip kostte waren wel besteed en we kregen meer dan we verwacht hadden.
Wat een mazzelaars zijn wij! Op de dag dat wij de gids hadden besteld werd het prachtig weer. In Brae het dichtst bij ons huisje gelegen meetstation werd het maar liefs 13 graden.
We zullen het wel verdiend hebben. We kwamen moe en met gloeiende gezichten thuis. Zo veel uren in de zon en buiten zijn niet mijn gewoonte. Na het douchen en het bekijken van een mooie documentaire op de Schotse BBC over de Hebriden zijn we naar de Pier Head gegaan. 
Wat tijdens de rit opviel was dat het weer tussen Brea en Lower Voe veranderde. Scheen in Brae de zon nog en was het relatief warm, in Lower Voe, een afstand van ongeveer 10 kilometer was er laaghangende bewolking en was het een stuk koeler. 
In de Pier Head was het rustig en nog mooier de mosselen waren er weer. Ik ging er voor als voorgerecht en Alexander ging als voorgerecht voor de gepaneerde paddenstoelen. Ik nam als hoofdgerecht Monkfish en Alexander scampi’s. De kwaliteit was OK, het was heerlijk en met de drank mee kostte het 35 pond.
Op de terugweg constateerden we dat om 19.30 uur de laaghangende bewolking mist werd en de mist zich over een groter gebied aan het verspreiden was. Later op de avond constateerden we dat ook rond ons huisje op Muckle Roe de mist optrok en omstreeks 22.00 uur zat de boel echt dicht. Hopelijk zien we morgen de zon! Het mag wat later zijn, want Alexander heeft besloten uit te slapen. Morgen nemen we een pauze dag. Met hooguit een bezoek aan St. Ninian’s Isle. Op de heenweg kijken we of Keith, onze huisbaas van vorig jaar, op zijn bedrijf aanwezig is en op de terugweg doen we boodschappen in Lerwick.

shetland 012

shetland 005shetland 006shetland 007shetland 008shetland 009shetland 010

shetland 011

De foto’s van de moeder met twee “jongen” die we de hele dag hebben kunnen volgen

20 mei
De dag begint met dichte mist. Het is nu 11.00 uur en het lijkt of de zon het vandaag misschien gaat redden. Vanmorgen eens goed het meertje (Orwick Water), waaraan ons huis ligt, bekeken en bezien wat er zoals huist. Een koppeltje zwanen zijn de meest zichtbare bewoners. Langs de oever bevinden zich minimaal twee nesten van scholeksters, waarvan één vlak bij ons huis. Dat is niet zonder gevolgen. Vanaf het terras is bijna ieder uur een fanatieke jacht waar te nemen van één van de nestbewakers die iedere vogel die in de buurt komt aanvalt en soms meer dan een minuut fanatiek achtervolgt, hoe groot de indringer ook is. Menige grote meeuw legt het af tegen het scholekster mannetje. Andere bewoners/passanten zijn wat eenden, ganzen, veel soorten meeuwen en wat raven. Ik heb niet waar kunnen nemen of zij in de buurt van het meertje nestelen.
De mist ging over in laag hangende bewolking maar de zon kwam niet door. Alexander en ik besloten een bezoek te brengen aan onze huisbaas van vorig jaar Keith in Lower Voe en daarna naar het Shetland museum te gaan in Lerwick en wat inkopen doen bij Tesco.
Bij Keith werd thee gedronken en praten we bij over de politiek, de crises en de mosselhandel. Toen bezochten we het museum met speciale aandacht voor de relaties tussen Nederland en de Shetlands in het verleden. Alexander kocht een boek “Viking Unst” over opgravingen in het noordelijke deel van de Shetlands in de periode 2006-2010. Terwijl Alexander nog even in het museum bleef ging ik voor de boodschappen naar Tesco. Dat had ik beter niet kunnen doen. Bij het verlaten van het Tesco terrein maakte ik een fout bij het oprijden van de eerste rotonde. Met aanzienlijke schade. Ik reed een taxi aan. Gelukkig was iedereen ongedeerd. De gegevens werden uitgewisseld en ik meldde me bij de verhuurder van de auto die was niet blij. Ik had beter tegen een ander op kunnen rijden dan tegen zijn concurrent. Ik kreeg een andere auto en samen met Alexander ging ik op zoek naar het verloren gegane nummerbord. Alexander vond de stukken en we reden terug naar Lower Voe om te eten in de Pierhead. Dit keer smaakte het niet. Ik had de zenuwen op mijn maag. 
Bij thuiskomst bleek de wind weer toegenomen tot een stevige storm en het ging regenen. Wat zal morgen brengen? Ik hoop dat mijn ‘slachtoffer’ snel belt zodat de formulieren ingevuld kunnen worden en de schade verder geregeld.

shetland 014

21 mei
De dag begint met wederom een stevige storm. Alexander laat ik slapen. Mijn maag blijft wat opspelen. Tegen de middag gaan we naar Lerwick richting de autoverhuurder om te vragen hoe zaken zoals een schadeformulier hier geregeld zijn. Daarna richting Jarlshof om deze unieke opgravingssite opnieuw te bekijken en ons te verbazen over 5000 jaar in beeld gebrachte bewoningsgeschiedenis. In de middag belt de baas van mijn slachtoffer, langzaam bekruipt mij het gevoel dat de verhuurder van mijn auto mogelijk niet geheel handelt zoals zou moeten, mogelijk probeert hij zijn verzekeringsschade ten koste van mij en mijn slachtoffer te beperken. In de avond bel ik zelf met het taxibedrijf om een aantal zaken na te vragen. Ik besluit om morgen eerst naar de verhuurder te gaan en als dan het formulier nog niet goed wordt ingevuld, dan ga ik zelf naar de politie voor het geven van een verklaring en Avis te rapporteren hoe zaken hier gaan. Per slot van rekening heb ik via Avis de auto hier gehuurd. We gaan niet uit eten vanwege mijn maagproblemen en ik ben vroeg naar bed gegaan.

shetland 015

Resten van bij gebouwen van Viking huizen op Jarlshof

shetland 016

Overzicht van de vele resten van Vikinghuizen op Jarlshof

shetland 017

De binnenplaats van de Broch waarin een paar honderd jaar later een wheelhouse is gebouwd

shetland 018

De binnenplaats van het huis van de Jarl is in de 18e eeuw gebruikt als begraafplaats voor omgekomen vissers

 

22 mei
Het weer ziet er beter uit. De BBC geeft zon met buien af. Om 9.00 uur hebben we ons bij de verhuurder gemeld. Deze bleef stellig in zijn opvatting dat het invullen van welk formulier dan ook niet nodig was. Daarna een bezoek gebracht aan het lokale politiebureau. De dienstdoende agent die we spraken was helder: de auto eigenaar is verantwoordelijk om de schade te melden aan de verzekeraar. Dan is het aan de verzekeraars om er samen uit te komen. 

shetland 020Daarna terug naar de verhuurder en hem op het hart gedrukt de schade en het ongeval te melden aan de verzekeraar. Toen wat inkopen gedaan waaronder een boeketje bloemen, en naar het adres gereden van de eigenaar en de bestuurder van de door mij aangereden taxi. Na hen gevonden te hebben werd het een goed en gezellig gesprek. Later op de avond hebben we een email gestuurd naar het verhuurbedrijf waarin we alles op een rijtje hebben gezet. We hopen dit nu af te kunnen sluiten en verder een fijne vakantie te hebben.

Daarna zijn we naar St Ninian’s Isle gereden waar we rondgewandeld hebben en genoten van dit prachtige strand en de kustlijn. Alexander heeft toen een wandeling gemaakt over het gehele eiland en mooie foto’s gemaakt. Toen zijn we naar het huisje gereden hebben opgeruimd, TV gekeken en gestofzuigd. We waren door alle problemen rond het ongeval niet in de stemming om uit eten te gaan. In de avond gaf de wifi verbinding veel problemen. Mogelijk kwam dit door de vele harde buien die het huisje en mogelijk ook de antenne op het dak teisterden.

shetland 019

Saint Ninians Isle

shetland 021

de kliffen aan de zuidzijde van St Ninians Isle

shetland 022

het noordelijkste puntje is in zicht

shetland 023

shetland 024

het noordelijkste puntje is bereikt… en wat is het een mooi uitzicht

shetland 025

En de strandbrug tussen de eilanden. Hij blijft mooi om te zien.

 

shetland 027

het inwendige van een van de torens van Muness Castle

23 mei
Vandaag zijn we in alle vroegte vertrokken naar Unst. Om daar te komen moeten we eerst overvaren naar Yell en dan overvaren naar Unst. De eerste overtocht verliep voorspoedig. Er waren weinig auto’s die naar Yell wilden. We kochten op de boot een retourtje en constateerden dat van zes auto’s en enkele voetgangers deze enorme boot niet rendabel kon varen. 
We reden daarna snel door Yell naar Gutcher waar de volgende veerboot wachtte. Vlak voor Gutcher zag ik iets bekends langs de kant van de weg. De boot die we vorig jaar hadden bekeken in het in de haven van Lower Voe, het drijvende hutje waar een Vlaming Guido Claes hem aan het bouwen was. We keerden om en besloten aan te bellen om Guido de complimenten te geven voor deze prachtige boot die geheel in de traditie en stijl van de eilanden was gebouwd. Hij herkenden ons niet meteen maar al snel begon het te dagen. We werden binnen in zijn knusse visserswoning uitgenodigd en daardoor misten we de aansluiting. Daar kregen we bijna spijt van want voor de volgende boot bleek veel aanbod van auto’s die over wilden. Maar met passen en meten op dit veel kleinere schip konden we mee.
Na aankomst op Unst hebben we systematisch het grootste deel van het eiland afgestruind op zoek naar archeologische locaties en die zijn er veel. Broch’s, restanten van Noorse Langhuizen, rechtop staande stenen, een ruïne van een kasteel enzovoort. Het kasteel van Muness in het zuid-oosten van Unst is een bezoek zeker waard. Een zaklamp is uit een kastje te pakken en het verder verlaten kasteel is door iedereen vrij te bezoeken.

shetland 026

Muness Castle

shetland 028

De enorme (gerestaureerde) haard in de grote zaal van Muness Castle

Nabij Haroldswick is een nagebouwd Noors langhuis te vinden en een letterlijk gestrand vikingschip. Het schip betreft een schip dat in Zweden gebouwd was met het doel in de huidige tijd opnieuw de oversteek naar Amerika te maken. Dat lukte niet geheel. Maar het schip is vrij te bezichtigen en zeker het stoppen waard. Haroldswick kent twee musea. Een scheepsmuseum wat vooral laat zien wat de haringvangst voor de eilanden betekende en een Heritage Centrum. Ook deze beide musea zijn een bezoek zeker waard. Hoewel de collectie van het Heritage Centrum wat rommelig is.

shetland 036

In Haroldswick lag zomaar deze Viking Drakar langs de kant van de weg. Dit schip is in 2000 in Zweden gebouwd , Het was de bedoeling om met deze exacte replica als experiment naar Amerika te varen om te laten zien hoe de Vikingen dit in 986 gedaan zouden kunnen hebben. Helaas strandde het experiment letterlijk op de Shetland eilanden.

In Haroldswick lag zomaar deze Viking Drakar langs de kant van de weg. Dit schip is in 2000 in Zweden gebouwd,  Het was de bedoeling om met deze exacte replica als experiment naar Amerika te varen om te laten zien hoe de Vikingen dit in 986 gedaan zouden kunnen hebben. Helaas strandde het experiment letterlijk op de Shetland eilanden. Naast het “Viking schip” stond een volledig nagebouwd Viking Long House. Helaas was er niemand aanwezig en konden we de binnenzijde niet bekijken.

shetland 037

Bij het verlaten van het scheepsmuseum werden we vanuit een naburige schuur nageroepen. Het bleek Guido die in de schuur van zijn leermeester aan de afwerking van een nieuwe boot en roeispanen bezig was. We maakten opnieuw een praatje. Guido had duidelijk behoefte om zijn moerstaal te spreken. We besloten na het bezoek aan Haroldswick de terugtocht te aanvaarden.

shetland 038

Hierbij kwamen we nabij Baltasound voor de tweede keer langs een wel heel bijzonder bushokje. Het staat lokaal bekend als Bobby’s bushokje. Het bevat stoelen, kastjes, gordijnen, knuffels, boeken, een telefoon en alles met maar één thema; schapen!!! Alex maakte hiervan ook foto’s en had deze dag al meer dan 100 foto’s gemaakt. Wat opvalt is dat op de gedetailleerde kaarten die we van de eilanden hebben de ‘Noorse’ sites niet of nauwelijks vermeld staan, terwijl de geschiedenis voor en na die periode ruim vermeld wordt.shetland 035

Ondanks de stormcondities en het gebrek aan zon was het een geslaagde dag. We aten in de Pierhead. Bij thuiskomst was er een mail van Bolts, het ongeluk was aangemeld bij de verzekering zo meldde het bericht. Morgen op nieuw naar Unst. Want sommige plekken hebben we in eerste instantie niet alles kunnen vinden wat we hoopten te zien.

24 mei
Vandaag nog een dagje Unst. We hebben ons beperkt tot wat we gisteren gemist hebben of niet hebben kunnen vinden. Een aantal zaken hebben we via google maps of via het kaartprogramma op de ipad kunnen opsporen. Ik ben met Alexander een paar keer mee kunnen lopen naar de gewenste archeologische locatie. Ook op zijn wandeling in het natuur gebied Hermaness heb ik deels samen met hem kunnen doen, omdat ik hem een stukje tegemoet heb kunnen lopen. We hebben gegeten in de Pierhead en ik ben vroeg naar bed gegaan. We hebben besloten morgen een rustdag te nemen en zondag naar de out Skerries te gaan. Hopelijk kunnen we een kaartje voor de ferry boeken. De zondag is voor deze bestemming het meest geschikt wegens het feit dat er dan iets meer afvaarten zijn.

 

shetland 039

Resten van een huis uit de Vikingtijd

 

shetland 040

Beklimming van Hermaness Hill (200 m). Wat begon als een mooi pad ging al snel over in dit…

 

shetland 042

Hermaness Hill met de kliffen Sothers Stack, Flodda Stack Clinga Stack en Humla Stack

 

shetland 043

Dit lammetje was nieuwsgierig

 

shetland 044

Moeder en kind genieten van het uitzicht

 

shetland 045

De ruim 150 meter hoge kliffen nabij Sothers Stack

 

shetland 046

De meeste noordelijke eilanden van het Verenigd Koninkrijk. Van voor naar achter: Vesta Skerry, Rumblings, Tipta Skerry, Muckle Flugga (met vuurtoren) en Out Stack

 

shetland 047

De wandelroute vanaf Hermaness Hill naar het zuiden ging door een groot veenmoerasgebied vol met kleine vennen en poeletjes. Waar liep het pad ook al weer?

25 mei
Vandaag een rustdag. Alexander slaapt tot over 12.00 uur. Hij was er aan toe. Omstreeks 13.00 uur is onze huisbaas langs gekomen met wat boekjes over wandeltochten over de eilanden. Hij bood Alexander aan om hem aan de westkust van Muckle Roe (het eiland waarop we verblijven) af te zetten met zijn vierwieldrive. Ons autootje kan daar nietkomen. Alexander nam de uitnodiging aan. Pas tegen vijven meldde hij zich weer. Ik was opgelucht hem aan te zien komen, want ik begon hem te knijpen. Hij had er veel langer over gedaan dan de oorspronkelijke schatting van onze huisbaas/buurman. We hebben thuis gegeten. De mosselen die de buurvrouw gisteren bracht smaakten uitstekend. Het weer was heel goed vandaag. Vrijwel helder, met weinig wind en ongeveer 13 graden. Alexander had zijn wandeling inclusief de beklimming van de South Ward in zijn blote bast gedaan. De ferry naar de Out Skerries hebben we kunnen boeken. Voor morgen wacht een fijne vaartocht bij, als het weerbericht klopt, mooi weer. Hieronder foto’s van Alexander zijn wandeltocht.

shetland 048

De noordoostkant van het eiland Muckle Roe

 

shetland 049

De rode kliffen van North Ham

 

shetland 050

Zicht op Strom Ness, South Ham en North Ham

 

shetland 051

Town Loch

 

shetland 052

Het hoogste punt is bereikt. Op de top van Mid Ward stond een mooie cairn (stenen torentje).

 

shetland 053

Ons “woonhuis” aan Orwick Water (links) gezien vanaf South Ward (269 meter)

 

shetland 054

Mill Loch

 

shetland 055

Uitzicht vanaf Mid Ward op heel het westelijk deel van Mainland, van de olieterminal in Sullom Voe tot de eilanden Linga en Papa Little

 

shetland 056

Een deel van de westkant van Mainland met midden voor een meetpaal van het Ordnance Survey Triangulation Station. Hiermee wordt gemeten hoeveel de eilanden uit elkaar bewegen.

 

26 mei
Vandaag zijn we naar de Out Skerries geweest. De Out Skerries zijn een eilandengroep behorende tot de Shetland eilanden in de Noordzee. Ze zijn het meest oostelijke deel van de Shetlands. Twee van de eilanden zijn bewoond en de totale bewonerspopulatie is circa 75.
Toch gaat er dagelijks een veerboot naar toe en op zondag zelfs 3. Van uit Vidlin is het ongeveer 90 minuten varen. Op onze boot die om 10.30 uur vertrok waren een zestal toeristen en een tiental vermoedelijk lokale bezoekers. Op de twee bewoonde eilanden, met elkaar verbonden door een brug, is niet echt veel te zien. Er is geen kerk maar wel een supermarktje dat zelfs op zondag open is. Het supermarktje was aan de buitenkant niet als zodanig herkenbaar. Alleen een kaartje bij de haven gaf kond van het bestaan. Het hokje met een klein raampje meet hooguit vier bij zes meter, maar was afgeladen met nuttige zaken. Een echte winkel van Sinkel inclusief tuinbenodigdheden, zoals compost die op een simpele pallet buiten was opgeslagen. We maakten net als de andere toeristen dankbaar gebruik van de geboden mogelijkheid en kochten fris en ijsjes. Magnums blijken zelfs in deze uithoek te koop en goed te smaken. Met wandelen en zitten in de zon overbrugden we de 4 uur tot onze boot vertrok. 
We hebben ons verbaasd over de rommel om de erven van bewoners. Als mensen veel ruimte ter beschikking hebben is dat klaarblijkelijk weinig motiverend om die ruimte schoon te houden. Ook verbazend was het feit dat zelfs op eilanden met totaal hooguit 1 kilometer (verharde) weg bij vrijwel ieder huis een auto stond en dat deze echt gebruikt werd om naar de enige ‘shop’ op het eiland te gaan. Wat mij ook opviel was het schijnbare totale gebrek aan ruimtelijke ordening. In het baaitje, waarom heen vrijwel alle huizen stonden, lag een visboerderij met slechts 3 cirkels maar ook met een luidruchtige pompinstallatie. Op basis van omgevingskwaliteit en landschap zou dit bij ons nooit mogen. 
Vooral het feit dat er in de andere baaien en tussen de eilanden nog tal van alternatieve locaties voorhanden zijn was dit een gemiste kans op handhaving van wat in onze ogen waardevol zou moeten zijn. 
De boot vertrok op tijd en wat op de heen en terugweg opviel was het verschil tussen theorie en de praktijk van gedragsregels op de ferry. Officieel is verblijf in een auto op het dek verboden. Ook mogen passagiers zich gedurende de overtocht zich niet op het dek bevinden en mag een hond, niet zijnde een hulphond, zich niet bevinden op het tapijt in de salon van het schip. In de praktijk mocht dit allemaal wel want al deze ‘regels voor onze veiligheid’ werden genegeerd. Ook door ons want een boottochtje in de zon op het dek is veel leuker en aantrekkelijker dan rondhangen in de salon van het schip. De in Gdanks gebouwde Filla bracht ons weer veilig in Vidlin. Daarna reden we naar de Pierhead. Bij binnentreden zagen we iemand achter de bar die wij daar nog niet eerder hadden gezien. Deze man bleek niet uit het bedienende hout gesneden te zijn. We werden ondanks dat het rustig was genegeerd. Na 25 minuten vond ik het genoeg maar Alexander wou nog niet vertrekken. Toen kwam ook iemand die we wel kenden en veranderde de barman van positie. Van achter de bar ging hij naar voor de bar, zittend aan een pint. Na 40 minuten wachten vond ik het helemaal genoeg en ook Alexander besloot vader nu maar te volgen. In het gangetje tussen de deur tussen het café en de uitgang sprak ik de ons bekende bediende aan en vertelde waarom wij vertrokken. Het speet hem zeer maar hij dacht dat wij al geholpen werden. Onze lege tafel had hem wat mij betreft toch op moeten vallen. Wel leerden wij dat de keuken pas om 18.00 uur open ging en wij dus vroeger waren dan we hier bij onze pakweg eerdere 20 bezoeken waren geweest.
We reden naar Brae en gingen op zoek naar het restaurant van Hotel Brae. De grote zaal was spaarzaam gevuld met een tiental etende mannen. We waren de enige gasten die niet ook in het hotel verbleven. De bediening was vriendelijke en behulpzaam om Alexander te helpen met zijn keus voor lam. Een bedienende dame liet zelfs het vlees zien voordat het gebakken zou worden, Alexander kon zelf vaststellen dat het vlees mager was. We genoten van de broccoli soep met bosuitjes en de lam. Groenten en aardappels konden we naar behoefte zelf opscheppen. Ook de traditionele theeservice na afloop was aangenaam. De totale kosten van nog geen 31 pond was ook een opsteker. Hier komen we terug! Het voordeel van Brae is dat het dichter bij ons huisje op Muckle Roe is. Morgen gaan we als alles klopt naar Fetlar. Weer een eiland met een beperkte ferry verbinding.

shetland 057

De eilanden van de Skerries waren zo klein dat ze vrijwel volledig op 1 foto pasten.

27 mei
Vandaag zijn we naar Fetlar geweest. Dat betekende twee keer overvaren. Eerst naar Yell en dan naar Fetlar. Het weer was zonnig maar stormachtig. Op de heenweg kwamen we weer langs Guido, hij was bezig met het herstel van een hekje. Bij het oplopen van zijn erf viel ons oog op de naam van zijn boot: Voe Duvel waarbij Duvel geschreven was in het lettertype van het Belgische biermerk. Guido blijft trouw aan zijn nationaliteit en liefde voor zijn bier. Alexander nam een foto en we spraken af de naam van deze boot onder de aandacht te brengen van het biermerk. Bij de overtocht kregen we veel boegwater over ons zelf en de auto. Door het zout werden de ramen bedekt met een zoutlaagje dat het zicht niet verbeterde. De sproeivloeistof hielp wel een beetje, maar het eerste werk bij thuiskomst zou toch het wassen van de ramen worden.

shetland 058

Het bootje van Guido draagt de naam Voe Duvel, genoemd naar het welbekende Belgische Bier natuurlijk

 

shetland 059

Onderweg op de boot naar Fetlar met flinke golven dus je voelde maar al te goed dat je op het water zat

 

Fetlar is een relatief groot eiland met een bevolking van circa 70 mensen en heel veel schapen. Ondanks de vele opgravingen in het verleden van o.a. Time Team bleek er niets in het landschap zichtbaar gebleven. Voor ons teleurstellend. Alleen het museumpje was aardig maar ook niet meer dan dat. Het enige andere object van interesse bleek niet toegankelijk en bleek in de termen van Alexander ‘nep’. Het bouwwerk bleek door de bouwer begin negentiende eeuw gekopieerd te zijn van wat hij elders in Europa had gezien. 
Een samengeraapt zootje dus! We hadden het dus al snel gezien en waren zeer vroeg op de afvaartplek van de ferry, die na twee uur wachttijd afgeladen vertrok. Het was passen en meten om ieder voertuig mee te kunnen nemen. 
Terug op Mainland hebben we gegeten in hotel Brae. Alexander koos voor linzensoep, ik voor een visvoorgerecht en beide kozen we voor een ‘typisch’ Schots gerecht. Toen ik niet echt op schoot vroeg de bedienster of ik toch niet liever voor de kip had gekozen alsof ze desnoods het gerecht alsnog had willen omruilen. Maar met het gerecht, een soort gehakt/hachee met aardappelpuree en erwtjes was niets mis. Mijn maag is nog altijd niet op orde. Alexander lustte ook wat ik liet staan. We eindigden wel met twee lege borden.

shetland 060

Dit was eigenlijk de enige bezienswaardigheid op het eiland Fetlar. Het fantasielandgoed van de 19e eeuwse excentriekeling Arthur Nicolson of Lochend. Hij bezocht overal in Europa oude gebouwen die hij op zijn eigen landgoed in het klein na liet bouwen. Een “17e eeuwse” kapel een “Middeleeuwse” burcht en ga zo maar door. Helaas werd het geheel momenteel gerestaureerd en was het ten strengste verboden het terrein te betreden….

 

shetland 064

Een replica van een Pictische steen uit de late 8e of 9e eeuw die hier in 1856 is gevonden. De steen draagt aan beide zijden vroeg christelijke afbeeldingen en lijkt een kopie te zijn van een soortgelijke steen die is gevonden op het eiland Burra Het enige verschil is dat er op de randen van deze steen een tekst is aangebracht in de oud-Ierse taal Ogham. Een alfabet dat volledig bestaat uit streepjes.

28 mei
Vandaag een prachtige dag. Helemaal helder en zelfs in de relatief stevige wind was het met alleen een trui aangenaam. We vertrokken wat later dan gedacht richting Lerwick. Het pinnen was weer rampzalig. De ING pas is op een vakantie als deze feitelijk niet bruikbaar in Schotland en op de Shetlands. Er zou niet voldoende op de rekening staan terwijl er feitelijk meer dan genoeg op staat. De Visa biedt dan uitkomst. Maar wel tegen een forse prijs. Bij terugkomst ga ik eens langs bij het ING kantoor om te klagen en te kijken of een schadevergoeding (de meerkosten van het pinnen via Visa) niet op zijn plaats zou zijn. Geen reclame voor ORANJE, zoals ze zich zelf graag noemen. Daarna inkopen gedaan bij Tesco en een fles wijn bezorgt bij John van Bolts. Na een mail van mijn ‘slachtoffer’ van vorige maandag lijkt verzekeringstechnisch het allemaal goed te komen. 
Toen overgevaren naar Bressay, het eiland vlak voor de kust van Lerwick. Voor een ferry tocht van 7 minuten heen en terug een prijskaartje van 17,50 pond. Veel als je dat vergelijkt met andere overtochten. Maar op de eilanden lijkt een eenheidsprijs te gelden voor het verlaten van Mainland. 
Bressay zelf is een aardig eiland met oog voor de rustende toerist. Ontbraken op de andere eilanden bankjes op daarvoor geschikte plaatsen, hier kwamen we ze met regelmaat tegen. Het eiland biedt veel mooie uitzichten op de omliggende eilanden en op Lerwick. In goed 2,5 uur hadden we het allemaal bekeken en gingen we onze auto inruilen. Hij was toe aan een keuring en we reden in onze derde auto binnen 2 weken terug via Brae naar ons huisje op Muckle Roe. We aten weer in het hotel in Brae. Drank, voorgerecht en hoofdgerecht voor 2 personen voor nog geen 30 pond, wat een koopje. Ik een soep en een visgerecht. Alexander pikante kipvleugeltjes (heel gepeperd en mals) en chili con carne. Dit laatste gerecht had van hem wat gepeperde gemogen.

shetland 061

De vuurtoren van Kirkabister Ness op Bressay

 

shetland 062

Het eilandje Noss ten oosten van Bressay

 

shetland 063

Het Saint Mary’s kerkhof aan de Voe of Cullingsburgh. Het kerkhof is het de noordwestelijke hoek gebouwd op de resten van een IJzertijd broch (woontoren) je kan de ronde verhoging nog zeer goed zien in de hoek van het kerkhof. De middeleeuwse kapel in het midden van de foto is middenin deze broch gebouwd, zonder twijfel van stenen van de bewuste broch.

 

29 mei
Thuisblijver Ank is jarig. Wij hier in Shetland vierden haar verjaardag met een toer over Yell. Ik heb Alexander uit laten slapen. De komende dagen hebben we genoeg tijd om de laatste stukjes van de Shetlands, die we nog niet gezien hebben, te bezoeken. We hebben besloten om eerst het noordelijke deel te doen en morgen het meer oostelijke en zuidelijke deel. Na de oversteek zijn we eerst naar Gutcher gereden want we hadden Guido beloofd te helpen met het verplaatsen van zijn boot de Voe Duvel. Daar aangekomen bleek hij in het gezelschap van zijn vriendin Ruth Grainger. Er werd besloten dat hij toch zijn boot maar liet waar die was. Er werd koffie gedronken en dat leverde wel een glimlach op. Guido maalde de koffie zoals we dat in Nederland in de vijftiger jaren deden met een handmolentje dat past tussen de knieën. Daarna ging de koffie in een kop en dan heet water er op. Advies: eerst laten bezinken en het laatste beetje koffie in de kop laten zitten. Zijn vriendin was een vlotte vrouw van Orkney en ze probeerde Nederlands te leren. In tegenstelling tot Guido die de computer had afgezworen, had zij wel Facebook en de gegevens werden uit gewisseld. Een van de eerste vragen aan Alexander was: ben je single? Toen Alexander dat bevestigde had ze wel een vriendin die hij wel leuk zou vinden, ze was archeologe en was recent verhuisd naar Wales. Toen we later thuis de zaak nakeken bleek die vriendin sinds april niet meer single te zijn, dus die kans vervloog voor Alexander.
We volgden de weg van Gutcher helemaal tot de Gloup Voe, waar uitkijkend over de zee een monument staat voor alle vissers de in één storm omgekomen waren. Zes schepen van de twintig die in die storm terecht waren gekomen haalden niet de thuishaven. Wat mij opviel was dat bij het monument een gastenboekje lag en een collectebusje met geld er in voor het vissersfonds. Bij ons zou dat geen lang leven hebben bij een monument ‘in the middle of no where’. We aten weer in hotel Brae. Een soep en een cajun zalm smaakte mij uitstekend. Alexander had een beetje pech. Omdat we relatief laat waren had ik de laatste zalm en moest hij het doen met een andere keuze van het keuzemenu. Maar zijn stroganof smaakte ook goed maar was wel veel. De porties op de Shetlands zijn groot!! En dat allemaal voor nog geen 30 pond.

shetland 065

Het kerkhof van Breckon met de resten te zien van een ruïne van een 17e eeuws kerkje

 

shetland 066

Bay of Brough, een uitgelezen plek om een familie zeehondjes tegen het lijf te lopen, maar helaas!

 

shetland 067

Bij een van de huizen in het dorpje Gloup was in een erfscheidingsmuur een prehistorische maalsteen hergebruikt als bouwmateriaal.

 

shetland 068

Een monument ter nagedachtenis aan de 58 omgekomen vissers die in 1881 voor de kust in een storm ten onder gingen. Totaal gingen 9 van de 26 boten tellende vloot naar de kelder.

 

shetland 069

30 mei
De dag begon met mist en eindigde met mist. We zijn, behalve voor boodschappen en eten, niet buiten geweest. Dus Yell met zijn onbekende één spoor wegen, waarvoor je voor elkaar opzij moet op passeerplekken, hebben we maar even gelaten voor wat het is. Hopelijk morgen beter.

31 mei
De dag begon net als gisteren met mist, maar de BBC gaf aan dat het weer in de Shetlands meer naar het oosten zou opklaren. We namen de gok en vertrokken richting de ferry naar Yell. Nabij de ferry bij Toft klaarde het op en scheen de zon. Dit keer bezochten we het zuid-oosten van Yell. Feitelijk volgden we de B9081 tot Mid Yell, inclusief alle zijwegen. Op de terugweg volgden we globaal dezelfde route met uitzondering van het vertrek uit Yell naar het zuiden waarbij we een meer oostelijker (dichterbij de kust) route namen, waarbij we nabij Otterwick weer op de B9081 terecht kwamen. Grote delen van deze route laten de ‘lege’ kant van Yell zien. Veel vergezichten zonder bebouwing of hekjes. Zelfs de overal aanwezige schapen leken soms afwezig. Bij Queyon maakten we een wandeling naar The White Wife, het boegbeeld van het in april 1924 vergane Duitse schip de “Bohus” dat tijdens haar reis van Gotenburg naar Chili voor de kust van Yell verging. Dankzij het heldhaftige optreden van de inwoners van Yell wisten 54 van de 58 opvarenden de ramp te overleven. In september van 1924 spoelde het houten boegbeeld van de Bohus aan op het strand van Otterswick en werd als monument ter nagedachtenis van de ramp op de kust geplaatst, uitkijkend over de plek waar de Bohus verging.Nabij Burravoe wandelden we naar de Vats Wick en genoten van het uitzicht over zee richting de rotspunten met de naam Muckle Skerry of Neapaback.
We aten weer in hotel Brae. Alexander kon voor het eerst, ondanks dat hij het heel lekker vond, zijn bord niet legen. De pasta maaltijd was zelfs hem te machtig. Mogelijk was het massieve voorgerecht een rijst/kip soep met het karakter van een brij zelfs hem te veel van het goede.

We kochten onderweg weer de Shetland Times en verbaasden ons over de berichtgeving over de omgeving van Brae. Er was onrust onder de bevolking! Maar liefs drie uitgebreide artikelen gingen over de ‘overlast/problemen’ met de vele mannelijk werkers op de Sullom Voe terminal. Honderden werknemers zouden het dorp onveilig maken. Sterker nog de onbalans tussen mannen en vrouwen zou tot problemen leiden. Ja ook wij constateerden dan als we in Hotel Brae aten, dat de eetzaal bijna iedere keer uitsluitend gevuld werd door etende mannen en een enkele ‘bedienende’ vrouw. Wat bleek het geval? De cijfers: in het laatste weekeinde had de eilandpolitie totaal maar liefs 68 telefoontjes gehad op een bevolking van ruim 22.000. Daarvan waren er maar liefs 7 afkomstig uit de regio Brae. Het meest ernstige incident was dat 2 kennelijk dronken mannen waren gevallen! Je kan maar ergens over schrijven of je ongerust maken.
Wat ons ook steeds meer opviel was de vele auto’s met een L op de bumper. Navraag leerde dat op de Shetlands iedereen boven de 18 jaar mag rijden zonder een rijbewijs zolang dat is met een auto met een L. Zelfs zonder een bijrijder met een rijbewijs. De Shetlands zouden hierin één van de uitzonderingen zijn.

shetland 071

17e eeuwse grafstenen in de kerkruïne op het kerkhof van Ravengio (Mid Yell) en de resten van de kerk op het kerkhof van Ravengio

 

shetland 070

17e eeuwse grafstenen in de kerkruïne op het kerkhof van Ravengio (Mid Yell) en de resten van de kerk op het kerkhof van Ravengio

 

shetland 072

onze Kia de enige auto op deze hele grote ferry

 

1 juni
Vandaag hebben we het laatste eiland op onze lijst bezocht, Whalsay. De overtocht van Laxo naar Symbister met de Hendra verliep met mooi zonnig, maar winderig, weer voorspoedig. Op het relatief kleine eiland wonen relatief veel mensen, ruim 1000. Van de ooit opgegraven archeologie is vrijwel niets meer over. Het enige wat een bezoek waard bleek te zijn was het huis van een Laird van het eiland, dat een lid van de Bruce familie ooit liet bouwen. In het complex huist nu een school en een museumpje over de lokale geschiedenis waar we vriendelijk werden ontvangen. Wat opvalt is het hoge niveau van de voorzieningen. Bij het schooltje lag een multifunctioneel sportveldje wat op deze zaterdag, terwijl de school dicht is, vrij toegankelijk was. Wat voor ons echter onvoorstelbaar was is de omvang van de sportvoorzieningen. Een groot leisurecentrum, zwembad, en voetbalterrein gecombineerd met speelvoorzieningen voor de kleinsten. Voor ongeveer 1000 inwoners in onze ogen wel heel veel voorzieningen van hoge kwaliteit. Na thuiskomst hebben we de avondmaaltijd thuis genuttigd met wat de koelkast ons bood. Morgen de laatste dag, we zijn voornemens naar het zuiden van Mainland te gaan in de hoop dat de orka’s, die de laatste week daar een paar keer zijn gespot, zich ook aan ons zouden willen tonen. Dat zou de rit van 2 keer bijna 100 kilometer zeker goed maken.

shetland 078

De middelbare school van Symbister (de hoofdstad van Whalsay) is gevestigd in het oude huis van de Bruce familie wat begin 1800 gebouwd is voor het bedrag van 30.000 pond, werkelijk een fortuin
in die tijd. De Bruce familie was na de voltooing van het complex dan ook zo goed als failliet in die tijd.

 

shetland 077

Het uit 1867 daterende kerkje op Kirk Ness. Opvallend is de aanwezigheid van enkele grafzerken uit 1772, 1774 en 1784 die doen vermoeden dat het gebouwtje een oudere voorganger moet hebben gehad.

 

shetland 076

De vliegtuigterminal van Whalsay airport in Skaw. Het past ongeveer 30 keer in het clubhuis van de nabijgelegen golfbaan…

 

shetland 075

Dragon Ness

 

2 juni
De laatste volle dag op de Shetlands. We ruimen wat op en als Alexander is opgestaan besluiten we naar het zuiden van Mainland te rijden om daar te kijken of de orka’s die daar een paar dagen geleden gemeld waren zich weer eens laten zien en anders zullen we het moeten doen met een mooi zicht op de kliffen waar zich tal van zeevogels nestelen, waaronder tal van puffins. We hebben met betrekking tot de puffins geluk er zijn er veel meer dan vorig jaar en vele gedragen zich als modellen. Alexander krijgt er veel voor zijn camera. We hebben weer in de Pierhead gegeten en de staf liet zich gewillig op de foto zetten. Alexander wordt altijd een beetje melancholiek als iets de laatste keer is. Want nu sluiten we de Shetlands echt af. Volgend jaar zijn de Orkney eilanden aan de beurt. We blijven trouw aan onze liefde voor koele noordelijke eilanden met een Vikingverleden en veel kans op regen, wind en mist maar ook veel archeologie.

shetland 084

Het personeel van café/restaurant The Pierhead, waar we de afgelopen 2 jaar toch wel zo’n 50% van onze avondmalen hebben genuttigd.

3 juni
Vandaag de thuisreis. We zijn omstreeks 10.00 uur vertrokken uit ons huisje op Muckle Roe. Iets over elf bereikten we het vliegveld Sumburgh. Ruim voor het vertrek om 13.30 uur. De auto wordt ingeleverd en dat leverde, ondanks onze geschiedenis met John, geen problemen op. Na even navragen konden we net als vorig jaar de auto op de parkeerplaats achterlaten met de sleutel onder de zonneklep. Dus niet op slot zetten! We vertrokken op tijd en met de wind in de rug kwamen we bijna 25 minuten eerder aan in Aberdeen. De terugvlucht naar Schiphol vertrok wat te laat maar we kwamen toch volgens de planning aan op Schiphol. Op de koffers moesten we langer wachten dan op Sumburgh. Maar Schiphol is dan ook een maatje groter. De rit naar huis en Ank verliep voorspoedig. De snelweg liet me snel weer wennen aan rechts rijden. Voor mij toch iets logischer dan links.

shetland 083

Een laatste blik op de Shetland eilanden: het uitzicht vanaf de vuurtoren op Sumburgh Head

 

Met vriendelijke groet
Louis van der Kallen


 

 

VAKANTIE 2011 FAROER EILANDEN

 


 

VAKANTIE 2011 FAROER EILANDEN

 

10 juli
Omstreeks 7.45 uur samen met Alexander vertrokken voor de autorit naar Aabenraa in zuid Denemarken. Aabenraa is een bescheiden stadje aan de Oostzee. Hoewel de werkzaamheden aan de snelweg tussen Bremen en Hamburg nog steeds niet af waren hadden we er, in tegenstelling tot twee jaar geleden, geen noemenswaardig oponthoud. We kwamen omstreeks 15.30 uur aan in Aabenraa en hebben te voet het stadje verkend. Het Best Western Hotel voldeed aan de verwachtingen. We hebben gegeten in restaurant Royal. Er was een redelijke prijs/kwaliteit verhouding.

11 juli
In de morgen zijn we, op verzoek van Alexander, eerst naar Ribe nabij de westkust van Denemarken gereden. Een prachtige Romaanse Dom bekeken.

far002

De dom van Ribe

Het interieur van de dom van Ribe

Het interieur van de dom van Ribe

far004

Het uitzicht over Ribe vanaf de dom

Uitgebreid een opgraving verkend met een wat jaloerse Alexander. “Waarom hebben wij (in Bergen op Zoom) nu eens niet zo’n grote opgraving”, was zijn verzuchting. Zes archeologen hard aan het werk in een grofweg 2 tot 4 meter diepe kuil.

Met onze neus in de boter gevallen bij een prachtige opgraving

Met onze neus in de boter gevallen bij een prachtige opgraving

Daarna hebben we het Vikingenmuseum bezocht, met wederom een jaloerse Alex. Veel vondsten en mooi de geschiedenis van het gebied in beeld gebracht. Van de prehistorie via de ijzertijd naar de vikingen en de middeleeuwen, alsmede het meer recente verleden. Dit alles met veel vondstmateriaal en uitbeeldingen van ambachten en leefsituaties. Een aanrader!

far005

Omstreeks één uur zijn we richting het noorden (Hirtshals) gereden. De ruim 380 kilometer vroegen meer tijd dan ik dacht. Pas na Aalborg nam de verkeersintensiteit af. Het inchecken in Motel Nordsøen verliep vlot. Een aardige dame kwam ons helpen nadat we zachtjes de bel op de receptie hadden beroerd. Het motel ligt wat achteraf op een bedrijventerreintje. Ook hier was de prijs/kwaliteit verhouding goed. Het motel was goed vol en vrijwel uitsluitend met mensen, die net als wij, met de ferry naar de Faröer eilanden of naar IJsland moesten.
Speciaal vanwege het vroege vertrek zou de volgende dag het ontbijt met een uur vervroegd worden. We hebben gegeten in het ‘centrum’ van Hirtshals bij de Ierse pub Kro. Alexander aan de Murphy’s Stout (donkerder dan donker bier). De Noorse garnalen cocktail met veel garnalen en asperges smaakte beter dan verwacht. De pepersteak was goed en kruidig. De pub is gelegen aan de ‘boulevard’ van Hirtshals en bood vanaf het terras waarop we zaten een prachtig uitzicht over zee. Het eten was voor Deense begrippen niet te duur voor de geboden kwaliteit.

12 juli
Alexander moest voor zijn doen vroeg uit de veren (6.15 uur). Om half zeven ontbijten en omstreeks zeven uur melden voor de ferry. Het aanmelden verliep vlot. De Norröna meldde zich omstreeks 7.30 uur.
Er waren slechts drie rijen voor de Faeröer eilanden die overwegend auto’s bevatte met een Faeröerese kentekenplaat. Tot onze verbazing moesten van twee rijen de passagiers te voet het schip op. Zo ook Alexander. Bij het aan boord gaan met de auto bleek waarom.

far006

Ons blauwe Kaatje rijdt de Norröna op

Het schip was niet vol en ook personenauto’s werden op de onderste dekken geladen. Voor een goede stabiliteit van het schip is de gewichtverdeling van belang. Het gewicht op de onderste dekken moest opgevoerd worden. Parkeren moest dan ook vlak naast elkaar zodat er meer rijen auto’s naast elkaar konden. Voor mij lastig, maar het dekpersoneel was ook met die slechte parkeerder uit Nederland geduldig. Wel had ik een beetje de bibber omdat bij het helling op rijden naar het tweede dek de boel stil viel. Zo werd voor mij hellingtrekken en strak parkeren op eens heel actueel en hoewel ik pakweg 40 jaar een rijbewijs heb, ben ik in parkeren geen ster. Uiteindelijk lukte het allemaal. Door de haast twijfelde ik de gehele reis of ik de handrem er wel goed op had gezet. Geen zeeziektepleister genomen. De hele dag ging het goed. Behalve bij het diner in het buffetrestaurant. Het schip ging meer te keer dan eerder die dag. We hadden een groot deel van de dag de Noorse kust gevolgd en juist met het eten werd de koers meer naar het westen verlegd. Na het hoofdgerecht verliet ik Alexander om snel een pilletje te nemen om de boel in mijn buik te kalmeren. Het ging uiteindelijk goed en de misselijkheid verdween.

13 juli
Goed geslapen. Alexander zelfs meer dan 11 uur. De zee was grijs, grauw en rustig. Zelfs na die 11 uur, valt Alexander weer rustig in slaap om slapend de saaie zeereis af te maken. We kwamen precies volgens de planning om 15.00 uur plaatselijke tijd in Tórshavn aan.

far007

Zicht op Tórshavn vanaf de boot

 

far008

Zicht op Tórshavn vanaf de boot

We waren één van de eersten die het schip af konden rijden. Hierna hebben we eerst een wandeling gemaakt door Tórshavn om te kijken of er veel veranderd was in twee jaar en waar precies de Ierse pub zat. Daarna de kustroute naar Leynar genomen. Het huisje was precies wat wij verwachtten. Een schitterend uitzicht en een mooie smaakvolle inrichting. Het kost wel wat meer dan de alternatieven, maar dan krijg je ook wat.

far009

Het uitzicht van ons huis voor de komende tijd

 
far010

Een gedeelte van de woonkamer van ons tijdelijk huis

far012

Keuken

far011

Nog een stukje woonkamer

far013

Na een lange reis is het genieten van het geweldige uitzicht

‘s-Avonds iets opmerkelijks. Een hele conferentie op het strandje beneden ons (Leynar-sandur). Elf mannen, waaronder van de gemeente, liepen af en aan en plantten op een aantal plaatsen stokken en namen ze daarna weer mee. Wat staat er te gebeuren? De tijd zal het leren!

far014

Conferentie op ‘ons’ strand

14 juli

Vandaag gedaan waar we in 2009 niet aan waren toegekomen. De boottocht met de voetferry naar Svínoy en Fugloy. Eerst met de auto naar Hvannasund om te kijken hoe laat de boot zou gaan.

Onderweg naar Hvannasund

Onderweg naar Hvannasund

Onderweg viel op dat de éénbaanstunnels, die we door moesten, erg druk waren. 16 tegenliggers op 5 kilometer is naar onze ervaring van 2 jaar geleden erg veel. Wij hadden op de heenweg voorrang dus alles verliep soepel. Bij de ferry aangekomen bleek deze pas 3 uur later te vertrekken.
Dus terug naar Klaksvík (circa 12 kilometer, waarvan circa 5 kilometer tunnel). Gelukkig weinig tegenliggers. In Klaksvík eerst tanken en dat werd schrikken. Terwijl we stonden af te rekenen zag ik dat een bus zicht klemreed tussen een aantal objecten en ons Kaatje. Naar buiten gespurt; bleek dat de buschauffeur misschien niet zo goed zijn mogelijkheden kon schatten maar wel een verstandig mens was. Hij was op tijd gestopt. Tussen onze KA en de bus zat misschien nog twee centimeter. Door met de KA simpel achteruit te rijden kwamen we zonder schade, maar met de schrik vrij. 
Daarna een bezoek gebracht aan het toeristenbureau om de tol van de tunnel bij Leirvík te betalen en kijken of er een nieuwe wegenkaart was en of er topografische kaarten te koop waren. Voor het laatste moesten we naar een boekhandel. Waar we ze ook kochten. Daarna inkopen gedaan bij de lokale super. Wat een prijzen voor gewone zaken! In Nederland mogen we blij zijn met onze eigen supers, daar zijn wij heel wat goedkoper uit.

Daarna terug naar waar de MS Ritan met drie bemanningsleden al op ons lag te wachten. Samen met een 10-tal andere passagiers en enkele kratten vracht en een drietal vaten diesel zetten we voor 45 kronen per persoon koers naar Svínoy en Fugloy. De komende 2,5 uur waren we onder de pannen. Wind, regen, een enkele zonnestraal en de deining van de oceaan waren ons deel. We werden verblijd met prachtige vergezichten en beelden van de eilanden omfloerst door flarden licht, mist en regen en een donker blauwe zee met grijze lucht met soms enkele stukjes blauw.

far016 far017

Voor de prijs van een dagretourtje van de NS, Bergen op Zoom –Roosendaal voor tien minuutjes ervaring met een volle trein, krijgen we van het openbaar vervoer van de Faröer een circa 2,5 uur durende reis, zonder vertraging, zonder angst voor agressie, zonder vandalisme en toch spannender dan de voor dat geld geboden 10 minuten in het Nederlandse openbaar vervoer door een professionele vervoerder als de NS. Op de kade van Kirkje op Fugloy wachtte ons een verassing de kade van het eiland met ongeveer 40 inwoners verdeeld over twee dorpen stond vol met mensen en vrolijk spelende honden, waaronder zelfs een groep chinezen. Wat hadden die daar nu te zoeken?

Vrolijk welkom geheten door deze makker

Vrolijk welkom geheten door deze makker

far019

Er werd wel uitgeladen maar nog niet ingeladen. De reis ging eerst nog naar het tweede dorp op het eiland Hattarvík. De chinezen keken ons niet begrijpend na. Een dertigtal minuten later konden zij met vele anderen de MS Ritan betreden. Terug naar Hvannasund was een volle bak waaronder veel jongeren! Vele bleven ook achter op de kade. In de schoolvakantie blijft de komst van de ferry voor velen een 3x daags te bekijken uitje.
De terugrit richting Klaksvík werd een spannende belevenis in het duister. De eerste tunnel tussen Norddepil en Arnafjordur leverde voor ons spannende momenten op. Een passeerplek lijkt geschikt voor drie auto’s, maar in een aarden donkere tunnel lijken dingen bij het beperkte licht van de koplampen soms anders dan ze zijn en is niet alles wat het lijkt. Wij reden vlak achter de tweede auto die binnen ons zicht de tunnel inging en er kwamen er zeker een stuk of vier achter ons aan. De boot was immers net aangekomen. Op enig moment nam de voorste auto (een huurauto, dus een toerist) de gok dat hij makkelijk de volgende passeerplek, voor de aanstormende koplampen, zou kunnen halen. Dat leek niet het geval. Aan die koplampen zat een forse vrachtwagen vast. De toerist moest in die donkere tunnel achteruit. Maar de door de chauffeur beoogde passeerplek was reeds gevuld door drie auto’s (de door mij ingeschatte maximale capaciteit). Met mijn achteruitrij kwaliteiten zou het een regelrechte ramp voor onze KA en mogelijke slachtoffers kunnen worden. Maar er waren na ons nog een aantal auto’s gevolgd. Toen bleek er plotseling rechts tussen ons en de tunnelwand een auto op te duiken, strak naast ons geplaatst. Er bleken minimaal vijf auto’s op de passeerplek te kunnen staan. De vrachtwagen moest, ondanks zijn voorrang stoppen, zijn doorgang was versperd en vlak achter hem konden de voorste auto’s vanaf de passeerplek de tunnel weer in en de anderen konden volgen om de vrachtwagen heen. Eens te meer blijkt dan dat geduldige mensen in een donkere tunnel op de Faröer eilanden zonder met elkaar te spreken de oplossing van hun problemen met een beetje goede wil kunnen vinden. Een ding is zeker, je moet geen tunnelfobie hebben anders heb je op die eilanden een probleem.
Op de terugweg aten we in restaurant Hereford in Klaksvík. Alles was nog precies als twee jaar geleden. Alleen de knappe jongedame die ons toen en nu bediende had haar Engels op een hoger plan gebracht.
De route van Klaksvík naar Leynar leverde nog een verrassing op. We wisten dat er een driedaags zomerfestival georganiseerd werd op drie locaties in de Götaregio op Eysturoy. We kwamen er langs. En zagen met eigen ogen wat mensen bij 12 graden Celsius en veel regen bijeenbrengt: muziek, veel drank (wijn en bier), onnoemlijk veel opéén gepakte kleine tentjes! Gelijk werd duidelijk waar de jeugd op de MS Ritan naar onderweg was. Het leverde zelfs iets van een file op. Zeker zeven auto’s moesten wachten op het uitladen van een bus.

Zomerfestival op Eysturoy

Zomerfestival op Eysturoy

Na thuiskomst bliezen we uit op ons binnenterras met uitzicht op zee en wat de tuin zou kunnen zijn van onze tijdelijke buurman. De man is een soort van kunstenaar/bejaarde hippie. Hij maakte een rondgang over zijn ‘grasveldje’ terwijl hij met een stok met scherpe punt herhaaldelijk op de grond sloeg en in de grond prikte. Het waarom was ons een raadsel. In de humuslaag van hooguit 10 centimeter vermoedden wij geen mol. Onze lieve Heer heeft ook op de Faröer eilanden rare kostgangers.

15 juli
Vandaag was het weer bar en boos! Veel, heel veel regen. Ik ben de deur niet uit geweest. Alexander is in de middag toch nog een eind gaan lopen. Langs een bergbeek op zoek naar bergkristal. Of waar hij nat mee thuis kwam ook werkelijk bergkristal was, zal later blijken.
Vandaag niet uit eten. We behielpen ons met een blikje party knaks van Unox en een partij hard gekookte eieren en ’Krekkers’ van de Jumbo met kaas. Het was even afkikken maar we konden het lijden. Het uitzicht vanuit het huisje vergoedt veel. Zelfs op een dag met continue regen en veel wind biedt het strandje voor ons huis veel te zien. Buiten de golven en de effecten van eb en vloed, wandelen er geregeld mensen en zelfs in een zee van hooguit 9 graden spelen er kinderen en pubers met de golven. Ook honden zijn vaak te zien.
Op z’n dag merk je dat de TV normaliter een vooraanstaande plek in het tijdverdrijf inneemt. Met één niet te volgen Noorse zender en één Deense zender met één uur Faröerese uitzending ben je snel uit gekeken. Zij het dat we genoten hebben van één nieuwsitem; De Faroer-rap van een rare Engelsman. Prompt heb ik die naar mijn circa 1900 vrienden op hyves verstuurd.
Gevolg: een paar leuke reacties en drie vrienden minder.

 16 juli
De dag begon als gisteren. Maar we hadden ons voorgenomen naar Mykines te gaan, het meest westelijke eiland met naar het schijnt een spectaculaire brug over een kloof. Met de auto door de tweede toltunnel (de lokalen noemen een tunnel door een berg: berghol) tussen Leynar en het eiland Vágar. Daarna langs het vliegveld waarbij we constateerden dat de landingsbaan verlengd werd. Aangekomen in Sörvagur was het even zoeken naar de ferry. Het bleek de MS Silja Star die ons met ruim 34 kilometer per uur naar Mykines bracht. De schipper noemde het eiland “Mitsjines”. Het was veel stampen en dansen met deze snelle boot. Op de terugweg kwam hij zelfs zo nu en dan los van het water om met een harde klap ons wakker te houden. Het haventje was heel bijzonder in de zin dat honderden vogelnesten tegen de kliffen geplakt zaten en ze met veel kabaal hun ongenoegen lieten blijken gestoord te worden in hun belangrijke taak, hun eieren uit te broeden of hun jongen warm te houden.

far021

Het regende verschrikkelijk, maar wij ‘als jongens van Jan de Wit’ begonnen aan de voettocht: de berg op richting de kloof met bijzondere overspanning. Nadat we met veel moeite de eerste helling (voor mij een berg) genomen hadden, bereikten wij een ommuurde herdenkingsplek met bankjes. Ondanks onze jacks waren we al grotendeels doorweekt. Stormachtige wind en de regen en mijn bijna totale uitputting deden hun vernietigende werk op onze moraal. Toen we tot de ontdekking kwamen dat er minimaal nog een helling en een smal paadje van nat gras op ons wachten, met daar naast een ravijn van gauw honderd meter diep hadden we het gezien. Alexander kwam met het voorstel terug te gaan, omdat hij het niet zag zitten en van mening was dat ik niet alleen moest zorgen dat hij veilig terugkwam, zoals ik zijn moeder had beloofd, maar hij moest zorgen dat ik veilig terugkwam. Dus terug langs het relatief veilige (grotendeels zonder ravijn) gladde graspad omlaag.

Het gladde graspad, brrr

Het gladde graspad, brrr

Met de bibber in mijn benen en nat en koud bereikten we het dorp (16 inwoners) en zochten de warmte van een kantineachtige voorziening, die men gasthuis noemde. De biefburger (met o.a. rode bietjes) smaakte samen met de hot coco wonder wel. Het werd wachten op de boot. Een half uur voor het vertrek hebben we nog even het dorp met het kerkje uit 1879 verkend. De terugtocht verliep zonder problemen. Nat zochten we ons warme huisje weer op. 
Na thuiskomst klaarde het een beetje op en werd het lichter. Met een enkele keer een zonnestraaltje. Gegeten in Tórshavn bij de Ierse pub. Aspergesoep (met sperzieboontjes), hield niet over, en de lamschotel. Die was zeker aanbevelingswaardig.

17 juli
De dag begon met redelijk mooi weer. Het was droog en met hier en daar wat blauw in de lucht. We besloten eerst naar Tórshavn te gaan om vast te stellen van waar de ferry naar Suduroy vertrekt. Dat bleek nog een hele klus. De plek en boot, die we eerder in gedachten hadden, bleek naar Nólsoy te gaan. Na wat rond lopen, besloten we het toch maar te vragen aan een man die in een wachtlokaal zat. Hij sprak beperkt Engels maar hielp ons wel op weg. Na dit intermezzo gingen we op weg naar Saksun via de mooiste vallei van de Faröer eilanden, de Saksunardalur.

De vallei Saksunardalur

De vallei Saksunardalur

Die smalle weg van ruim 11 kilometer is een belevenis met veel passeerplaatsen. Op de heenweg ging alles goed. In en rond Saksun hebben we, op een speciaal door ons gekochte topografische kaart van dat gebied, de wandelpaden verkend. Er bleek heel weinig meer van te kloppen. Een brug bleek nog maar voor de helft aanwezig. Startpunten van wandelroutes waren afgesloten door hekwerken en deels door landverschuivingen. Het voornemen van Alexander om een route van ruim vijf kilometer te doen, ging de mist in. Te voet gingen we de uitloper van het dal in, richting zee en waddenstrook. Ik haakte half in af. De wind en de loopcondities werden mij te veel. Ik besloot om onderweg op wat stenen de terugkeer van Alexander af te wachten. Hij bleek genoten te hebben van de vele mooie beelden die de natuur hem bood. Er werd daar veel gevist vanaf het strand en vanaf het wad en met lieslaarzen vanuit het water.

far024

Op weg naar de waddenstrook

De waddenstrook

De waddenstrook

De waddenstrook

De waddenstrook

Op de wandeling terug naar de auto bleken toch niet alle schapen klimbok-kwaliteiten te hebben. Beneden aan een helling troffen we de restanten van een schaap aan. Veel kaal gegeten beenderen en zijn vacht. Ook de Faeröerezen zelf wandelden op deze zondag door de vallei, het strand en de wadden rond Saksun.

far027

Het arme schaap

De weg terug door de Saksunardalur vallei was in die zin bijzonder, dat we zowaar twee bussen tegenkwamen. We zagen ze gelukkig van ver en konden ze laten passeren. Hoe het zou moeten als twee bussen elkaar zouden moeten passeren is mij een raadsel want de meeste passeerplekken bieden slechts plek voor één auto en niet voor een bus.
Bij terugkeer bij ons huisje bleek onze voorkeursplek om te parkeren bezet door één van de twee bussen die ons strandje als toeristische attractie bezochten. Zeker 80 á 100 vermoedelijk Amerikanen overspoelden, met gidsen, ons strand en ons benedenterras. Na een half uurtje was het weer rustig.
We besloten die avond in Vestmanna te gaan eten. Op de route daarnaar toe kwamen we langs Kvívík en de iglowoningen waar we in 2009 hebben verbleven. Geheel tegen onze verwachting in waren ze nog niet van de berg gerold en in één verbleef zelfs iemand, we wenste hem of haar sterkte.
In Vestmanna bleek weinig veranderd. Het restaurant bleek omstreeks 18.30 uur dicht. Ook dit was hetzelfde als in 2009. Toen waren we er in het winterseizoen. We dachten nu is het zomer, het toeristenseizoen op de eilanden, nu zal het toch wel open zijn. Maar nee, dit restaurant-bar bedrijf is alleen geopend van 9.00 uur tot 17.00 uur! Openingstijden op zijn Faröerees! We besloten bij de benzinepomp maar een broodje te nuttigen. Net als in Klaksvík bleek dat een goede keus, het smaakte uitstekend en is een stuk goedkoper dan een restaurantmaaltijd. Of het gezonder is, is de vraag. Maar ‘nood’ breekt wet. 
Op de terugweg naar Leynar konden we een suïcidaal schaap net ontwijken. Dit was al de tweede test op onze alertheid deze week. Die schapen toch!

18 juli
Vandaag om 8.30 uur de ferry genomen van Tórshavn naar Tvöroyri op Suduroy. De Smyrill is, voor een eilandferry, een gigantisch schip. Het heeft vroeger dienst gedaan als ferry tussen de Faröer eilanden en Denemarken. De overtocht verliep gladjes. Er hoefde nog niet betaald te worden, kaartjes worden alleen op de route Tvöroyri-Tórshavn verkocht.

far028

De Smyrill ligt op ons te wachten

Eerst zijn we op zoek gegaan naar het toeristenbureau in Tvöroyri voor informatie over eventuele opgravingen. We kregen een telefoonnummer van een meneer in Porkeri die een plaatselijk museum beheerde. Toen we hem belde, bleek hij al door de dame van het toeristenbureau gebeld te zijn. We gingen naar hem op weg. We namen de toeristische route via de kustweg tussen Öravík en Hov. Omdat die weg na het openen van een tunnel vermoedelijk alleen door gekken en een verdwaalde toerist gebruikt wordt, reageerde een schaap op de verschijning van een blauw monster, onze KA, nogal vreemd. Hij of zij sloeg op hol. Honderden meters rende het arme beest voor ons uit. Hoe zachtjes we ook reden hij of zij bleef op de weg tussen de kliffen (omhoog) en de vangrail (omlaag). Als wij stil gingen staan deed zij het ook. Om daarna weer verder te rennen. Uiteindelijk kwam er een opening in de vangrail maar ook daar was zij bang voor en nam een paar keer een aanloopje naar de opening om weer te stoppen. Uiteindelijk ging ze er door. Toen we passeerden bleek de reden van de angst. Er liepen twee dunne draadjes aan de onderkant en bovenkant van de opening tussen de vangrails. Ze kwam er veilig door. De man in Porkeri stond op ons te wachten nabij de kerk. Bij aankomst bleek het museumpje vlakbij de kerk te staan. Speciaal ging het museum, dat normaal alleen op zondagmiddag open was, voor ons open. We kregen van alles te horen over de geschiedenis van het eiland en de rol van de Nederlanders daar. Van een Friese familie met 12 kinderen tot de scheepsramp van een Nederlandse walvisvaarder, waarvan een deel van de bemanning achterbleef en zorgde voor nageslacht. Hij opende speciaal voor ons ook de kerk en leidde ons rond. Speciale aandacht kreeg een oud doopvont waarvan Alexander enkele foto’s maakte in de hoop dat hij de herkomst zou kunnen ontdekken. Met veel kennis en zijn emailadres gingen we op pad.

Het doopvont

Het doopvont

far029

Onderzijde van het doopvont vermeldt duidelijk het jaar 1780

We hebben het hele eiland verkend van Sandvik in het noorden tot Sumba in het zuiden. 
Alleen Hamrabyrgi hebben we over geslagen. Na een stukje de weg opgereden te zijn kwamen we tot de conclusie dat die weg teveel was voor onze zenuwen (smal en weinig passeerplekken). Ook de ervaring in de tunnels van Suduroy was anders dan op de andere eilanden. De combinatie van tunnels met flauwe bochten met kleine en weinig passeerplekken was voor ons, niet wetende waar deze zich bevonden, iets te avontuurlijk. Eén keer kwamen we in zodanige problemen dat, in de positie dat ik achteruit moest (daar ben ik geen held in) in de aarde donkere tunnel, ik Alexander als waarnemer uit de auto stuurde. Bijna ontmoette de KA de harde tunnelmuur (scheelde volgens Alex dertig centimeter), maar toen kon de tegenligger ons voorbij. 
Suduroy is duidelijk anders dan de andere eilanden. Hier groeien in veel tuinen bescheiden bomen. Mogelijk is het feit dat dit eiland een stukje zuidelijker ligt van invloed op het lokale klimaat. Hoewel we het bij ons bezoek niet hebben ervaren. Het was relatief koud en het stormde dat het een lust was. Ook op de bergen waren op enkele plekken bosachtig houtopstanden. Gemengd loof en naaldhout. Wat ook opvalt is het veel voorkomen van forse bloeiende fuchsiastruiken en aalbessenstruiken, hoewel aan deze geen bessen tot ontwikkeling komen.

Uitzicht over Porkeri

Uitzicht over Porkeri

Nadat wij de thuisblijvende Ank via de webcam op de kade van Tvöroyri hadden toegezwaaid gingen we aan boord van de Smyrill. Het was geen rustige vaart. De zee was ruw en de boot beukte op de golven met zo veel boegwater dat het de ruiten van het restaurant op het hoogste dek, waar wij aten, geselde. Na de maaltijd viel Alexander in het vrijwel lege restaurant lang uitgestrekt in slaap. Om circa 21.15 uur betraden we weer ons huisje in Leynar.

19 juli
Vandaag een rustig dagje in ons strandhuis te Leynar. Pas later op de dag met de MS Ternan naar Nólsoy. We voeren net weg van de kade in Tórshavn, toen bijna iedereen plotseling opstond en naar één kant van de boot ging om naar iets, onder veel discussie, te kijken.
Het bleek het binnenvaren van de Brigitte Bardot van Sea Shepherd die de Faröer eilanden een bezoek bracht vanwege de lokale jacht op grienden (pilot whales).

far032

far033

Op Nólsoy bekeken we het dorp en constateerden we dat bijna niets rekening hield met toeristen. Zelfs het lokale toeristenkantoortje straalde van buiten niet uit: ‘hier moet je zijn’.
Aan de havenkant zat het informatiebordje (maar daar was geen ingang) en als je om het gebouwtje heen liep moest je zoeken naar de deur die geheel opging in de verder gesloten wand.
Eenmaal binnen was men één en al behulpzaamheid. Maar wij, rare Bergenaren, hadden toch een vraag waar geen antwoord op kwam. Wat wij zagen hadden de bewoners zelf nog nooit bewust gezien. Op sommige (stenen) muren zaten bronzen zegels genageld, met de afbeelding van een schaap en het woord “MARK”. Ze zaten op verschillende hoogten en op schijnbaar willekeurige plekken. Alexander heeft weer wat huiswerk in het uitzoeken van reden en herkomst. De boot kwam en ging op tijd.

far034

Eenmaal terug in de haven zagen we op afstand al dat er voor Faeröereese begrippen sprake was van een volksoploop bij de Brigitte Bardot. Wij gingen er ook maar eens kijken. Bij aankomst bleek er veel (lokale) pers aanwezig te zijn. De sfeer was in eerste instantie gemoedelijk. Kinderen werden bereidwillige aan boord gehesen en mochten op het dek van deze bijzondere catamaran. Er werden veel foto’s gemaakt en er werd druk gepraat met en over de bemanning, het schip en het doel. Plotseling werd het wat grimmiger toen een man met een professionele camera probeerde een discussie te filmen. Even later werd de felste van de, vermoedelijke, vissers door vrienden of collega’s met ‘zachte’ hand weggeleid.
Nadat Alexander klaar was met foto’s maken, gingen we naar de Ierse Pub om wat te eten. Dit keer kozen we de goulash soep. Smaakte redelijke en voor mijn gevoel zeer gekruid. Daarna ging ik voor de kipburger op zijn Faröerees. Groot met veel aankleding en veel kipfilet en met onnoemlijk veel friet. Het smaakte goed, maar door de hoeveelheid ging het er niet allemaal in.

20 juli
Na het uitslapen van Alexander gingen we tegen het middaguur richting de boot naar Sandoy.
Het weer was zodanig goed dat we het aandurfden de bergroute naar Tórshavn te nemen, mede ook omdat via die route je niet de stad door moest om de weg naar Gamlaraett en Kirkjebøur te bereiken. Onderweg heeft Alexander uitgebreid de Deense militaire bebouwing gefotografeerd. Niet omdat wij een spionage-opdracht vervulden, maar omdat iemand met een grasmaaier het gras op de daken te lijf ging. Toch een beetje raar: je dak maaien!

far035

far036
We waren te vroeg voor de boot naar Sandoy, dus reden we eerst maar even door naar Kirkjebøur om te zien hoe het stond met de ingepakte ruïne van wat eens een bisschoppelijke zetel was. Een deel van de overkapping was verdwenen en twee vrouwen waren met restauratie/conservering bezig. Op onze vraag wanneer het werk klaar zou kunnen zijn, zodat we de ruïne eens zonder de omlijsting van steigers en afdekking zouden kunnen zien, was het antwoord: kom over vijf jaar maar eens terug, als er geld komt tenminste want de financiering is een probleem.

far037

Kirkjebøur

Daarna richting de ferry naar Sandoy. We schrokken een beetje van het aantal wachtende auto’s. Konden die er allemaal wel op? Toen het laden begon werden wij er uitgepikt. Het waarom werd snel duidelijk. Onze KA is een relatief smalle auto. De ‘smalletjes’ mochten/moesten het eerst de Teistin op. Onder de dwingende aanwijzingen van een dekknecht, haalde ik alles uit mijn beperkte parkerende kwaliteiten.
Alexander was te voet aan boord gegaan, want hij had anders de auto niet meer op een normale wijze aan zijn kant kunnen verlaten. Aan boord leek voor mij de oude tijden op de veren over de Westerschelde te herleven. Veel spelende rennende kinderen, alleen de erwtensoep ontbrak, de warme worst was er wel!
Toen de boot aankwam in Skopun ging ik op zoek naar onze KA. Een lichte verbijstering maakte zich van mij meester, waar was hij gebleven. Alexander werd te hulp geroepen en hij kwam al snel tot de conclusie dat er een tweede autodek moest zijn. Dat bleek het geval. De boot was afgeladen en daarom werd een ophefbaar dek eerst geladen. Opgetild en daarna werd het echte autodek geladen. Het ophefbare deel was ongeveer de helft van het echte autodek en daar pasten alleen de smallere auto’s op. We waren één der laatsten die van boord gingen. In de haven van Skopun eerst de webcam opgezocht, Ank gebeld, gezwaaid en daarna op zoek naar de lokale opgravingen, die wij bij ons eerste bezoek van twee jaar geleden hadden ontdekt.
Ze bleken, tot teleurstelling van Alexander, allen afgerond. Dan maar weer naar het lokale toeristenbureau in Sandur waar wij de vorige keer zo veel informatie kregen. De meneer van toen was er niet, een lokale schoonheid wel, die met een groot enthousiasme aan de slag ging om een ieder die misschien iets kon vertellen over de opgravingen, waar dan ook op de eilanden, te pakken te krijgen. Op enig moment, na misschien wel vijf gesprekken, kwam de mededeling: ‘u wordt zo meteen teruggebeld door de archeoloog van de eilanden’. Wat ons de vorige keer niet lukte, de lokale rijksarcheoloog te spreken te krijgen, lukte deze jongedame wel en we werden teruggebeld. Alexander straalde! Er waren weliswaar nu geen opgravingen (gebrek aan geld) maar wel veel informatie over eerdere opgravingen die werd gedeeld. De archeoloog was nieuwsgierig naar de artikelen die Alexander naar aanleiding van ons eerste bezoek had geschreven. Adressen werden uitgewisseld en toegezegd werd dat de artikelen, vertaald en wel, toegezonden zouden worden. 
Ondertussen had ik aan de jonge dame laten zien op welke wijze ik de Faröer eilanden via hyves promootte, ze was stomverbaasd. En enthousiast toen ik liet zien dat de hyves van haar landje de grootste was van alle Scandinavische landen op hyves.
Een dezer dagen sturen we haar een mail met nadere informatie, in de hoop dat er een ‘lokalo’ zich meldt die mee wil helpen via mijn hyves de eilanden te promoten door meer foto’s, filmpjes en mogelijk een speciale hyves van lokale musici. 
Daarna hebben we nog even gekeken of de paarden, die ons de vorige keer op de weg naar Skarvanes zo verrasten, er nog waren. Dat bleek het geval. Maar dit keer stonden ze ons niet in de weg. Op de terugweg nog een strandwandeling gemaakt bij Sandur. Daar waren zowaar ook iets wat leek op zandduinen.
Zowel bij Kirkjebøur als op Sandoy kwamen we voor het eerst op de eilanden Nederlandse auto’s tegen (totaal 2).
De bootreis verliep zonder problemen. Nu wist ik waar mijn auto bleef en was ik mentaal op het parkeren voorbereid. We besloten in Leynar thuis te eten. De lokaal aangeschafte Dr. Oetker pizza’s smaakten bekend.
Later op de avond werd het druk en werd er lawaai geproduceerd op ons strandje. Het leek bijna op een Spaans strand. Een quad draaide rondjes en een waterscooter spoot van de ene kant van het fjord naar de andere kant. Tevens werden er herhaalde pogingen gedaan te waterskiën en toen het eindelijk voor meer dan 100 meter lukte, leidde dit tot applaus. Dat alles bij ongeveer 5 graden luchttemperatuur en een watertemperatuur van misschien 8 graden. Rare stoere jongens die Faröerezen! Of zijn wij nu zo flauw?

far039

De eerste voorbereidende werkzaamheden

Op de helikoptervlucht na, hebben we alles gedaan waarvoor we kwamen.
Nu moet het weer nog zodanig worden dat een vlucht zin heeft en er iets te fotograferen valt.
Tot op heden wil het weer niet helder worden en blijven de bergen in de wolken. We zullen zien. Vrijdag is de laatste kans om de door ons gewenste vlucht te maken.

21 juli
Vandaag een rustige dag. Pas in de middag naar Tórshavn gereden omdat Alexander had begrepen van de archeoloog van de eilanden dat er nabij een kerk in Tórshavn een stilgelegde opgraving viel te bekijken. Wij zijn alle ons van de kaarten bekende kerken af geweest maar de opgraving niet kunnen vinden.

far038

Kerk in Tórshavn

Gegeten bij Café Natur aan de haven. De Club Natur Sandwich en de Tortilla van oksakjaött konden onze waardering meekrijgen. Bijzonder was de warme chocolademelk (Heitt Kakao), die bleek een halve liter. Ik heb het met veel genoegen genuttigd.
We waren omstreeks 18.00 uur weer in Leynar. 
Goed en wel gezeten op ons binnenterras of er gebeurde iets bijzonders op ons strand. Er kwamen steeds meer mensen en kinderen met harken, kruiwagens, grote plastic zakken, een bolderkar en een quad met aanhangwagen. De bewoners van Leynar en Kvívík gingen gezamenlijk de aangespoelde rommel te lijf. Na dit met bewondering aangezien te hebben, besloten Alexander en ik (als tijdelijk bewoners) ook maar mee te gaan doen. Gezien het feit dat wij geen hark in ons schuurtje hadden gevonden, gingen wij aan de slag met de bijeen geharkte hopen in de zakken te doen en deze te verslepen naar een aanhangwagentje. Onze activiteit werd met enige bevreemding bekeken, maar ook in dank aanvaard. Uit een gesprekje met een mevrouw, die liever geen Engels sprak, werd ons duidelijk wat er ging gebeuren: komende zaterdag was er een strandhandbaltournooi op ons strandje. Dat was het dus wat de gemeentelijk medewerkers vorige week bespraken! Nu ook werd ons het doel duidelijk van het getimmer de afgelopen dagen. Het product van die noeste arbeid was niet twee merkwaardige vangkooien, maar twee handbaldoelen! Toen we er gewond mee ophielden (één van mijn vingers bloedde) werden we bedankt voor onze inzet. Na drie uur noeste arbeid door tientallen mensen zag ons strand er uit als om door een ringetje te halen. Wat ons opviel aan het bijeengeharkte afval was, dat het vrijwel uitsluitend aangespoeld spul betrof.
We zien uit naar een zaterdag. Wij zitten dan op de eerste rang zowel op ons buiten- als op ons binnenterras.

far040

Een prachtig veld met bloemen vlak bij ons huis

22 juli
Waar je ook bent, je kunt niet om het nieuws uit Noorwegen heen. Zoveel verdriet veroorzaakt door ‘menselijk’ handelen. Zo’n onwaarschijnlijk nutteloos menselijk offer in een land wat zo vreedzame indruk maakt. Na een dag als vandaag is voor veel Noren niets meer hetzelfde. Hoe kijk je na dit soort gebeurtenissen, veroorzaakt door een landgenoot, tegen je eigen samenleving aan. Terwijl hardwerkende vrolijke mensen beneden ons strandhuis de dag van morgen voorbereiden, door twee handbalvelden op het strand uit te zetten, een ‘koek en zoopie’ tent op te zetten, houten banken te plaatsen, doelen in te graven voor een mooie dag op het strand, vindt er in een land, waarmee zij deels de oorsprong van hun taal, hun cultuur en hun tradities en geschiedenis delen, gebeurtenissen plaats die je voorstellingsvermogen te boven gaan. Hou raar zit onze wereld soms in elkaar. 
Nu we zo’n beetje alles gedaan hebben wat we wilden doen, hebben we er een luie dag van gemaakt. Alexander is verkouden geworden en ligt/leest een groot deel van de dag op de bank. Aan het eind van de middag komt de verhuurder van het huisje langs om te vragen of alles naar wens is en met een kortingsaanbod voor een volgende keer. Tegen de avond naar Tórshavn gereden. Voor het laatst boodschappen gedaan. Dit keer in de grootste super van de eilanden, bij de Miklagardur die voor geen enkele supermarkt in Nederland onder hoeft te doen. Wat een oppervlakte met voeding en speelgoed! Daarna gegeten in de Ierse Pub. De kip van Alexander viel tegen. Te ver doorgebraden. Mijn lam was uitstekend. Daarna terug naar Leynar en het nieuws gevolgd en de werkzaamheden op het strand bekeken.

23 juli
Vandaag de hele dag in en om het huisje in Leynar verbleven. Het strandhandbaltournooi was een hele gebeurtenis. Het was de eerste keer dat zoiets op de Faeröer eilanden georganiseerd werd. Het weer was perfect en de temperatuur liep wel op tot 14 graden. Mensen verbleven op het strand zoals wij in Nederland bij 23 graden. Er werd zelfs in de zee, met een watertemperatuur van circa 8 graden, ‘gewoon’ gezwommen, althans door vrouwen!

far041

Het toernooi in volle gang

far042

far043

far044

De Faroerese vlag wappert fier

far045

Een strijdkreet om de tegenstanders te imponeren

far046

Bij het fotograferen had Alexander ook duidelijk oog voor vrouwelijk schoon

far047

Na afloop was de boel in enkele uren opgeruimd en zag het strandje er weer uit alsof er niets was gebeurd. Wij kregen de broodjes met worst op het strand gratis omdat we donderdag hadden meegeholpen het strand op te ruimen. We moesten net als de anderen de broodjes en de worst zelf op één van de grillen/barbeques opwarmen. Ik heb mij zelfs gewaagd aan een Nordic Cider van Föroya Bjór. Het biermerk van het eiland.

24 juli
De dag van ons vertrek met de Norröna naar Hirtshals. Omstreeks 11.15 uur hebben we ons huisje in Leynar verlaten richting Tórshavn. Nu het helder was, namen we de bergweg en besloten we alsnog de weg naar Sornfelli te nemen. De enige weg op de eilanden die als een gevaarlijke bergweg wordt aangemerkt en het bordje bij het inrijden van de weg je maant tot veilig rijden. De weg kent al stijgende naar circa 700 meter een twintigtal passeerpunten en vele zeer onoverzichtelijke bochten. We kwamen zonder problemen boven. We parkeerden onze KA op een vijfhonderdtal meters van het wegeinde, omdat voor dat laatste stuk weg een inrijverbod geldt. Voor deze hoogste webcam zwaaiden we Ank en nicht en neef, die bij haar op bezoek waren, toe.

far048

Printscreen van ons zwaaigedrag bij Sornfelli

Alexander verzamelde voor een vriend een uurtje keien/mineralen voordat we aan de afdaling begonnen. Vlak voor hij instapte werden we gecontroleerd door de bestuurder van een auto die naar boven reed en nadat hij ons gezien had, gelijk keerde. In die berg is een communicatiecentrum van de NAVO gevestigd met een hoog James Bond gehalte. Ook de vorige keer maakten we zo iets mee. Als je op die berg als bezoeker te lang blijft of je gedrag misschien wat vreemd overkomt (slenteren en dingen fotograferen en oprapen), komt er vermoedelijk vanuit de Deense basis iemand omhoog.

far049

Uitzicht Sornfelli

far050

Uitzicht Sornfelli

Daarna naar Gamlaraett gereden en ook daar Ank en aanhang toegezwaaid. Toen naar Tórshavn en daar wat gegeten op een terras aan de haven en gewacht op het aan boord kunnen gaan. We vertrokken om circa 24.00 uur.

25 juli
De eerste nacht aan boord was de zee onrustig. We sliepen er wel goed op. Overdag wat rondgehangen en gegeten in het cafetaria. De burgers en het zalmbroodje smaakten goed.
Vroeg gaan slapen, want we zouden vroeg onze hut moeten verlaten.

26 juli
Om 4.00 uur werden we gewekt via het omroepsysteem dat we over een uur onze hut verlaten moesten hebben. Daarna is het wachten lang. Om 7.30 uur liepen we de haven van Hirtshals binnen en konden we omstreeks 8.00 uur Denemarken weer met onze Ka onveilig maken en gingen we richting Sleeswijk en Sleeswijk-Holstein om twee musea te bezoeken, gespecialiseerd in de geschiedenis van de Vikingen (Schloss Gottorff en het Vikingen museum Haithaibu, beiden in Sleeswijk). Alexander was dol enthousiast en er werden een aantal dikke opgravingrapporten aangeschaft.

far051

far052

far053

far054

far055

far056
We melden ons daarna in hotel Waldschlosschen in Sleeswijk, een luxe hotel. Het eten was perfect. De kip/kerry soep was wat vreemd op een kaart van een Duits restaurant, maar was de moeite waard. De lamsfilet was meer dan perfect. Alexander was bereid dat eind (circa 700 kilometer) er nog wel eens keer voor te rijden. 
Moe zochten we daarna onze kamer op.

27 juli
De thuisreis. Ik reed tot voorbij de drukte rond Hamburg en Bremen. Daarna nam Alexander het stuur over en bracht zichzelf, zijn vader en de KA veilig terug in Bergen op Zoom.
Omstreeks 15.45 uur melden we ons weer bij Ank. Dit keer in levende lijven en konden we
gezond en wel aan de slag met de vele post en mails.

Louis van der Kallen


 

 

VAKANTIE 2009 FAROER EILANDEN

 


 

VAKANTIE 2009 FAROER EILANDEN

 

28 augustus 2009
Vanmorgen met Alexander om circa 7.00 uur met de KA vertrokken naar Esbjerg in Denemarken. Tot vlak bij Bremen ging het goed. Bij Bremen bijna 40 minuten gedaan over een kleine 2 kilometer. Tussen Bremen en Hamburg een schijnbaar oneindige rij van wegwerkzaamheden. Iedere keer circa 6 kilometer een 60 of 80 kilometerzone om daarna circa 4 kilometer 120 te mogen. Dat stuk Duitsland was onaangenaam. Na de Elbetunnel ging het snel beter. Om ongeveer half zes naderden we Esbjerg Haven. Even gekeken waar we de volgende dag in zouden moeten schepen voor de Faroer eilanden. Nog even pinnen en tanken en dan de B&B opzoeken. Het tanken lukte pas bij het tweede tankstation. Bij het eerste, nota bene een Shell station, was de uitleg alleen in het Deens. Daar kwamen we niet uit. Bij het tweede ook onbemande station lukte het na enig puzzelen wel.
Om even over zessen vonden we de B&B, bij een boerenfamilie op zolder. Een oudere vrouw legde alles in het Deens uit. Een man vermoedelijk haar zoon (Lars) was in het Engels een man van weinig woorden.

29 augustus 2009
Goed geslapen in de B&B voor in totaal 260 Deense Kronen. Dat is ongeveer 34 euro. Buiten een wandeling, door het centrum van Esbjerg, waar de winkels op zaterdagmiddag gesloten zijn, gelummeld met uitzicht op zee. Omstreeks half vijf in de middag kwam de Norröna voorbij. Een kanjer van een schip.

faroer001

Om circa kwart over zeven hebben we ons gemeld bij de Smyril Line. Alex ontdekte een sterretje in de voorruit. Met het voornemen in Tórshavn een poging te doen het te laten repareren gingen we aan boord. Een Faroerees vertelde dat alle dealers in Tórshavn zaten. Hij had nog nooit gehoord dat men dat ‘injecteren’ ook op de Faroer zou kunnen. We zouden wel zien. We vertrokken 7,5 uur later dan de oorspronkelijk aangegeven tijd. Vermoedelijke aankomst in Tórshavn maandagmorgen om 7.30 uur.

30 augustus 2009
De gehele dag op de boot. Ook dit grote schip met volgens de folder ultramoderne stabilisatoren stampt op de golven. Beweegt naar links naar rechts naar voren en, zo lijkt het soms, naar achteren. Ik ben blij met de pleister tegen zeeziekte. Ondanks de pleister waren mijn benen vaak slap en bibberig. Met goed vasthouden en gericht oversteken lukte het altijd. Als bijwerking van het medicijn had ik een droge mond en keel en veel slijmvorming achter in de keel. Alex had dezelfde verschijnselen. Hij begon op de tweede dag wazig te zien. We hebben toen de pleisters maar afgedaan. Tweemaal warm gegeten. Eerst in het cafetarium en de tweede keer in buffetstijl in het restaurant. Beide hadden een goede prijs-kwaliteit verhouding. Bijna de gehele reis waaide het verschrikkelijk. Zelfs Alex kan alleen op de voorplecht overeind blijven als hij zich vasthield. Lang op het achterdek uit de wind gezeten.
De dag duurde lang. Toen er eilanden in zicht kwamen ontdekten we dat, vanwege de wind, de route van de Norröna dwars door de Shetland eilanden liep. We hebben dus even gevaren door Schotse wateren.

31 augustus 2009
Hoewel de Norröna 7,5 uur later vertrok dan oorspronkelijk gepland, kwam zij slechts 3 uur te laat aan. Nadat we de thuisblijvende Ank via een openbare webcam hadden toegezwaaid, gingen we op zoek naar het toeristenbureau in Tórshavn.

thorn008

We wilden het adres hebben van de lokale Forddealer om iets te laten doen aan de ster in de voorruit. De dealer deed dat soort werk niet zelf maar was zo goed contact op te nemen met een collega. We zouden donderdag morgen terecht kunnen. Daarna de reis naar Klaksvik aangevangen. Die verliep voorspoedig. Alle tunnels op de circa 75 kilometer lange route bleken tweebaans en verlicht. We hebben enige tijd moeten zoeken naar het toeristenbureau, maar uiteindelijk toch gevonden. Daar konden we betalen voor de accommodatie. Richtingaanwijzingen zouden best wat beter kunnen. We hebben ook moeten zoeken hoe en waar we zouden kunnen betalen voor het gebruik van de Toltunnel naar Klaksvik. Ze maken een foto van je kentekenplaat en dan kan je bij een tweetal benzinestations en bij de plaatselijke toeristeninformatie betalen voor het gebruik. Je betaalt één bedrag voor de heen en terugreis (één keer betalen voor twee doortochten). Slim en goedkoop als iedereen eerlijk is. Wat er zou gebeuren als je niet betaalt in onduidelijk. Ik denk dat je dan misschien op of voor de ferry naar Denemarken tegen gehouden zou kunnen worden. We hebben het maar niet uitgeprobeerd. Vandaag hebben we de eilanden Kunoy en Vidoy geheel bekeken en Bordoy grotendeels. Ook weten we nu zeker dat we niet met de boot naar Fugloy en Svínoy zullen gaan. Die eilanden hebben geen goede havenfaciliteiten en je moet dan redelijk atletisch zijn om daar aan land of weer aan boord te komen. Morgen gaan we bekijken of we er per helicopter naar toe kunnen. Dan ga ik ook bekijken hoe en wanneer we op Kalsoy kunnen komen. De drie tunnels op Kunoy en Bordoy bleken onverlicht en enkelbaans. Het passeren op de passeerstroken ging goed. Keer op keer hebben we ons verbaasd over de ervaren stilte.
We hebben Faroereese bankbiljetten gepind. Prachtige biljetten, vooral het biljet van 500 Kronen is voor een Bergenaar een herkenning. Een wenkende krab als illustratie.

faroer002
Ons voornemen om te gaan eten in een restaurant eindigde in een fikse wandeling op zoek naar een open restaurant. Helaas tevergeefs. Met brood, kaas en een blikje Unox worstjes eindigde onze eerste vermoeiende dag op de Faroer.

1 september 2009
Vanmorgen ben ik omstreeks kwart over zes gaan wandelen en heb daarbij de veerpont naar Kalsoy verkend. Hij vertrok om tien over half zeven met slechts één passagier. Voor mij de ideale vertrektijd omdat, als de boot leeg is, het eventueel achteruit er af rijden voor mij geen problemen behoeft te geven (ben in de achteruit een bedroevend slechte chauffeur). Vandaag met Alex Bordoy verder verkend, alsmede een deel van Eysturoy. Wat opvalt is dat zelfs het kleinste dorp beschikt over een school, een kinderspeelplaats en een veelal schoon openbaar toilet. Bergen kan er nog wat van leren. Het mooie weer (12 graden Celcius) dreef de schooljeugd en hun juffrouwen naar buiten. Verder waren de dorpen verlaten. Alleen op de haventerreinen en directe omgeving was het een drukte van belang.
De gehele ochtend was het prachtig zonnig weer en vrijwel windstil. Pas omstreeks twee uur in de middag werd het bewolkt en miezerde het een beetje. Na de tunnel tussen Leirvik en Klaksvik brak de zon weer door. Wat opmerkelijk was dat Alex zijn GSM afging op vrijwel het diepste punt (meer dan 100 meter beneden zeeniveau) van deze circa vijf kilometer lange tunnel. Op meer dan 100 meter diepte werkte alles perfect. Waar een klein landje goed in kan zijn. Ingeval van nood ben je daar, ook in een tunnel van vijf kilometer, bereikbaar
Vanavond gegeten in restaurant Herefort. Ondanks de Engelse naam was de kaart in het Faroerees en Deens. De pepersteak en het lamsvlees smaakten er niet minder om.

2 september 2009
Vandaag de eerste boot genomen naar Kalsoy. Tien over half zes is duidelijk voor de meeste Faroerezen te vroeg. Op die grote boot was slechts één andere passagier en onze KA de enige auto.

faroer003
Kalsoy is slechts enkele kilometers breed en circa 20 kilometer lang met een paar honderd inwoners verdeeld over vier dorpen. Toch gaat er 4 à 6 keer per dag een ferry naar toe en rijdt er gericht op de aankomst en vertrek van de ferry een busje langs de dorpen. Alle dorpen zijn per weg ontsloten. Daartoe is totaal verdeeld over vier tunnels ruim negen kilometer tunnel door de bergen gegraven/gehakt/geboord of opgeblazen. De laatste ruim twee kilometer om 3 gezinnen met de bewoonde wereld te verbinden. Ieder dorp heeft een speelplaatsje en drie van de vier dorpen een soort pannaveldje en daar wordt door de jeugd veel gebruik van gemaakt.
Begin van de middag hebben we de helicopter genomen van Klaksvik naar Fugloy met landingen in Hattarvik en Kirkja. We kregen prachtige vergezichten over de eilanden voorgeschoteld.

faroerA faroerB

Helaas moest er niemand in Svínoy zijn. We vlogen wel over dat eiland en hadden vanuit de lucht een prachtig zicht op het gelijknamige dorp.

faroer004

Zelfs deze eilanden met ieder minder dan honderd inwoners zijn bereikbaar en hebben met een helihaven in geval van nood een snelle verbinding met de rest van de eilanden en de voorzieningen. Naar deze eilanden is ook een bootverbinding maar deze is voor gewone mensen vrijwel niet te nemen wegens de veelal woeste/onrustige oceaan en de beperkte haven faciliteiten. In de middag Eysturoy verder verkend met een passage van een tweetal passen op een hoogte van circa vijfhonderd meter om Gjógv en van daaruit Eidi te bereiken. Zowel bij de helivlucht als bij deze passages viel op dat de bergen eigenlijk een soort tafelbergen zijn. De toppen zijn door erosie en door de gletsjers tijdens de ijstijden afgeplat. Zelfs op deze voor mensen nauwelijks te bereiken toppen zijn schapen te vinden.

3 september 2009
Vandaag om half acht vertrokken naar Tórshavn om het sterretje in de voorruit te laten repareren. Tijdens de reparatie gelopen naar het nationaal historisch museum. Dat was voor mijn arme voeten een verre wandeling. Maar het was de moeite waard. Geschiedenis, cultuur-historie en archeologie werden mooi met elkaar verbonden. Het moderne gebouw lag op een industrieterrein maar voldeed aan alle aan een museumgebouw te stellen eisen. De expositie gaf zeker een totaalbeeld van de cultuurhistorische geschiedenis van de Faroer. Alleen de Engelstalige teksten waren soms wat kort door de bocht. Het meeste pijn deed nog wel de tekst die aangaf dat het Friese Dokkum in Duitsland lag.
Daarna onder andere het fort van Tórshavn bezocht. Dat was zeer beperkt. Het fortje en het Deense garnizoen van circa 40 man is tot de demobilisatie, midden jaren achttienhonderd nooit getest op de militaire waarde.

sornfelli4Later op de middag zijn we op zoek gegaan naar de webcam op Sornfelli. Uiteindelijk hebben we hem op circa 700 meter hoogte in dichte mist gevonden. De laatste honderden meters hebben we gelopen omdat volgens de borden alleen geautoriseerde voertuigen verder mochten. Later bleek dat deze webcam zich bevond vlak voor de ingang van een in de bergtop uitgeholde ruimte waarin een NAVO communicatiecentrum en een locatie Van Faroya telecom waren gevestigd.

Op de terugweg naar Klaksvik de opgraving in Leirvik gezocht, gevonden en bekeken. Dit dorp van ruim achthonderd inwoners bleek te bestaan uit drie ‘stadsdelen’. In de wijk Toftanes troffen we de opgraving aan. Op een mooie wijze werd de geschiedenis voor bewoners en bezoekers inzichtelijk gemaakt.

faroer005

4 september 2009
Vandaag was het uitzonderlijk mooi weer. Vrijwel de gehele dag was het zonnig en misschien wel 13 graden Celsius in plaats van de gebruikelijk 11 à 12 graden. De temperatuur op de eilanden variëert nauwelijks. De dag en nacht temperatuur verschilt hooguit één graad. Zonnig of bewolkt het maakt nauwelijks iets uit. De kleine landmassa’s in die grote oceaan worden nauwelijks door de zon opgewarmd. De watertemperatuur van de oceaan bepaalt het jaar door feitelijk de luchttemperatuur.
Vandaag zijn we door de Saksunardalur vallei gereden. Met voor Faroerese begrippen brede beek met daarin zelfs waterbeheersingwerken zoals een stuw en restanten van wat eens een stuw gecombineerd met een watermolen was.

faroer006

Ook zagen we de restanten van vermoedelijke turfwinning met gegraven waterloopjes ter ontwatering van het veen.
Het dal en de ligging van het dorpje Saksun is van een uitzonderlijke schoonheid. De stilte wordt alleen ‘verstoord’ door het klaterende water van de vele watervallen. Het dorpje Saksun ligt vlak boven een wat eens een natuurlijke haven was. Die is nu verzand. Nu is het een ideale plek om vanaf de zandplaten in zee op zalm en zeeforel te vissen. Terwijl achter wat watervalletjes en kleine stroomversnellingen en een stuwachtige constructie op, de opstroom gezwommen vis, in zoetwater gevist kan worden. Vooral daar werd met vliegen door de eilanders gevist. De beek uit het dal stroom vanaf het hoogste punt zowel naar Saksun als naar Hvalvik de andere kant op.
Daarna zijn we naar Tjørnuvik gereden. Een dorp met een opgraving van Vikinggraven maar ook een prachtig uitzicht op de rotsen bij Eidi, waar twee rotspunten Risin en Kellingin los oprijzen uit de oceaan.

faroer007

Volgens de saga een reus en een trol die de Føroya naar IJsland wilden slepen maar ruzie kregen en bij opkomende zon veranderden in stenen pilaren. Ze deden mij wel even denken aan onze burgemeester en wethouder Linssen die soms ook voor de muziek uitlopen en dan wel eens verblind worden door het licht wat de gemeenteraad wil laten schijnen, bijvoorbeeld met de raadsenquête.

5 september 2009
Vandaag de verhuizing naar de ‘iglo’ in Kvívík. De overgang van onze comfortabele etage in Klaksvik naar het huisje in Kvívík was groot. De ligging en het uitzicht van het huisje zijn prachtig.

faroer008

faroer009

Het huisje ziet er leuk uit, maar het verblijf heeft veel weg van kamperen en schoon was het allerminst. Er zit o.a. schimmel in de koelkast. Een schoonmaak poging staken we spoedig als blijkt dat zelfs de afsluitende rubberrand van de deur ook binnenin volzit met meurende schimmel. Ook blijkt het wel bestelde beddengoed afwezig en de toegangsdeur tot het huisje krijgen we niet op slot. Bij alle beschikbare telefoonnummers van de eigenaren/verhuurders klinkt “niet bereikbaar”. Een tocht naar de ‘tourist informatie’ is leerzaam. Zelfs in dit dorp van niks was geen relevante informatie of nadere adressen van de verhuurders verkrijgbaar. Wel de adressen van politie (Tórshavn) en de gemeente. Maar daar kun je op zaterdagmiddag niet veel mee. Bij terugkeer in het huisje bleek er ineens wel beddengoed afgeleverd. Aan het slot en de koelkast was niets veranderd. Iets niet op slot kunnen doen in de Faroer is niets bijzonders. Het is simpelweg niet nodig. Als voorbeeld de fietsen bevatten zelden een slot. Een sleuteltje zou je kunnen verliezen en dan heb je een probleem. Gejat wordt er niks. Het huisje bevatte allerlei elektronische apparatuur zoals een satelliet TV en DVD. Iets op slot willen doen is echt iets voor rare bange mensen van het continent.
Die dag ook de opgraving van Vestmanna gezocht en na lang zoeken gevonden. Dit was de tweede teleurstelling van die dag. De lokatie bleek ingepakt in plastic. Er viel dus niet veel te fotograferen. Het rondrijden leverde wel voor een mogelijke vakantie een aantrekkelijke verblijfplaats op. In Leynar is een geheel gerestaureerd historisch huisje, met grasdak, beschikbaar voor de verhuur met een prachtig uitzicht over zee en de kust en een zandstandje voor de deur. Een aanrader!

faroer010

Bij Leynar is een oude vistrap voor zalmen van totaal circa twintig stappen.

faroer011

faroer012

Wat in het algemeen opvalt is de moeite die de ‘boeren’ van de Faroer eilanden moeten doen om droog hooi voor de winter binnen te halen. In ieder dorp kom je de kleine doorluchtbare huisjes/gebouwtjes tegen. Maar vaak ook rijen met paaltjes met netten die met de hand gevuld worden met te drogen gras. Helaas is buiten drogen in onze ogen vrijwel verloren moeite met de dagelijkse regenval.
Wat ook opvalt zijn de vele honden. Ze lijken allemaal op elkaar maar wat veel kenmerkender is, is de volledige afwezigheid van ook maar enige vorm van agressie of dreiging. Ze zijn wel nieuwsgierig en worden graag aangehaald. Ze begroeten iedere bezoeker van hun dorp of erf.

6 september 2009
Vandaag begon de dag met veel mist en regen. Tegen elven werd het wat droger en soms was er zelfs een straaltje zon te zien. We hebben het eiland Vágar verkend. Het eiland met een echte luchthaven. Het is zeker geen Schiphol. Ze hebben zestien jaar over de éérste 100.000 reizigers gedaan. Een aantal wat Schiphol vrijwel iedere dag haalt. Het is dus wel iets anders dan onze nationale luchthaven. Opvallend was het huisje bij Gásadalur dat vanwege de soms wel erg krachtige winden stevig was vastgezet.

faroer013

Dit dorp van circa 30 zielen is middels een verlichte tunnel van circa 1,7 kilometer met de rest van de wereld verbonden. Het heeft als grote uitzondering geen kerk, maar wel een begraafplaats.

7 september 2009
Gisteravond en vannacht veel wind en nog veel meer regen. Vanmorgen konden we door de vele regenbuien soms het einde van ons toegangsweggetje niet eens zien. De regen, gemengd met de laaghangende bewolking op onze berg, leverden soms dus een zicht op van minder dan 50 meter. Tegen tienen besloten we naar Tórshavn te gaan via de kustweg en de tunnel. De bergweg leek ons met deze wind en het beperkte zicht te gevaarlijk. Eenmaal in Tórshavn besloten we toch de boot te nemen naar Sandoy. Het klaarde op en de lucht brak open.
Sandoy is een wat gelijkmatiger eiland. De bergen zijn meer glooiende heuvels. We hoopten de eilanden: Shúvoy, Stóra Dimun en Lítla Dinum te kunnen fotograferen. Dat lukte matig. Ondanks de zon en de sterke wind bleef het boven zee heiig. Op de weg terug van Skarvanes hadden we een bijzondere ontmoeting met een viertal paarden. Alle dagen hadden we reeds de vele loslopende schapen kunnen ontwijken. Veelal gingen ze bij onze nadering vanzelf op tijd van de weg. Deze paarden waren dat echter niet van plan. Ze proefden zelfs aan de auto. Vooral een ruitenwisser was interessant. Na circa 5 minuten verdween de interesse voor dat rare model auto (KA) met de afwijkende kleur (paars) en nummerplaat (Nederlands) en mochten we verder.

faroer014

faroer015

Het weer werd in de loop van de middag rap slechter. Terug op de boot kwam de mededeling (in het Faroerees) dat er veel deining stond.
Eenmaal terug in onze ‘iglo’ bleek wat het betekent op een kale berg op de Faroer te verblijven. De gierende wind en de striemende regen deden het huisje steunen en kreunen en soms bewegen. We hoopten dat het rottingsproces van het houtwerk nog niet zover zou zijn dat we morgen tot de ontdekking zouden komen dat we onderaan de berg, dus in zee wakker zouden worden.

8 september 2009
Vannacht en vanmorgen heeft het stevig gestormd met veel regen. We besloten naar Tórshavn te gaan en naar het tourist informatiecentrum (om te mailen) en naar het natuur historisch museum van de Faroer. In het tourist informatiecentrum de kaart van de eilanden nog eens goed bekenken en geconcludeerd dat zelfs op de Faroer eilanden gemeentelijk chauvinisme soms ver gaat. Op Vágar is een relatief groot meer dat in de twee verschillende gemeenten, die het meer territoriaal verdelen, het meer ook verschillend heet.

faroer016

Het natuurhistorisch museum is zeker een bezoek waard. Het is vooral ook interessant vanwege de weergave van de geologische geschiedenis van de eilanden. Tijdens ons bezoek waren er geen andere bezoekers. Speciaal voor ons werden de geluiden behorende bij de expositie aangezet. De rest van de dag doorgebracht in onze ‘iglo’.
Harde storm en veel regen bracht ons tot de televisie. De Faroya televisie heeft een aantal bijzondere eigenschappen. Het is één zender die grotendeels een overname is van een Deense zender. De typisch Faroerese elementen zijn onder andere het nieuws, dat meer een actualiteiten programma is waarbij de gasten stevig bevraagd worden. Het vaste hoogtepunt is de vrijwel dagelijkse berichtgeving over de eigen voetbal competities! Op een bevolking van nog geen vijftigduizend zielen heeft men minimaal twee klassen. De ‘premier legue’ bevat 10 clubs. Het bijna dagelijkse half uur van het sportprogramma “3-2” bevat rapportages van de wedstrijden, trainingen, interviews met spelers, trainers, clubbestuurders en supporters. De inzet is fenomenaal. De emoties zuid-europees. Geen uitzending zonder een rode kaart,die altijd zonder morren gedwee werd geaccepteerd. De wedstrijd tegen Oostenrijk van het nationale elftal was een hoogtepunt waarvan men geen genoeg lijkt te krijgen. Vooral het eigen doelpunt werd en wordt vermoedelijk nog steeds eindeloos herhaald. Faroerezen houden van sport en zeker van voetbal. Ze kennen ook een doelpunt van de week. De drie uit te kiezen ‘male’ komen ieder reclameblok langs.
Wat ook een belevenis is, is de weersverwachting omdat de variatie in temperatuur per dag en op de dag gering is wordt hij over het etmaal in tienden van graden nauwkeurig weergegeven. Waar ik even over gedaan heb, om het vanuit het Faroerees te begrijpen, was de weersverwachting per visgebied. Van een aantal locaties op zee wordt ook uitgebreid het te verwachten weer aangegeven.
De storm bereikte in de avond en nacht een nieuw hoogtepunt. Het geloei in de pijp van de houtkachel was werkelijk oorverdovend.

9 september 2009
De zee is nog woest maar de storm is gaan liggen. De morgen begint met een waterig zonnetje. Vandaag opruimen, inpakken en nog een bezoek aan Tórshavn en mogelijk een bezoek aan het lokale ‘stadskantoor’. Alex probeert nadere informatie te verkrijgen over een aantal opgravingen op de eilanden. Zodat de te schrijven artikelen in het magazine van de Stichting In den Scherminckel ook over archeologie op 62 graden noorderbreedte de juiste informatie gaan bevatten.
De rit naar Tórshavn had achterwege kunnen blijven. Het lukt niet de lokale archeoloog te spreken te krijgen noch bij de gemeente aan zijn emailadres te komen. Archeologische gegevens lijken op de Faroer eilanden wel staatsgeheim.
Ook het winkeltje waar Alex graag iets wil kopen voor zijn lief bleek nog steeds gesloten.
Vanavond dachten we ons galgenmaal in Vestmanna te genieten. Het enige restaurant in een straal van 35 kilometer van ons ‘huis’ bleek door de weeks alleen tot 16.00 uur geopend. Rare jongens die Faroerezen.

10 september 2009
Vandaag is de dag van vertrek. Omstreeks 15.00 uur naderen we het centrum van Tórshavn. File!!! Die morgen blijkt een cruisschip met 3200 Amerikanen aangekomen. Het centrum van Tórshavn is overstroomd met die mensen. Door de vele zebrapaden in het centrum loopt het verkeer vast, omdat de Faoerezen nog stoppen voor mensen op zebrapaden. Na de auto aan de haven geparkeerd te hebben (onder het webcam oog van Ank) ontvingen we al snel een sms van Ank.

thor 23Allerlei duistere figuren hielen zich op bij ons voertuig. Bij een snel onderzoek ter plaatse, maakten we mee wat normaliter alleen eigenaren van een rolls royce of sportwagens of oldtimers meemaken. Veel van die Amerikanen, waaronder Ford gepensioneerden bekeken mijn Ford Ka als ware het een rariteit. Sommigen dachten zelfs aan een prototype. Zou Ford nu eindelijk ook in Amerikaan kleine auto’s gaan maken? Het is een Ford, maar ze kenden het type niet. Diverse keren kreeg ik de vraag wat is dit voor een Ford? Mijn standaard antwoord was: Ééntje die ‘60 miles’ rijdt op ‘one gallon gas’. Verbazing alom. Ford kan ze maken, maar verkoopt ze klaarblijkelijk niet in de VS. Een paar vragers later kwam de vraag wat betekent KA. Mijn antwoord met een glimlach: “Kick Ass” werd wijzend op een naast geparkeerde KIA meesterlijk opgepakt: “ja en dat is een Kick International Ass”. Er blijken gepensioneerde Amerikanen met humor te bestaan.
De boot vertrok op tijd.

11/12 september 2009
De bootreis verliep voorspoedig en over een relatief rustige zee. Zaterdag kwam keurig op tijd de kust van Denemarken weer inzicht. De files op de Duitse wegen vielen ook mee. Zaterdagavond waren we gezond en wel weer thuis en konden we aan de slag met de vele post en mails.

Voor meer info over de Faroer eilanden bekijk dit filmpje op youtube. Het filmpje en de eilanden zijn een bezoek zeker waard.