HET ZWAARD OF DE BALANS?

 

    


| 31-10-2020 |

 

Gelezen in Harrebomée spreekwoordenboek der Nederlandse taal samengesteld in 1861. Dus een oude wijsheid!

“Wie geen verstand van het eijereten heeft, die zal den baard of de kale kin beslabben.” Dit kan eind 2021 slaan op het college.

Ik ben voor bezuinigen en de doelstellingen van het focusakkoord. Maar het tekort in 2021 naar nul brengen kan in mijn ogen alleen als het Rijk met extra miljoenen voor het ‘sociaal domein’ over de brug komt. Als je als college de opdracht zonder die voorwaarde aanvaardt, weet je niet waar je mee bezig bent. Bezuinigen op personeel kost geld, veel geld. Dat kan niet in één jaar kostenneutraal, als het ‘wonder’ – de nul – zonder hulp van het Rijk en zonder forse belastingverhoging sowieso al haalbaar is. In dat geval zamel ik as in om mij publiekelijk met as te overgieten en een rondje over de Grote Markt te lopen als boetedoening voor mijn kennelijke onwetendheid. Als de eventuele extra hulp van het Rijk in zijn totaliteit niet als overschot op de jaarrekening wordt gepresenteerd en de nul dus niet door bezuinigingen wordt gehaald, verwacht ik het opstappen van alle wethouders! Als het “niet halen” pas wordt geconstateerd ver in 2022 met het formeel vaststellen van de jaarrekening 2021 (boekhoudkundig trucje) en dit college of haar leden al zijn vertrokken, dan verwacht ik dat al mijn collega’s die voor dit ’amendement voor de bühne’ hebben gestemd, net als ik voornemens ben, in het openbaar boete te doen. Geseling hoeft niet. Men zou naar Compostella kunnen wandelen om de zonden te overdenken.

De BSD en ik zijn voor bezuinigen en het tekort naar nul brengen en de schuldenlast verlagen, maar wel met respect voor de rechten van onze ambtenaren. Bergen, Halsteren en Lepelstraat moeten wel hun identiteit en eigenheid kunnen behouden. Dat eist offers en vele jaren strak financieel beleid. Begrotingen moeten wel reëel zijn. Door een louter financieel amendement, zonder aan te geven hoe men tot die bezuinigingen komt, verliest het alle kracht. Het wordt tijd dat de gewaardeerde collega’s in gaan zien dat beleid maken meer is dan (onhaalbare) financiële kaders aangeven. In december komt “het hoe?” nadrukkelijk aan bod. Dan zal blijken hoe moeilijk het is. Om met respect voor de gemaakte afspraken, met het personeel en de vakbonden inhoud te gaan geven aan de nu geformuleerde financiële eisen. Zeker als je wilt dat ook onze gemeente haar noodzakelijke en bij wet gegeven taken voor de samenleving kan blijven voldoen. Dit gaat over echte mensen. Onze burgers en onze ambtenaren.

Hanteren we het zwaard of vinden we de balans?

 

Louis van der Kallen.


    

SAMEN VOOR ONS EIGEN

 

    


| 09-09-2020 |

 

Samenwerken in de politiek is moeilijk maar in de Bergse situatie absoluut noodzakelijk. Niet alle politieke partijen zijn er toe in staat. Bij echt samenwerken is een aantal kwaliteiten belangrijk die helaas bij slechts weinig politici herkenbaar zijn. Jammer genoeg maakt de wereld het hen ook niet gemakkelijk om eerlijk te zijn. In de politiek, zo is de ervaringswereld van de politici, loont liegen, loont beloven, loont korte termijnbeleid, loont het schenden van afspraken, loont doen of je neus bloedt, loont een slecht geheugen en loont het in een kwaad daglicht stellen van anderen.

De politiek is duaal geworden. Dat is zelfs officieel bijna twintig jaar geleden in wet en regelgeving vastgelegd. Zelfs in de laatste bolwerken van monistisch beleid, de waterschappen heeft de politiek, de partijpolitiek, haar intrede gedaan en is dualisme in opmars. In het artikel “WAAROM GAAT HET FOUT? ALFA’S!!!!!” heb ik beschreven hoe de ‘alfa’s’ het politieke domein veroverd hebben. En daarmee de dominantie van het woord hebben veroverd over de feiten. Campagne voeren, stemmen veroveren: de taal van de oorlog is de taal van de politieke partijen geworden. Net als in een echte oorlog is de waarheid het kind van de rekening.

Ze werkt het ook in de Bergse politiek. Wat er is gebeurd, is niet meer relevant, dat is voorbij. Of toch niet? Als je als partij een grote rol heb gespeeld bij de ontstane problematiek, negeer je dat. Nu is immers alles anders. De wethouder van de eigen partij, onder wiens verantwoordelijkheid bijvoorbeeld het plan de Bergse Haven is gemaakt (verlies pakweg 100 miljoen) is allang weg. De wethouder van de eigen partij die acht van de laatste tien jaar wethouder van financiën is geweest, is al twee jaar met pensioen. Dus allang vergeten. Zij zijn wel degelijk verantwoordelijk voor de ontstane problemen! Nu kijken we vooruit. Die partij is nu – voor mij – de reïncarnatie van de oudst bekende politicus die iedere paastijd weer voorbij komt: Pontius Pilatus. Wij wassen onze handen in onschuld is het liberale motto geworden. Wij nemen nu verantwoordelijkheid. We sluiten een focusakkoord. We benoemen wethouders van buiten. Zij dragen straks de verantwoordelijkheid voor alle nare zaken. Het gaat uiteindelijk om de ‘vox populi’ (de stem van het volk). Wij doen wat ‘loont’. Dat samenwerking noodzakelijk is, belijden wij, liberalen, met het woord. Voor de ware narcist – en wie is dat in de tijd van Instagram, LinkedIn en facebook niet? – is zijn interpretatie van ‘afspraken’ de waarheid. Hoezo ‘voorlopig niet politiseren’ of samenwerken met alle (tien) partijen. Doen we toch! Of toch niet? O, dat zegt ons campagneteam dat bepaalt zelfstandig wat het doet.

Ondergetekende heeft een tweede partij gevoegd in mijn rijtje van niet mee samen te werken. Ik hecht als geboren Feijenoorder wel aan daden, de geschiedenis en aan feiten. Als je als partij iets belooft (samen en depolitiseren) en de koppen op het pamflet laten het tegendeel zien zijn, dan zijn dat de feiten. Feiten in een lange reeks. Terwijl het belang van ons Bergen schreeuwt om ‘samen’ is het kiezen voor het eigen partijbelang een ontkenning van de echte op te pakken verantwoordelijkheid.

In het belang van Bergen is meer monisme en minder duaal geboden. Maar als er op ondergetekende – of anderen – geschoten wordt, zoek ik dekking. Ondergetekende is geen masochist en ik werk dan op die manier ook niet meer samen. Of ik terug ga schieten? Weet ik nog niet. Ik ben een soort van Calimero (zwart in een gele familie), de ‘ruziezoekers’ zijn groot en ik ben klein. Als een grote de verantwoordelijkheid wel zegt te nemen maar in werkelijkheid gewoon duaal blijft opereren en blijft handelen naar wat loont en het partijbelang voorop stelt, praat ik ‘achter de deuren’ niet meer mee. Waarom? Omdat het zinloos is met het summum van liberaal eigenbelang te praten over het algemeen belang. We kruisen de degens wel waar het hoort: in de arena van de raad. In Harrebomée is te vinden: “De raad vergadert te laat, Als men ten strijde gaat.” Het wordt tijd dat de raad vergadert voor dat pamfletten de trommels, trompetten en bazuinen nog luider laten klinken!

 

 

Louis van der Kallen.


    

WAT IS ER GEBEURD?

 

    


| 08-07-2020 |

 

Bij mijn ordevoorstel inzake het raadsvoorstel “Bijsturing exploitatietekort 2020” splitste de raad zich in landelijk (VVD, D66, CDA, GrL, PvdA en SP) en plaatselijk (GBWP, LL, BSD, Steunpunt, Punt en Samen) en dat was geen toeval. Zie je de raad als een afstempelmachine van voorstellen of zie je de raad als een volksvertegenwoordiging van de samenleving?

Bezuinigen met de botte bijl (“het geld is op” van de VVD) of met het fileermes waarbij gekeken wordt naar de maatschappelijke gevolgen en hoe de kern (wat maakt Berge, Halsteren en Lepelstraat tot wat ze zijn?) behouden blijft. De bedoeling van het focusakkoord was niet alleen bezuinigingen maar ook een andere politieke cultuur (depolitiseren). Daar was gisteren geen sprake van! Bij het eerste voorstel (de jaarrekening 2019) ging het al mis. Normaal is de jaarrekening een hamerstuk, het is immers geschiedenis. Het werd door een amendement van de VVD meteen politiek met de botte bijl! Terwijl afgesproken was de “bouwkotten” na de vakantie te bespreken, wenste de VVD nu het bestaande krediet meteen te schrappen onder het motto “het geld is op”. De manier waarop wekte irritatie op. Waarom? Omdat het opraken van het geld veroorzaakt is door dertig jaar VVD- beleid. De VVD zat onafgebroken meer dan dertig jaar in het college. Dertig jaar met vaak de verkeerde zuinigheid (zaken niet doen als er subsidies zijn en wel doen als het wettelijk verplicht is en de subsidies inmiddels afgeschaft) en het geloof in dromen en grote geldverslindende plannen (Markizaten en de Bergse Haven). Zo veel boter op het hoofd en toch zonder met de gevolgen rekening te houden met de kreet “het geld is op”, niet na willen denken over hoe het anders kan.

Ook het college had niet de politieke sensibiliteit om aan te voelen hoe je een politiek beladen voorstel grotendeels door de raad kan krijgen. Politici met maatschappelijke opvattingen en principes vinden het moeilijk om tegen hun geweten in iets te besluiten. Het is dan zaak daar rekening mee te houden. Bij partijen zonder principes of met weinig principes zoals “ het geld is op en wij willen een kleine overheid en marktwerking” is het makkelijk. Bij andere is het goed hen in staat te stellen die principes hoog te houden en toch tot besluitvorming te komen. Dat kan wel degelijk. De oplossing: wisselende meerderheden. Als voorbeeld een situatie vorige week in het waterschap (leuk omdat maar liefst vier van de Bergse fractievoorzitters ook in het waterschapsbestuur zitten). Een voorstel, over de trajecten van een dijkverbetering dreigde het niet te halen omdat op onderdelen partijen deels op principiële gronden anders dachten. De oplossing we stemmen niet over het geheel maar we maken er verschillen de voorstellen (stemrondes) van. Resultaat: alle voorgestelde trajecten haalden het met wisselende meerderheden en iedere fractie had zijn principes hoog kunnen houden.

Ons college wenste het voorstel niet op te knippen. Ze hadden “een technisch voorstel gemaakt”. Dus slikken of stikken. Daar hadden de ‘lokalen’ even geen zin in. Het is nu slikken of stikken voor het college geworden. Jammer want zo komt van de breed gewenste cultuurverandering en van depolitisering bitter weinig te recht. De raad is geen stempelmachine van collegevoorstellen. De raad wil stap voor stap door de pijnlijke bezuinigingsvoorstellen gaan. Waarbij behouden blijft wat voor onze gemeenschappen belangrijk is en ieder raadslid zich zelf, en dicht bij zijn of haar idealen, mag blijven.

Het vergt takt en respect maar vooral inlevingsvermogen. Kortom we misten het ‘oliemannetje’ dat dit bij de zogenoemde apolitieke collegeleden tussen de oren had kunnen krijgen. Maar ook dit wilde een deel van de landelijke partijen niet. Nu is het zaak de balans weer te vinden.

   
Louis van der Kallen.


    

NU DE UITVOERING

 

    


| 10-06-2020 |

 

Het focusakkoord is afgelopen week in de Raad besproken. 10 fracties tekenden er voor. Lijst Linssen (LL) niet! De raadsleden van LL kwamen bij die vergadering ook niet opdagen. De BSD tekende niet maar steunt in grote lijnen wel wat er in het focusakkoord staat. Wat de BSD mist, en het daarom niet tekende is het; hoe de 10 fracties denken al die ‘mooie’ voornemens te realiseren.

Bergen op Zoom gaat met dit gedepolitiseerde college, zonder formele politieke binding en met 3 wethouders op basis van ‘deskundigheid’ en daarmee in theorie een meer onafhankelijk, een nieuwe fase in. Deze zogenoemde ‘reset’ zou voor Bergen op Zoom een stap zijn om aan de politieke wanorde een eind te maken. Bestuur op basis van ‘deskundigheid’. Ik vraag mij dan af hoe zouden de andere (blijvende) wethouders zich voelen? Dat zijn nog ‘politieke’ wethouders! Niet gekozen op deskundigheid.

Wat is de ideale situatie? Wie heeft het antwoord?

Plato heeft zich zijn hele leven bezig gehouden met hoe een ideale staat eruit zou moeten zien. De ideale staat van Plato is verdeeld in drie standen. De laagste stand bestaat uit de boeren. De taak van deze laagste stand zou moeten zijn het zorgen voor de voedselvoorziening. De tweede stand bestond, in zijn denken, uit soldaten (of wachters). De soldaten moesten zorgen voor de verdediging van de staat. De eerste stand bestond uit een verstandig bestuur. Volgens Plato, moeten dit filosofen zijn die de vormen (of ideeën) hebben aanschouwd. Volgens Plato hebben goede bestuurders geen privé bezit en geen gezin en zijn zij vooral wijs. De bovenste twee klassen (de soldaten en de bestuurders) moeten in absolute soberheid en in gemeenschappelijkheid leven. Deze regels zorgden, in het denken van Plato, ervoor dat er geen wanorde ontstaat. Zijn uitgangspunt was ook dat de meeste kunstenaars uit de stad weggestuurd moesten worden. Kunst zou, volgens Plato, kunnen zorgen voor wanorde in de staat omdat kunst wordt voortgebracht uit het begerende deel van de ziel. Kunst is, in Plato’s denken erotisch, gewelddadig of beiden en zou zo kunnen leiden tot wanorde.

Kunt u het zich indenken: politici die in absolute soberheid leven. Onze vijf wethouders gaan genieten van een redelijk dik salaris. Drie hebben geen privé bezit in Bergen op Zoom, maar zou Plato dat bedoeld hebben? Hoe mooi is de gedachte aan een verstandig bestuur? Hoe weinig realistisch ook? De komende periode moet niet alleen gaan over bezuinigen maar ook over een toekomstvisie waarin de bezuinigingen passen. Wat te denken van Plato’s opvattingen over kunstenaars? Ik ben bang dat in de praktijk dat element van Plato’s denken wel wordt overgenomen. Sommige raadsleden willen stevig gaan bezuinigen op kunst en cultuur. Zeker nu de provincie dat ook gaat doen. Wat blijft er dan van de Bergse identiteit over?

Plato geloofde in het lerend vermogen van de mens. De vraag is dan: hoeveel mens zit er in de ziel van een raadslid of wethouder? Helaas is Plato er niet meer om over deze vraag nog eens in discussie te gaan. Zijn er Bergse ‘Plato’s’ die met mij de discussie aan willen gaan over de ideale Bergse ‘staat’ van uw gemeentebestuur? Stuur mij een mail ([email protected]) en we spreken af.

https://kijkopbergenopzoom.nl/opinie-nu-de-uitvoering/

 

Louis van der Kallen.