ROOD, ROOD, ROOD

 

    


| 17-06-2020 |

 

De jaarlijkse bijdrage aan gemeenten via het gemeentefonds bedraagt zo’n € 30 miljard en wordt vanaf 2022 anders verdeeld. Hoe gaat bepaald worden wat Bergen op Zoom daarvan mag verwachten?

Op 2 juni stuurde de verantwoordelijk minister Ollongren het eindrapport met gevolgen van de herijking in het sociaal domein van onderzoeksbureau AEF (Andersson Elffers Felix) naar de Tweede Kamer. Hoewel de uiteindelijke verdeling nog kan veranderen, is al wel een globaal beeld te geven.

Het valt op dat de nieuwe omvang van het sociaal domein als geheel 285 miljoen euro kleiner is. In het gemeentefonds-nieuwe-stijl gaat er in het sociaal domein ruim 800 miljoen euro minder naar de Wmo en 500 miljoen euro meer naar de jeugd. Bij jeugd zijn al langer geluiden over tekorten en bij Wmo hangt de verschuiving volgens de AEF-onderzoekers vooral samen met het subcluster dat in de oude verdeling gerelateerd is aan hulpmiddelen. De omvang van dat cluster wordt fors kleiner.

Als gevolg van de herverdeling zal het bedrag wat gemeenten krijgen fors kunnen verschillen met de uitkering uit het gemeentefonds nu, van +16 tot -27 procent van het budget. Als geheel gaan de kleinste gemeenten (tot 20.000 inwoners) er het hardst op achteruit: – 58 euro per inwoner. Ook de categorie 20.000 tot 50.000 inwoners moet een flinke veer laten: – 33 euro per inwoner. Gemeenten met 50.000 tot 100.000 inwoners krijgen te maken met een min van gemiddeld 9 euro per inwoner. Grotere gemeenten hebben de meeste voordelen van de herijking oplopend tot plus 106 euro per inwoner voor gemeenten boven de 250.000 inwoners. Dit zijn gemiddelden en daarmee een grove maat.

Op basis van gemiddelden komt Bergen op Zoom er niet positief uit. Als er niets veranderd wordt per 2022 uitkeringsdeel voor het sociaal domein voor Bergen op Zoom dan met circa 600.000 euro verlaagd en dat terwijl de verliezen op dat onderdeel van de gemeentelijke begroting in 2019 al bijna 9 miljoen waren. De rode kleur van het rood staan van de gemeente Bergen op Zoom wordt steeds dieper. De tekorten in het sociaal domein wegen bij veel gemeenten zwaar en dragen er aan bij dat meer dan tweehonderd gemeenten in het rood staan.

De resultaten van het onderzoek naar de effecten in de andere gemeentelijke domeinen worden na de zomer verwacht. De tussenrapportage over de andere gemeentelijke domeinen geeft aan dat het (nieuwe) model onvoldoende toekomstbestendig is en dat er sprake is van nog te veel onlogische en onverklaarbare uitkomsten en niet uitlegbare herverdeeleffecten.

In de begeleidende Kamerbrief geeft de minister aan dat het haar voorkeur heeft het gemeentefonds in de volle breedte te herijken en de uitgavenclusters in hun onderlinge samenhang te bekijken. Daarna zal ze de Vereniging van Nederlandse Gemeenten en de Raad voor het Openbaar Bestuur om advies vragen. Voor het einde van dit jaar wil ze de Tweede Kamer een definitief voorstel voor de nieuwe verdeling van het gemeentefonds voorleggen.

Nu lijkt het erop dat bij grotere gemeenten de kassa bij de herijking van het gemeentefonds harder gaat rinkelen en Bergen op Zoom aan de achterste mem komt te hangen. Werk aan de winkel voor het nieuwe college (richting VNG) en de landelijke politieke partijen (richting Tweede Kamer) of is het een extra argument voor een gemeentelijke herindeling?

https://kijkopbergenopzoom.nl/opinie-rood-rood-rood/

 

Louis van der Kallen.


    

NU DE UITVOERING

 

    


| 10-06-2020 |

 

Het focusakkoord is afgelopen week in de Raad besproken. 10 fracties tekenden er voor. Lijst Linssen (LL) niet! De raadsleden van LL kwamen bij die vergadering ook niet opdagen. De BSD tekende niet maar steunt in grote lijnen wel wat er in het focusakkoord staat. Wat de BSD mist, en het daarom niet tekende is het; hoe de 10 fracties denken al die ‘mooie’ voornemens te realiseren.

Bergen op Zoom gaat met dit gedepolitiseerde college, zonder formele politieke binding en met 3 wethouders op basis van ‘deskundigheid’ en daarmee in theorie een meer onafhankelijk, een nieuwe fase in. Deze zogenoemde ‘reset’ zou voor Bergen op Zoom een stap zijn om aan de politieke wanorde een eind te maken. Bestuur op basis van ‘deskundigheid’. Ik vraag mij dan af hoe zouden de andere (blijvende) wethouders zich voelen? Dat zijn nog ‘politieke’ wethouders! Niet gekozen op deskundigheid.

Wat is de ideale situatie? Wie heeft het antwoord?

Plato heeft zich zijn hele leven bezig gehouden met hoe een ideale staat eruit zou moeten zien. De ideale staat van Plato is verdeeld in drie standen. De laagste stand bestaat uit de boeren. De taak van deze laagste stand zou moeten zijn het zorgen voor de voedselvoorziening. De tweede stand bestond, in zijn denken, uit soldaten (of wachters). De soldaten moesten zorgen voor de verdediging van de staat. De eerste stand bestond uit een verstandig bestuur. Volgens Plato, moeten dit filosofen zijn die de vormen (of ideeën) hebben aanschouwd. Volgens Plato hebben goede bestuurders geen privé bezit en geen gezin en zijn zij vooral wijs. De bovenste twee klassen (de soldaten en de bestuurders) moeten in absolute soberheid en in gemeenschappelijkheid leven. Deze regels zorgden, in het denken van Plato, ervoor dat er geen wanorde ontstaat. Zijn uitgangspunt was ook dat de meeste kunstenaars uit de stad weggestuurd moesten worden. Kunst zou, volgens Plato, kunnen zorgen voor wanorde in de staat omdat kunst wordt voortgebracht uit het begerende deel van de ziel. Kunst is, in Plato’s denken erotisch, gewelddadig of beiden en zou zo kunnen leiden tot wanorde.

Kunt u het zich indenken: politici die in absolute soberheid leven. Onze vijf wethouders gaan genieten van een redelijk dik salaris. Drie hebben geen privé bezit in Bergen op Zoom, maar zou Plato dat bedoeld hebben? Hoe mooi is de gedachte aan een verstandig bestuur? Hoe weinig realistisch ook? De komende periode moet niet alleen gaan over bezuinigen maar ook over een toekomstvisie waarin de bezuinigingen passen. Wat te denken van Plato’s opvattingen over kunstenaars? Ik ben bang dat in de praktijk dat element van Plato’s denken wel wordt overgenomen. Sommige raadsleden willen stevig gaan bezuinigen op kunst en cultuur. Zeker nu de provincie dat ook gaat doen. Wat blijft er dan van de Bergse identiteit over?

Plato geloofde in het lerend vermogen van de mens. De vraag is dan: hoeveel mens zit er in de ziel van een raadslid of wethouder? Helaas is Plato er niet meer om over deze vraag nog eens in discussie te gaan. Zijn er Bergse ‘Plato’s’ die met mij de discussie aan willen gaan over de ideale Bergse ‘staat’ van uw gemeentebestuur? Stuur mij een mail ([email protected]) en we spreken af.

https://kijkopbergenopzoom.nl/opinie-nu-de-uitvoering/

 

Louis van der Kallen.


    

DE LABARLOT?

 

    


| 09-05-2020 |

 

Een column gaat over een boodschap verpakt in ‘taal’. Nu is de taal voor een man van 71 iets anders dan voor de ‘moderne’ mens. Ik ben opgegroeid in Rotterdam in een tijd dat vaderlandse geschiedenis nog belangrijk was en een vleugje nationalisme mocht. Ik wou altijd de eerste zijn en ging op school altijd voor de beloningsknikker voor het eerste goede antwoord. Ik was nooit de Labarlot! Degene die altijd te laat was. De spreekwijze was vermoedelijk naar de Spaanse bevelhebber Claude La Barlotte die altijd ‘te laat’ was omdat prins Maurits hem meestal te vlug af was. In Berrege is deze uitdrukking vermoedelijk onbekend.

De vraag is nu, met de totstandkoming van het nieuwe college, zijn we te laat? In een stad met een biertraditie en kelders is vermoedelijk “het is al te laat, het vat te verkuipen, als het bier in de kelder zwemt” een eerder gebruikt spreekwoord. Hoewel ik het hier nog nooit gehoord heb.

Sommige van mijn collega’s wekken de indruk dat nu zelfs een artikel 12 achtige procedure tot de mogelijkheden behoort. Ik zelf vermoed dat we daarvoor mogelijk te laat zijn. Toen ik voor het eerst in 2009 sprak over artikel 12 waren er maar enkele gemeenten die daar op een beroep deden. Nu is een gemeente in grote financiële nood geen uitzondering meer. In de laatste twee weken zijn aan de financiële nood van gemeenten nogal wat artikelen gewijd. De NRC schat dat 90 gemeenten (25%), waaronder Bergen op Zoom, een ernstig risico lopen insolvabel te worden. Volgens de Volkskrant gaat driekwart van de gemeenten bezuinigen omdat de tekorten hen daartoe dwingen.

Bergen op Zoom heeft in het verleden menige kans gemist om extra geld binnen te harken. Meestal omdat ze ‘zuinig’ was. Geen gebruik maken van subsidies omdat er eigen geld bij moest was het adagium. Bijvoorbeeld voor het saneren van riooloverstorten of de aanleg van riolering in het buitengebied. Later moesten de maatregelen alsnog genomen worden maar dan zonder de 50 % of 75 % subsidie. We waren de Labarlot. Of in plat Nederlands: we waren te laat. Daarom zijn onze riooltarieven zo hoog.

Als je met enkelen in problemen bent is het aantal aanwezige reddingsboeien (geld) van de rijks of provinciale overheid voldoende. Als er velen een financieel probleem hebben wordt de spoeling al snel te dun om nog echt te helpen.

Ik hoop dat de leden van het nieuwe college Bergen op Zoom aan zijn haren het moeras uit kunnen trekken. Geloof ik er in? Niet echt. Maar ik geef ze bij gebrek aan een echt alternatief graag de kans. Als raadslid zal ik ze volgen waarbij ik hoop dat het college en de collega-raadsleden niet alleen hun heil zoeken in bezuinigen. Bergen op Zoom, Halsteren en Lepelstraat moeten wel zichzelf kunnen blijven. Bergen moet meer zijn dan een ‘woonstad’. De cultuur, geschiedenis en het karakter van de kernen verdienen met liefde behandeld en behouden te blijven. Het gaat om meer dan geld! Anderzijds besef ik heel goed dat zelfs de beste dierenartsen een dood paard niet kunnen doen herrijzen. Laat ons Berrege niet de Labarlot zijn.

https://kijkopbergenopzoom.nl/column-de-labarlot/

 

Louis van der Kallen.


    

WAT IS ER AAN DE HAND?

 

    


| 18-04-2020 |

 

Wat is er aan de hand? Waarom doe je niet meer mee? Dit zijn vragen die mij de afgelopen dagen veel gesteld zijn. Het antwoord is gecompliceerd. Waarom iemand iets doet of niet doet zit vaak in zijn persoonlijkheid en wat hij in zijn leven heeft mee gemaakt. Een breukpunt in mijn politieke leven was 23 januari 2020. Het Schelpdebat. Ik schreef daarover op 25 januari het artikel “niets is meer het zelfde” wat te lezen is op mijn persoonlijke website. De kern was; de Bergse politiek en het college waren voor mij moreel finaal door het ijs gezakt. Bijna heel mijn werkzame leven heb ik gewerkt met gevaarlijke stoffen. Explosieve, brandbare, giftige of carcinogene stoffen. Veiligheidsvoorschriften waren heilig! Bewust de veiligheidsvoorschriften omzeilen of negeren was volstrekt onaanvaardbaar! Uit het ‘Schelpdossier’ bleek dat met de veiligheidsvoorschriften jaren lang de kont was afgeveegd. Allemaal vanwege het geld! In het debat bleek de totale onkunde of onwil om dat negeren serieus te nemen. Bagatelliseren was het politieke adagium van het college en de collegepartijen. De schuldvraag werd ook niet alleen onder het tapijt geschoven maar ook afgeschoven. Mijn vertrouwen in mijn collega’s verdween.

In het resetproces blijkt, naar mijn gevoelen, dat politieke/morele onbetrouwbaarheid endemisch is. Terwijl als er werkelijk de wil is tot samenwerken en van de beste man of vrouw op de juiste plaats, er geen spelletjes gespeeld zouden moeten worden. Als het resetproces werkelijk op basis van gelijkheid van de fracties gebaseerd zou zijn dan kom je niet met een stemprocedure waarbij de stemmen van 2 partijen bepalend zou kunnen zijn. Als je werkelijk voor de beste kandidaten zou gaan stem je niet op een persoon die voor een groot deel er de oorzaak van is dat veel goede en assertieve ambtenaren de afgelopen 25 jaar vertrokken zijn. Als je werkelijk de ambtelijke, bestuurlijke en politieke cultuur wilt veranderen dan ga je buiten kwaliteit ook voor draagvlak. Denkt men werkelijk dat draagvlak verkregen wordt door mensen voor te dragen die langdurig als wethouder of ambtenaar betrokken zijn geweest bij de totstandkoming van de ontstane financiële puinhoop en de ontwikkeling van een ambtelijke cultuur waarin het negeren van onveilige situaties ‘acceptabel’ is gebleken. Draagvlak moet nu verdient worden. Voor een grote politieke partij die tientallen jaren deel heeft uitgemaakt van colleges is draagvlak min of meer vanzelfsprekend. Ze kennen hun vertegenwoordiger(s). Voor een klein partijtje, niet betrokken bij de collegevorming, is draagvlak op iets heel anders gebaseerd. Vertrouwen! In een programma? Soms. Maar meestal op een enkel persoon in een college. Die als een herkenbaar baken wordt beschouwd. Omdat men die persoon als integer beschouwd of weet dat die persoon een dossier beheerst en een persoonlijkheid heeft die is gericht op samenwerking en het benutten van alle denkkracht die in de totale raad en ambtelijk apparaat zit. Vertrouwen is er zelden in de grote ego’s die denken het allemaal zelf te weten. Die notoir geringschattend doen over de inbreng van anderen. Als we werkelijk tot een college willen komen dat draagvlak heeft doe je dat niet met een stemprocedure die feitelijk de beslissingsmacht legt bij de grootste partijen. Het gaat uiteindelijk om een balans. Niet van politieke kleuren maar van menselijk kwaliteiten. Mijn vertrouwen, is na 23 januari niet hersteld. Dat zit deels in mij en deels in hoe anderen denken te moeten handelen. De Bergse politiek is kapot!

https://kijkopbergenopzoom.nl/column-wat-is-er-aan-de-hand/

 

Louis van der Kallen.


    

VERTWIJFELING 2

 

    


| 30-03-2020 |

 

Quo vadis? Waarheen gaan we als gemeente? Dit waren de eerst zinnen in mijn eerste column. Ik schreef die op 27 februari. We zijn nu een dikke maand verder. Zijn de 12 fracties (we) opgeschoten? Niet echt. Waar politici goed in zijn is gebeurd. Wat we willen is in mooie volzinnen opgeschreven. Met hier een daar een beetje ‘waarom’. En zelfs die mooie volzinnen zijn niet in de groep besproken. Toen het ‘hoe’ in zicht kwam kregen de uitstellers de overhand. En na de vergaderaanwijzingen van de regering is het stilgevallen. De uitwerking van ‘wat we willen’ is zonder overleg schriftelijk gebeurd.

Voor mij is het ‘hoe’ van eminent belang. Want als het blijft bij ‘wat we willen’ zullen grote groepen raadsleden niet doorkrijgen wat die wensen betekenen en zal het blijven bij pappen en nathouden. Oftewel we blijven afglijden naar de afgrond. Ik wilde het ‘hoe’ invullen in een raadsbrede openbare takendiscussie. Dat kan ook op 1,5 meter van elkaar! Waarbij dan helder zou worden dat we zonder draconische maatregelen er op eigenkracht niet komen en de vraag is dan, willen we dat? Hoe zal onze gemeente er dan uit gaan zien? Sport, cultuur, vastenavend, verenigingsleven, onderhoud, het zal allemaal door de hoeven zakken. Bergen op Zoom, Halsteren en Lepelstraat zullen dan veranderen op een manier die wij niet willen. Mijn gedachte was dat dan zal blijken dat we het niet alleen kunnen en we hulp zullen moeten zoeken. Dat zal niet gemakkelijk zijn want we zullen dan misschien wel 15 jaar op de blaren moeten zitten en toch de belastingen fors moeten verhogen. Maar anderen (het rijk en de provincie) zullen dan mee betalen aan de artikel 12 achtige schuldsanering. Een takendiscussie ga ik niet digitaal doen. Ik wil mensen in de ogen kunnen kijken. Want na het Schelpdebat heb ik niet veel vertrouwen meer in mijn collega’s. Terwijl als we echt moeilijke beslissingen moeten nemen wil ik wel het gevoel hebben ze te kunnen vertrouwen want er komen moeilijke tijden. In mijn ogen is de ‘reset’, zo die er als doel echt was, tot stilstand gekomen. Deels door uitstelgedrag en deels door de coronaomstandigheden.

Het ontbrak bij veel collega’s aan urgentiegevoel. Mijn verwachting is dat de jaarrekening 2019 een buitengewoon groot tekort zal laten zien. Door een inzakkende economie zal de huizenverkoop stagneren en het grondbedrijf bij lange na niet die verkopen realiseren op basis waarvan de schuld relevant zou kunnen verminderen. Het college en de raad missen inhoudelijke kennis. Het inhoudelijke kennisniveau in de raad is armzalig. Financiële kennis is, in mijn beleving, maar in drie fracties aanwezig. Drie raadsleden die een beetje snappen hoe gemeentelijke financiën werken. Dat zijn tegelijkertijd ook de autisten in deze raad. Ze (mij zelf incluis) leven in hun eigen wereld. De rest zijn vooral alfa’s die geloven in de oneliners op basis waarvan ze gekozen zijn.

De Bergse kiezer heeft decennia lang keuzes gemaakt op basis van droombeelden. Ze zullen moeten ervaren dat Sinterklaas en de Kerstman echt niet bestaan. Resultaat van één maand praten en schijven? Ze blijven zitten en we doen er een paar bij. In de hoop dat straks alles beter wordt. Quo vadis?

https://kijkopbergenopzoom.nl/column-vertwijfeling-2/

 

Louis van der Kallen.


    

VERTWIJFELING

 

    


| 27-02-2020 |

 

Quo vadis? Waarheen gaan we als gemeente? In vertwijfeling zoeken de 12 fracties in de gemeenteraad een weg uit de bestuurscrisis die volgens de huidige collegeleden en collegepartijen geen crisis is. Het gemeentebestuur staat voor de opdracht een route te vinden naar een hernieuwde voorspoed. Met een grote schuld is dat een haast onmogelijke opgave.

In 2008 was het aanvragen van een artikel 12 status (gemeentelijke schuldsanering) een relatief eenvoudige procedure geweest. Maar toen was ik een roepende in de financiële woestijn. Als de collega’s van toen ‘ja’ hadden gezegd, hadden we vermoedelijk in de ruim tien jaar die nadien versteken zijn circa 50 à 60 miljoen euro meer uit het gemeentefonds getrokken en de burgers hadden circa 10 à 13 miljoen meer aan OZB moeten opbrengen. Toen was het adagium van de andere partijen: “we willen de belastingen niet verhogen.” Maar de tijd heelt niet altijd alle wonden. In de gemeentelijke praktijk zijn met al dat uitstellen de wonden alleen maar meer gaan stinken.

Nu de route uit de financiële ellende vinden kan haast niet zonder echt grote ingrepen. Dat zijn partijen ook ‘echt’ van plan. Ze noemen het een takendiscussie. Op basis van de cijfers van ‘waar staat je gemeente‘ denken ze de heilige graal gevonden te hebben. Maar het zijn in de praktijk appels met peren vergelijkingen. Benchmarken klinkt mooi maar gemeenten verschillen in de politieke, bestuurlijke, ambtelijke of financiële praktijk enorm. De boekhoudsystemen kunnen grote verschillen vertonen wat bij de één als ‘overhead’ geldt zit bij de ander in de uurtarieven. Wat bij de één in ‘vastgoed’ zit geldt bij de andere als cultuur. Wil je echt onderling goed kunnen vergelijken, moet je beginnen systemen onderling op elkaar af te stemmen. Dat duurt soms jaren en vergt politieke wil. Nu ben ik bang dat bezuinigd gaat worden op geldvergelijkingen die deels nergens op slaan en vergeten wordt waartoe gemeenten op aarde zijn. Laat staan dat gekeken wordt naar wat wil de bevolking. En geloof mij, Roosendaal is geen Berrege.
Er moet wat gebeuren. Ik geef al een paar jaar burgers die aangewezen zijn op WMO voorzieningen het advies verhuis naar Steenbergen. Want die hebben nauwelijks schuld en kunnen kiezen voor menselijke oplossingen voor uw WMO-probleem. Feitelijk een krankzinnige oplossing en voor een Bergs raadslid pijnlijk. Maar wel een advies ingegeven door vertwijfeling en het belang van de burger met een behoefte.

Is er dan geen oplossing? Wat mij betreft zijn er nog twee routes naar een oplossing maar die doe allebei veel pijn. De eerste oplossing: een fusie tussen de gemeenten Roosendaal, Steenbergen Woensdrecht en Bergen op Zoom. Voor een Krab haast ondenkbaar. Of: alsnog artikel 12 aanvragen met als uiterste consequentie meer geld van het Rijk om in circa 15 jaar de schuld fors af te bouwen en een forse OZB verhoging want voor niets gaat de zon op. Misschien wel circa 20% erbij. Een gruwel! Maar wat willen we? De voortgaande verpaupering of onze jeugd en gemeente weer een toekomst geven.

https://kijkopbergenopzoom.nl/column-vertwijfeling/

 

Louis van der Kallen.