EENZAAM 5

 

    


| 26-11-2020 |

 

Wij zelf

In het boek “de eenzame eeuw” gaat Noreena Hertz in op de rol van de politiek en samenleving op de toename van eenzaamheidsgevoelens. Maar de vraag is: wat draagt ons eigen handelen bij aan de toename van de eenzaamheidsgevoelens van onszelf en anderen?

Onderzoek levert op dat onze eigen smartphone en het gebruik van ‘sociale media’ aan de eenzaamheidsgevoelens van onszelf en anderen een forse bijdrage leveren. Het gebruik leidt de aandacht af van de mensen om ons heen en dat gebruik haalt vaak het slechtste in ons boven in de polariserende stammenstrijd zoals uit veel ‘discussies’ op Facebook blijkt. We zijn steeds meer gericht op scoren en de jacht op dopamine middels onder andere het najagen van likes en retweets; tegelijkertijd wordt ons vermogen om effectief of empathisch te communiceren met echte mensen uitgehold.

We denken dat scoren erbij hoort. We laten ons ook verleiden door tal van ‘kwaliteitsonderzoeken’ waartoe we na een bezoek aan een website, de garage of een telefoontje naar een callcenter van een bedrijf worden uitgenodigd. Wie wordt daar gelukkig van? De opgejaagde medewerkers van die callcenters – met tijdelijke dienstverbanden tegen hongerloontjes – zeker niet!

In een haat zaaiende, racistische samenleving vol met complottheorieën worden maar heel weinig mensen gelukkig. We trekken bijna allemaal dan wel ergens aan het kortste rietje.

Hoe vaak bestellen we bij de “Bol.commen” en “Amazons” van deze wereld in plaats van bij een lokale winkel met een praatje met een echt mens? We zijn ook steeds meer in de steden gaan wonen. Met alle eenzaamheidgevoelens en op- afstand-relaties met ouders en grootouders als gevolg. Voor onszelf en voor hen. Hoeveel groepsactiviteiten hebben we ingeruild voor een app? Denk aan yoga, afvallen en afkickbijeenkomsten die we nu via een app ‘bezoeken’. Hoeveel gemeenschapsruimten zijn de afgelopen jaren gesloten waar we elkaar konden treffen zoals dependances van de bibliotheek, en jeugd- en buurtcentra.

Eenzaamheid is een sluipend monster dat velen van ons zelf voeden. We hebben onze arbeid laten flexibiliseren. Met als gevolg minder contacten met bekende collega’s. Van onze overgrootvaders was ruim 10 % lid van een politieke partij; niet alleen betaalden zij de contributie maar ze bezochten ook de wekelijkse of maandelijkse bijeenkomsten op zijn vrije zaterdagmiddag na een werkweek van 45 tot 52 uur. Want men was betrokken bij de directe omgeving. Van onze grootouders was vlak na de oorlog meer dan 60 % lid van een vakbond. Nu minder dan 15 %! Zij bereikten dat de werkweek 40 uur werd en de gehele zaterdag een vrije dag. Ook de loonkloof werd door hun inspanningen gedeeltelijk gedicht. De afgelopen 30 jaar is de loonkloof verbreed tot absurde proporties met volgens onderzoek ook meer eenzaamheidsgevoelens tot gevolg.

Kijk naar onze taal. Het gebruik van woorden als toekomen, plicht, delen, gemeenschappelijk en samen zijn steeds meer verdrongen door bezitten, bereiken, persoonlijk, privé en speciaal. De privacy is zelfs door gedrongen in wettelijke regels. Het ‘wij’ is ‘ik’ geworden.

In de jaren zeventig waren We Are the Champions (Queen) en We Could Be Heroes (David Bowie) nog de maatgevende liedjes; dat was 40 jaar later over. Met in 2013 I Am a God (Kanye West), in 2018 Thank You. Next (Ariana Grande) was een liefdeslied aan haarzelf!

Uit een onderzoek van de Academie van Wetenschappen en de Nanyang Business School in Singapore bleek dat van 1970 tot 2010 het gebruik van voornaamwoorden van de eerste persoon als ‘ik’, ‘mij’ en ‘mijn’ steeds vaker werden gebruikt in liedjes en dat gebruik van ‘wij’, ‘ons’ en ‘onze’ afnam. Zelfs in een land als China was dat het geval, een land dat zich er op voorstaat collectivistisch te zijn.

En toch is samenwerken nog steeds het beste om te komen tot de beste prestaties. Eenzaamheid is te bestrijden. Dat kan als WIJ dat echt willen door ONS gedrag aan te passen.

 

Louis van der Kallen.


    

DE GROTE STRIJD!

 

    


| 25-11-2020 |

 

Om te bepalen hoe ik dingen ga aanpakken of hoe ik ze moet bekijken, grijp ik graag terug op de boekenkast van mijn moeder en naar wat ik in mijn jeugd (tot mijn zestiende jaar) daaruit opstak aan kennis en inspiratie voor de rest van mijn leven. Eén van de boeken die mij bij is gebleven, is Lente aan de Oder – oorspronkelijke titel Wjesna na Odere – van de schrijver Ėmmanuil Kazakewitsj. Het was een boek van de Arbeiders Pers of van uitgeverij Pegasus.

Het verhaal geeft de innerlijke, morele geschiedenis van het Russische volk dat zich verheft om een indringer van zich af te schudden. Het verhaal heeft veel elementen van ‘Oorlog en Vrede’ van Tolstoi. Het laat de lange weg en ontberingen zien van de vernedering van het eerst oorlogsjaar tot de uiteindelijke overwinning op de nazi’s. En de wens te komen tot een nieuwe tijd en ontwikkeling naar een beter leven. Het is geschreven in de eerste helft van de vijftiger jaren toen veel communisten nog geloofden in de socialistische heilstaat. Karaktervastheid, gemeenschapszin, mentale sterkte en de bindende kracht die moet leiden naar een betere toekomst maakten de weg mogelijk. Het is geschreven vanuit de beleving van een individu in dat grote krachtenveld van de ontwikkeling naar een ‘nieuwe’ samenleving. De oorlog, de veldtocht, de ontberingen waren overwonnen en overleefd.

Natuurlijk gaat een echte vergelijking mank. Tussen de Sovjet Unie (USSR) die in 1939 met Joachim von Ribbentrop een non-agressieverdrag afsloot en daarop vertrouwde, en Bergen op Zoom dat vertrouwde op de politici die ze kozen. Er een wereld van verschil. Toch zijn er gelijkenissen. Het is het geloof in de sprookjesvertellers dat tot de ellende van een invasie en een ramp voor de USSR leidde. De burgers van Bergen op Zoom hebben net als Stalin in 1939 de sprookjes geloofd van de eigen ‘sprookjes’-vertellers.

Ook Bergen op Zoom staat voor een grote lange mars vol met ‘ontberingen’ want de prijs moet onvermijdelijk betaald worden. Hoe je het ook went of keert, de kas is leeg. De burgers van Bergen op Zoom gaan een hoge prijs betalen voor hun naïeve goedgelovigheid in de vertelsels en sprookjes van de partijen die de colleges vormden in de periode 1990-2020. Veel van de ‘prachtige’ plannen bleken droombeelden die uitmondden in nachtmerries.

Wanbeleid, onbetaalbare plannen, verkeerde keuzes van politici, bestuurders en burgers die de sprookjes geloofden hebben de kas geleegd. Het wordt op de blaren zitten. Vele jaren lang. Ook ‘afrekenen’ bij de verkiezingen in 2022 maak de kas niet voller. Samen, politiek, ambtenarij en burgerij zullen we moeten beginnen aan de grote mars. Daarvoor is de wil nodig die mars aan te gaan en af te maken. Karaktervastheid, gemeenschapszin, mentale sterkte en de bindende kracht moet en kan leiden naar een betere toekomst voor ons Bergen op Zoom. Ook Bergen op Zoom kan zich weer verheffen. Maar het zal langer duren dan de vier jaar die het Russische volk nodig had om de nazi’s te verslaan.

Maar we worden wakker en gaan werken aan ‘een lente aan de Zoom’. Doet u mee? Ook als de tocht lang en moeizaam wordt?

 

Louis van der Kallen.


AESOPOS FABELS: HET PAARD EN HET HERT

 

    


| 25-11-2020 |

 

Aesopus, vaak ook Aisopus genoemd was een Griekse dichter (ca. 620-560 v.Chr.) die bekendheid verwierf door zijn fabels (verhalen) waarin dieren zich gedragen als mensen (personificatie). Het gaat daarbij vooral om de moraal van het verhaal.

Het paard en het hert

Een paard liep door de weide naar een bron om te drinken. Daar kwam een hert aangerend over de vlakte. Het dier vertrapte het gras en maakte het water troebel. Het paard wilde zich op de boosdoener wreken, maar kon niet even hard lopen als het hert. Daarom riep het de hulp van een jager in. Deze beloofde grif dat hij zou helpen op voorwaarde dat hij een bit in de mond van het paard mocht doen en op zijn rug mocht zitten. En zo geschiedde. Het hert werd door de jachtspeer getroffen en lag dood op de grond. Toen drong het tot het paard door dat hij een knecht van de jager was geworden.

Moraal

Door eigen onmacht word je soms verleid tot het onder voorwaarden aanvaarden van ‘hulp’ van een ‘deskundige weldoener’. En dan kan blijken dat de ‘weldoener’ je in werkelijkheid geknecht heeft en je warme, vertrouwde, en eeuwen oude stal verkoopt aan de hoogste bieder. Je gaf hem immers de vrije hand!

 

Louis van der Kallen.


AESOPOS FABELS: DE HINKENDE EZEL

 

    


| 23-11-2020 |

 

Aesopus, vaak ook Aisopus genoemd was een Griekse dichter (ca. 620-560 v.Chr.) die bekendheid verwierf door zijn fabels (verhalen) waarin dieren zich gedragen als mensen (personificatie). Het gaat daarbij vooral om de moraal van het verhaal.

De Hinkende ezel

Een grazende ezel zag een wolf op zich afrennen en deed toen alsof hij mank was. De wolf kwam naderbij en vroeg waarom hij zo hinkte. De ezel antwoordde dat hij door een heg was gelopen en daarbij in een doorn was getrapt. Hij vroeg aan de wolf: “Wil je die doorn uit mijn poot trekken voordat je me opeet? Anders haal je je tong nog open.” De wolf vond dat een zinnig verzoek en hij tilde de poot op. Toen hij met al zijn aandacht bij de hoef was, gaf de ezel hem zo’n harde trap dat zijn tanden uit zijn bek vlogen. De deerlijk toegetakelde wolf klaagde: “Het is mijn eigen schuld. Had ik maar niet voor dokter moeten willen spelen. Terwijl ik door mijn vader opgeleid ben tot slachter.”

Moraal

Door schade en schande wordt men wijs. Dat geldt ook voor bestuurders en de burgers die onder hen lijden.

 

Louis van der Kallen.


AESOPOS FABELS: DE REIZIGER EN DE WAARHEID

 

    


| 22-11-2020 |

 

Aesopus, vaak ook Aisopus genoemd was een Griekse dichter (ca. 620-560 v.Chr.) die bekendheid verwierf door zijn fabels (verhalen) waarin dieren zich gedragen als mensen (personificatie). Het gaat daarbij vooral om de moraal van het verhaal.

De reiziger en de waarheid

Een reiziger kwam in een verlaten gebied, waar hij een eenzame vrouw aantrof die daar met neergeslagen ogen stond. “Wie bent u?” vroeg hij en zij antwoorde: “ De Waarheid.” “Waarom hebt u de stad verlaten en verblijft u in deze woestenij?” “Dat komt omdat vroeger de leugen maar zelden bij de mensen vertoefde en nu overal opduikt als je iets wilt horen of zeggen.”

Moraal

Lees het boek Deepfakes and the Infocalypse – What You Urgently Need to Know van Nina Schick! Van veel berichten op het internet kan ik nauwelijks het waarheidsgehalte of de geloofwaardigheid vaststellen. In het boek stelt Nina Schick dat over 10 jaar de gemiddelde tiener met een smartphone effecten kan creëren waarvoor filmstudio’s nu miljoenen nodig hebben. Deepfake komt er aan. Montages die niet meer van ‘echt’ beeldmateriaal zijn de onderscheiden. Hoe kan de democratie en de samenleving dan functioneren?

Als de waarheid niet meer geworteld is in de samenleving noch in het openbaarbestuur dan regeert de leugen en vindt de Waarheid geen herberg meer.

Louis van der Kallen.


    

AESOPOS FABELS: DE CITERSPELER

 

    


| 21-11-2020 |

 

Aesopus, vaak ook Aisopus genoemd was een Griekse dichter (ca. 620-560 v.Chr.) die bekendheid verwierf door zijn fabels (verhalen) waarin dieren zich gedragen als mensen (personificatie). Het gaat daarbij vooral om de moraal van het verhaal.

De citerspeler

Een citerspeler, zonder enig talent, zong van de vroege ochtend tot de late avond in een vertrek met bepleisterde muren. Daardoor weergalmde het geluid, zodat hij zich verbeelde een prachtige stem te bezitten. Hij was er erg trots op en vond het zelfs nodig in het theater op te treden. Maar toen hij op het podium stond, klonk het zo afgrijselijk vals dat de toehoorders hem met een regen van stenen wegjoegen.

Moraal

Dit geconfronteerd worden met de beperktheid van je kwaliteiten overkomt sommige bestuurders ook wel eens. Het zijn dan uiteindelijk de kiezers, die met het gebruik van hun stemrecht, de Augiasstal reinigen.

Men moet niet verder willen springen dan de stok lang is.

 

Louis van der Kallen.


    

IS HET COLLEGE TE VERTROUWEN?

 

    


| 20-11-2020 |

 

Gisteravond was er een digitale, beeldvormende bijeenkomst van de Raad over de vastgoedplannen van het college. Verkoop van vastgoed is sinds maart 2002 (de dualiseringsveranderingen in de gemeentewet) een bevoegdheid van het college van B&W, te vinden in artikel 160 lid 1 van de gemeentewet. Het college is in ieder geval bevoegd: – sub d. tot privaatrechtelijke rechtshandelingen van de gemeente te besluiten. Bij het nazoeken en controleren van de woorden van de wethouder viel er al snel een fout op in de informatiebrief van 11 november 2020 aan de gemeenteraad over dit onderwerp. In die brief werd verwezen naar artikel 160 lid 1 sub e. Het stoort mij dat juist in dit soort brieven zulke slordige fouten zitten. Minimaal twee fouten in één week. Arm Bergen!

Nu het college ten aanzien van de verkoop van vastgoed volledig bevoegd is, rijst de vraag: is de raad, dit ten volle beseffende, nog blij met deze samenstelling van het college? Vertrouwen we deze vijf wethouders en deze burgemeester het lot toe van bijvoorbeeld onze monumenten? Het Stadhuis aan de Grote Markt in de verkoop. Ook de synagoge werd in eerste instantie verhandelbaar verklaard. Zo ook de Hof van Ram!

Gisteren werden de raads- en burgerleden bijgepraat over de gevolgde systematiek. Er is een ‘tool’ ontwikkeld om te komen tot een “meetbare, objectieve waarde”. Nu ben ik een bèta, ik weet wat meten is. Wel, de zogenoemde ‘tool’ is niet meer dan een invuloefening (waardering van 1 tot 5) op een aantal elementen, die daarna opgeteld worden. En dat alles – tot nu toe – door ambtenaren van de gemeente van bijvoorbeeld de afdelingen bedrijfsvoering, cultuur en vastgoed. Zij vinden dit ‘vastgoed’!!! Maar ik vind dat verre van objectief. Nu wil ik niet beweren dat de ‘methode’ die ik gebruikte, om in mijn eerdere schrijfsels het Markiezenhof, het stadhuis, de gevangenenpoort en het oude gemeentehuis van Halsteren tot parelen in de Bergse Kroon te verklaren, objectief is. De waardering voor het aan onze generatie van burgers en bestuurders als hoeders toevertrouwde erfgoed is niet objectief. Die komt voort uit ons hart en liefde voor de geschiedenis van de stad en haar dorpen.

De wethouder zei over het verhandelbaar verklaren; “We durven er echt wel brutaal in te zijn”. Daarna noemde hij de eerste tien door het college verhandelbaar verklaarde vastgoed objecten “laaghangend fruit”. De synagoge, het sterfhuisje, de Hof van Ram: laaghangend fruit?

Bij mij ging het ‘licht’ uit. En, alsof de wifi de woede aanvoelde, viel spontaan de verbinding weg. Maar er kwam meer. Het oude Halsterse raadhuis werd ‘objectief gemeten’ en het resultaat van de telling was 103 punten. In de ogen van het college dus ruim beneden de ‘norm’ van 120, en dus op de nominatie om verhandelbaar te worden verklaard. Spontaan viel wederom de wifi verbinding weg. De door mij in woede en verontwaardiging opgeroepen elektromagnetische straling werd de apparatuur te veel.

Ik heb al een paar keer gesteld dat er ten stadskantore een ernstig gebrek is aan politieke sensibiliteit. Dat is een onvolledige analyse! Daarvoor bij voorbaat mijn excuses. Ze zijn gewoon de weg kwijt! En nu formuleer ik het buitengewoon beschaafd. Het halve stadskantoor komt hier niet vandaan, het college incluis en dat blijkt. De affiniteit met de stad en haar dorpen is NUL KOMMA NUL. Ook bij de ambtenaren die dit soort ‘rekentools’ invullen, is er klaarblijkelijk geen verbinding met de Bergse samenleving. Ja we moeten bezuinigen en ja in het focusakkoord wordt verwezen naar de verkoop van vastgoed. Maar de uitwerking door het college in de tien gouden regels gaat naar mijn gevoelen volstrekt voorbij aan de intenties van het focusakkoord.

Er zijn ‘heilige huisjes’ en misschien moeten die op een lijst komen. Maar ook het college mag zich – ondanks haar bij gemeentewet gegeven bevoegdheid – afvragen: denken we zelf na of laten we ons leiden door een rekentool? Zij vragen de raad hun het vertrouwen te geven onder de 120 puntenlijn de objecten te mogen verkopen. Het zal helder zijn: de BSD geeft dat vertrouwen niet. NOOIT NIET. Met de bescheiden kennis van de ‘rekentool’ denk ik dat onze gevangenpoort onze Lievevrouwepoort dan ook verhandelbaar wordt. Onze Lievevrouwe is geen publieke vrouw, ze is niet en mag niet – nooit niet – verhandelbaar worden.

Dan kan er maar één conclusie zijn. Gezien de bij wet gegeven bevoegdheden en hun “verhandelbaar verklaringen” tot nu toe kan BSD-fractie dit college in deze samenstelling niet meer vertrouwen!

Er was nog een punt dat mij deed gruwen. Het was voor mij duidelijk dat dit college en een aantal van mijn collega’s gebouwen meer ‘multifunctioneel’ wilden maken alvorens te overwegen ze te verkopen. Dat klinkt logisch maar het gaat dan wel over de motieven. Een overheid dient zijn bevoegdheden als overheid niet te gebruiken om middels zijn handelen het profijt als private partij te vergroten.

Détournement de pouvoir ( het gebruik van een bevoegdheid op een wijze waartoe zij niet verleend is) is niet voor niets verboden.

Louis van der Kallen.


    

NU KEUZES MAKEN

 

    


| 19-11-2020 |

 

 

De 1e Begrotingswijziging 2021 bevat een heleboel bezuinigingsvoorstellen waarover uiteindelijk de fracties van de gemeenteraad moeten beslissen. Wat wel, wat niet, wat onder voorwaarden, maar vooral ‘hoe’.

In de raadsvergadering van 25 mei 2020 in de Maagd had ik het al uitgebreid over de wenselijkheid van het invullen van het ‘hoe’. Het filmpje hiervan kunt u onder aan mijn publicatie bekijken. We zijn nu bijna zes maanden verder. Het ‘hoe’ blijkt in deze 1e Begrotingswijziging 2021 vooral financieel uitgewerkt. Immers, je kan wel een 20 % generieke korting op subsidies opschrijven maar als je de gevolgen niet kent bij de subsidieontvangers is het vooral een boekhoudkundig proces. Terwijl alles waar we als gemeente geld aan uitgeven gaat over mensen en daarmee over de samenleving. Al die getallen hebben gevolgen en dan is het de vraag wat voor stad, dorp, gemeente of gemeenschap willen we zijn? Zonder daar een visie op te hebben, is het kiezen c.q. beoordelen wat goed is in de gegeven omstandigheden heel moeilijk en is de kans op fouten en spijt achteraf groot.

Bij gebrek aan een door de gemeenteraad vastgestelde visie beginnen we daar zelf als BSD-fractie maar aan. De ’10 gouden regels’ geven – naar ons gevoel – vooral een financieel toetsingskader en geen maatschappelijk toetsingskader. Als sociaaldemocratische partij hebben wij behoefte aan een toetsingskader waarin we eerst de vraag stellen (en beantwoorden) wat voor samenleving wij willen zijn. De stip op de horizon. Nu is dat een vraag die nog heel breed is. Omdat een groot deel van de voorgestelde maatregelen zich richten op de ‘cultuur-’sector ga ik in dit stuk daar op in.

Wat voor cultuurgemeente zijn we en willen we zijn, en hoe passen de maatregelen daar in? Bergen op Zoom heeft door zijn monumenten en evenementenrijkdom een toeristisch profiel. Hoe dat in de loop der tijd gegroeid is, heeft een aantal fundamenten. Er is een breed scala aan monumenten met een aantal parels in de kroon zoals onder andere het Markiezenhof, het stadhuis, de gevangenenpoort en het oude gemeentehuis van Halsteren. Mede door de kwalitatief hoogwaardige gemeentelijke muziekschool hebben we een rijke muzikale en culturele traditie ontwikkeld waardoor de Vastenavond tradities in al zijn vormen van hoog niveau is. Veel verenigingen zijn daardoor tot bloei gekomen. Ook de museumfunctie van het Markiezenhof past in de culturele ontwikkeling die Bergen op Zoom heeft doorgemaakt. Ook de onderwijselementen van Gebouw T en omgeving passen daarbij. Allemaal voegen ze belangrijke elementen toe aan de cultuurgemeente Bergen op Zoom en daarmee aan de toeristische aantrekkelijkheid van Bergen op Zoom.

En hoe past schouwburg de Maagd daarin? Wat voegt, ten opzichte van de hier voor genoemde elementen, de schouwburg toe aan de toeristische aantrekkelijkheid van Bergen op Zoom?

Wat gaan we missen als de Muziekschool verdwijnt of door privatisering voor velen onbetaalbaar wordt? Wat gaan we missen als de museumfunctie van het Markiezenhof zo wordt aangepast dat het voor toeristen van minder toegevoegde waarde wordt? Wat gaan we missen als onze Vastenavondtradities verschralen? Door minder bouwen en minder muziekbeoefening.

De BSD-fractie voelt niet zo veel voor de nu voorgestelde kaasschaaf die tot verschraling leidt van veel voor Bergen op Zoom belangrijke culturele en verenigingsactiviteiten. Wij denken dat het sluiten van de Maagd een betere optie is om het grootste deel van de nu voorgestelde bezuinigingen op de culturele sector te realiseren. Waarom de Maagd sluiten? De Maagd is niet uniek. De Maagd voegt weinig toe aan onze toeristische aantrekkelijkheid. De bedrage van de Maagd aan de culturele identiteit van Bergen op Zoom is relatief beperkt en kan deels in andere gebouwen worden gerealiseerd. De meeste bezoekers van de Maagd kunnen ook naar schouwburgen in omliggende steden. De BSD -fractie schat in dat schouwburgen het de komende jaren steeds moeilijker zullen krijgen de exploitatie – die voor een fors deel bestaat uit subsidies – rond te krijgen. Door de Maagd te sluiten en het gebouw te verkopen, helpen we daarmee buurgemeenten de schouwburgfunctie in stand te houden. Door dan niet of veel minder te snijden in de andere culturele functies houden we daar de zo gekoesterde kwaliteit en uniciteit overeind.

We moeten bezuinigen. We moeten kiezen. Daarom kiest de BSD-fractie voor de kwaliteiten die van groter belang zijn voor onze culturele samenleving en van toegevoegde waarde zijn voor de belangrijke economische component toerisme.

Natuurlijk moeten ook de andere hiervoor genoemde culturele instellingen alles doen om met behoud van kwaliteit de zaken goedkoper te doen.

Zo stelde ik eind jaren negentig van de vorige eeuw, nadat ik als raadslid de taak van het controleren van de Disco-collectie had verricht, voor om na overleg met de erven Disco het deel van de collectie dat niet past in het collectiebeleid terug te geven aan de erven, over te dragen aan andere musea of te verkopen. Er zijn tal van voorwerpen die niet passen in het collectiebeleid of museumtaken van het Markiezenhof die wel ruimte vragen in het depot en tijd en onderhoudskosten vergen. Ik stelde toen ook voor om het grootste deel van de BKR aankopen (1956 – 1987) te verkopen. Toen voelde het college en de geachte collega’s er niets voor. Het is niet het grote geld, maar alle kleine beetjes helpen. Er is wel een veilinghuis te vinden die dat wil regelen.

Louis van der Kallen.


    

DES BRAVEN SOLDATEN SCHWEIJK

 

    


| 18-11-2020 |

 

 

De gemeenteraad en de samenleving staan voor de enorme opdracht de gemeente Bergen op Zoom op termijn weer een financieel gezonde toekomst te geven. Daarbij moeten keuzes gemaakt worden. De raad is er begonnen met het “resetproces”, waarbij bijna alle fracties meedachten en probeerden tot een gezamenlijk stuk te komen. De uitkomst was het Focusakkoord 2020 – 2022 dat uiteindelijk door tien fracties is ondertekend en door één fractie  – die van de BSD  – is aanvaard als een soort van startpunt om te komen tot een aanpak. Een onderdeel van het Focusakkoord 2020-2022 was de aanstelling van drie wethouders van buiten de gemeente Bergen op Zoom  die samen met de twee uit het oude college afkomstige wethouders op “persoonlijke titel” dit Focusakkoord zouden gaan vertalen in concrete voorstellen, onder meer in een begroting voor 2021 en een meerjarenramingen. Na ruim zeven maanden ligt er een eerste proeve: de 1e Begrotingswijziging 2021. De vraag die de fracties zich nu moeten stellen is:  zien we de opdrachten uit het Focusakkoord nu terug in de 1e Begrotingswijziging 2021?

Van de drie kernprioriteiten ofwel opdrachten:

  • cultuurverandering over de volle breedte;
  • verbeteren kwaliteit organisatiebreed;
  • schuldenlastreductie

zie ik nog buitengewoon weinig terug in de concreet voorgestelde maatregelen.

Maar wat mij bevreemdt, is dat de leden van het college – beoogd te gaan samenwerken op persoonlijke titel –  zich hebben omgevormd tot een ‘zakencollege’ en de manier waarop zij zaken aanpakken hebben omschreven in “tien gouden regels”. Als ik die tien gouden regels beschouw, dan kan ik niet anders dan constateren dat het tien ‘vergulde’ regels zijn waarin het dunne goudlaagje de onderliggende inhoud verhult. De tien regels zijn – naar de woorden van het college –  een vertaling van het Focusakkoord. In mijn beleving een ZAKELIJKE vertaling. Echter, het Focusakkoord is een akkoord tussen tien politieke partijen. Het Focusakkoord bevat tal van nuanceringen, “afzwakkingen” en compromissen. Dat kan ook niet anders als je links en rechts, sociaal en zakelijk, progressief en conservatief, landelijk en lokaal tot elkaar wil brengen! In de tien regels zoek ik tevergeefs naar de nuance. Maar wat nog erger is: het is geen lokaal akkoord. Het houdt op geen enkele wijze rekening met de Bergse of Halsterse (politieke) cultuur of eigenheid.

Ik geef onmiddellijk toe dat de druk om snel te komen met maatregelen in mijn ogen onverantwoord is opgevoerd. Ook dit college is niet gehouden tot het onmogelijke. De voorstellen over het vastgoed – en zeker over de verkoop van het stadhuis aan de Grote Markt  – of de voorstellen over een generieke korting van 20 % op de subsidies gaan volstrekt voorbij aan hoe de samenleving denkt en voelt. Voor mij een totaal gebrek aan politieke sensibiliteit. Een woord dat ik de afgelopen maanden herhaaldelijk in de overleggen heb gebruikt.

Dat wijt ik niet alleen aan het ‘zakencollege’ maar ook aan de manier van samenwerken van college en ambtenaren die vrijwel direct is vormgegeven als “… samenwerken op basis van vertrouwen”! Dus collectief met de leidinggevende ambtenaren. Weg op “PERSOONLIJKE TITEL”. We zien hier een voortzetting van de oude structuren. Weg met de directe mogelijkheden tot cultuurverandering! Men omarmde de oude cultuur met beide armen. Resultaat een “1e Begrotingswijziging 2021” met tien regels die grotendeels verre staan van het met veel moeite tot stand gekomen compromisrijke focusakkoord. In de aanloop naar dit voorstel werd dat al een beetje duidelijk. De SP trok haar handtekening in. Omdat zij steeds minder van het compromisgevoel terugzag. Ook Steunpunt trok zijn handtekening in toen zij van burgerlid veranderde en daarmee mogelijk naar de linkerkant opschoof, of los kwam van hoe het akkoord tot stand was gekomen.

De tien regels zijn – door de ogen van een politicus als ik bekeken –  van een haast absurdistische, heldere hardheid. In de handen en hoofden  van de vele “Brave soldaat Svejk”- (Schwejk) achtige ambtenaren – die ons ambtelijk apparaat rijk is – werd de compromispolitiek zoals het focusakkoord bedoeld is in opdracht als onhaalbaar afgeserveerd.  Menige Bergse ambtenaar heeft de afgelopen jaren geleerd te overleven zoals des braven Soldaten Schwejk. Opdrachten van een semi-‘autoritair’ gezag neem je letterlijk. Je overleeft de absurde situaties van de Bergse krijgsdienst door te doen wat je wordt opgedragen en vermijdt de risico’s van je eigen have, goed en functie door je eigen denken alleen te gebruiken om niet op te vallen bij je superieuren of je snor te drukken en je hang naar de eigen ideeën in de beslotenheid van je eigen functioneren vorm te geven mede door met galgenhumor te overleven. Als Jaroslav Hasek  nu had geleefd en diende in de ambtenarij van Bergen op Zoom zouden er meer dan vier delen te vullen zijn van “een brave ambtenaar Schweijk”       

Louis van der Kallen.


    

SCHULD EN BOETE

 

    


| 17-11-2020 |

 

 

Maandagavond heb ik 2,5 uur gekeken en geluisterd naar de presentatie van de bezuinigingsvoorstellen van het college van B&W. Samengevat in het voorstel “ 1e Begrotingswijziging 2021”. Ik heb niets gezegd, niets gevraagd, alleen maar geluisterd en toegekeken.
En mij afgevraagd: waar is de schaamte? Waar is het schuldgevoel? Waar is het gevoel voor verantwoordelijkheid voor wat gebeurd is? Waar is de zoektocht naar de waarheid?
Ik ben aan dit stuk begonnen, 24 uur nadat ik in het artikel in BNdeStem had gelezen over de voorgenomen bezuinigingen. 24 uur waarin ik veel gebeld ben en aangesproken. Bijna iedereen was boos, verontwaardigd en/of verwijtend. “Die politici!” Verwijten is makkelijk maar deels ook terecht. De burgers die mij aanspraken keken niet één keer in hun eigen spiegel. Op wie of welke partij hadden zij de afgelopen dertig jaar gestemd? Wat waren hun motieven om op die persoon of die partij te stemmen? De mooie woorden of beloften zoals die bijvoorbeeld van een lage belasting? De fraaie kapsels van de dames en heren politici? De vermeende integriteit? De geschilderde vergezichten? De visies die slechts dromen waren van ambitieuze meisjes en jongens?
Het mooie van het kiezer zijn is: je bent en blijft anoniem. Je wast je handen in onschuld. Maar is dat zo? Hoewel ik vaak gewaarschuwd heb voor de mogelijke financiële gevolgen van besluiten stond ook ik erbij en keek ernaar. Ik heb mede gefaald omdat ik noch de kiezer noch mijn collega’s kon overtuigen dat het anders kon en moest.
Het principe van de ‘erfzonde’ wijs ik af. Toch verwacht ik van de opvolgers van de politici die de zondes begingen enig besef van verantwoordelijkheid: je hebt door op de lijst van een partij te gaan staan in mijn beleving de geschiedenis van die club aanvaard. Dan past enige schaamte, enig berouw voor de daden van je voorgangers. Ik zag het niet. Integendeel, ik zag bij een enkeling trots en vastberadenheid om de partij-idealen van een kleine overheid van een grotendeels geprivatiseerde samenleving te gaan bereiken. De nachtwakerstaat. Mis nooit een kans! Zag ik hem denken.
In mijn hart groeide de frustratie. Geen enkel bewustzijn van schuld en boete want op de puinhopen waar zijn partij medeverantwoordelijk voor is, blinkt de overwinning op die linkse rakkers. Met slechts één minpuntje die vermaledijde belastingverhoging, maar ach die is maar tijdelijk, is dan de (door mij geziene) neoliberale gedachte. Vergeten is dat in opdracht en verantwoordelijkheid van een wethouder van de ‘liberale’ partij die verlieslatende plannen (De Bergse Haven en de Markizaten) werden gemaakt. Vergeten is dat die liberale partij jaren lang de portefeuille financiën beheerde. Bij de raadverkiezingen in 2018 kon een vertegenwoordiger van die liberale partij nog beweren “dat ze een wethouder voorgebracht hadden die de financiën weer op orde had gebracht en dat we op weg gingen naar betere tijden.” Politieke dementie noem ik dat.
Schuld en boete/Misdaad en straf van Fjodor Michajlovitsj Dostojevski stond in de boekenkast van mijn moeder. Dit boek moest ik lezen van mijn moeder. Ik moest beseffen dat je daden gevolgen kunnen hebben, die anderen kunnen schaden. Je moest verantwoordelijkheid nemen voor je daden. Daden brachten eer, maar ook schuld en schaamte. De eer kent vele vaders, bij de schuld en schaamte kijkt men liever even niet in de spiegel.
Ik ben niet op zoek naar een guillotine en er hoeft ook geen Maximilien de Robespierre op te staan. Noch ben ik voor de oprichting van een schandpaal voor het stadhuis. De rotte eieren en rotte tomaten mogen in de mandjes blijven. Maar ben ik alleen in mijn schuldgevoel en mijn behoefte en verlangen dat ook bij de collega’s te willen zien?
In maart 2014 richtte ik mij via een brief tot de Koning der Nederlanden waarin ik punt voor punt aangaf wat fout ging in gemeenten en in Bergen op Zoom in het bijzonder, mijn veroordeling incluis. Zonder effect.
Ik trok in maart 2014 wel een aantal conclusies. Ik stuurde de onderscheidingstekenen van het in 2003 verleende Ridderschap in de orde van Oranje Nassau terug. In die brief aan de Minister van Binnenlandse Zaken schreef ik onder andere; “Wat nog meer pijn doet is dat degenen die de gemeente, die ik met mijn ziel en zaligheid 28 jaar heb proberen te dienen, financieel geruïneerd hebben allen, veelal gedecoreerd, verder zijn getrokken naar andere bestuurlijke functies zonder verantwoording af te leggen in de daartoe geëigende organen. Zij werden middels Koninklijke Besluiten tot burgemeesters en zelfs tot Commissaris van de Koning benoemd.”
De afgelopen maanden en zeker de afgelopen week en dagen ben ik bevestigd in mijn denken dat eer, en het bewustzijn van schuld en boete in de huidige politieke cultuur ver te zoeken zijn.
Ben ik gefrustreerd? JA. Ik zou de daders, de verantwoordelijken graag hun medailles, eretekenen en ereburgerschappen afnemen. Zij zouden uit zich zelve verantwoording af kunnen leggen. Bijvoorbeeld hoe één hunner terwijl het ambtelijk advies was (zo bleek uit mijn onderzoek): “betaal hooguit 30 à 35 miljoen voor Nedalco” 72,2 miljoen kon bieden en de raad niet volledig informeren. Lees en huiver bij het lezen van het dossier Bergse Haven. Ik huil en heb mij zelf voorgenomen afstand te houden. Niet alleen de 1,5 meter maar ook mentaal. Ik wil niet meer blootgesteld worden aan loftuitingen en welkomwoorden aan hun adres. Na 34 jaar boerenmaaltijden ga ik daar niet meer naar toe. Ik kan het niet meer opbrengen een aantal daders in de ogen te kijken en te genieten van wat daarna komt. Dan plakt de levertraan te erg. Ik ben teveel mens en te weinig ‘politicus’. Mijn vader heeft mij, bij leven, de inhoud van het begrip eer bijgebracht, mijn moeder heeft mij de waarden bijgebracht van verantwoording en schuld en de daaraan onlosmakelijk verbonden boetedoening. De levertraan plakt.

Louis van der Kallen.