LEREN WIJ?

 

    


| 05-07-2021 |

 

Er woedt nu een strijd in de sociale media over de voor- en vooral de nadelen van een vaccinatie tegen COVID-19. Dat lijkt iets nieuws maar de strijd tegen “De vreselijkste aller harpijen” – zoals Willibrord Rutten de strijd tegen de pokken in zijn demografische studie (1997) noemde – riep circa 200 jaar geleden dezelfde polemieken op. De ziekte pokken teisterde de lage-landen; de epidemie veroorzaakte vele verminkten en soms duizenden doden. De tegenstanders van de aanpak – veelal orthodoxe calvinisten en ultramontaanse katholieken – vonden dat ziekten de “Geesel Gods” (de goddelijke voorzienigheid) waren waaraan men zich diende te onderwerpen. Dat werd van de kansel verkondigd maar ook door vaardige pamflettisten in den lande verspreid.

In China was al rond het jaar 1000 ontdekt dat een ernstig ziekteverloop van de pokken voorkomen kon worden als iemand expres met pokken werd besmet. Dat kon door een kleine dosis ‘pokkenmateriaal’ (stof van ingedroogde korsten of puistenvocht) via de neus of een klein sneetje te injecteren. Dat heette variolatie. De methode reisde via de Zijderoute naar het Ottomaanse Rijk, en vandaar naar Engeland. In 1748 werd het voor het eerst in Nederland toegepast. In Engeland ontwikkelde Edward Jenner een werkend vaccin tegen pokken.

Doordat er in Nederland voor het eerst een centrale overheid was (de Bataafse Republiek) die zich actief bemoeide met de volksgezondheid (voorheen besloten de lokale overheden over gezondheidsmaatregelen) en doordat die overheid er veel baat bij had de pokken te overwinnen, werd Nederland het eerste land waar vaccinatie voor het eerst op grote schaal werd toegepast. Het Bataafse bestuur omarmde de vaccinatie samen met de Maatschappij tot Nut van ’t Algemeen. Bijvoorbeeld in Alkmaar konden armen vanaf 1801 gratis gevaccineerd worden. In 1804 werd het ‘Genees- en heelkundig genootschap ter bevordering van de gezondheid’ opgericht, dat zich toelegde op de “bevordering der zoo heilzame koepokinenting”. In 1808 was er sprake van een grote pokkenepidemie. In dat jaar werd onder koning Lodewijk Napoleon (de Bataafse Republiek was opgeheven) de eerste grote, landelijke vaccinatiecampagne gestart. De koning vaardigde het bevel uit dat alle Nederlandse schoolkinderen moesten worden ingeënt tegen pokken (zie foto).

In 1823 voert de Nederlandse overheid een vaccinatiebewijs in. Zonder het zogenoemde ‘pokkenbriefje’ werden kinderen niet toegelaten op scholen (zie foto). Tegen die indirecte vaccinatiedwang was veel verzet.

Pokken of COVID-19: de woordenstrijd om vaccinatie lijkt hetzelfde. Met pamfletten of via internet, er lijkt niets veranderd. We lijken niets te leren. Gods gesel of de verdachtmaking met complotten: ik hoop dat de volksgezondheid het wint.

 

Louis van der Kallen.


Voeg toe aan je favorieten: Permalink.

Geef een antwoord

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd.