DE VERDELING VAN DE ‘MEEVALLER’

 


 

DE VERDELING VAN DE ‘MEEVALLER’

 

Het grootste probleem, wat de afgelopen weken in Den Haag speelde, was een bestemming te vinden voor de ‘meevaller’ die ontstond toen de  afschaffing van de dividendbelasting niet doorging, lijkt nu opgelost. De ‘meevaller’ gaat, in de voorstellen van Rutte, alsnog naar het bedrijfsleven.
Nu is besteden in Den Haag nooit een probleem gebleken. Dat doen ze maar al te graag. Probleem was wie dat besteden zal betalen nu de bevoordeelden, de multinationals, hun voordeeltje dreigden kwijt te raken? Als je het gelobby aanzag dan moest de bestemming van de ‘meevaller’ de arme ondernemers van het (internationale) bedrijfsleven zijn. Want zij doen zulke goede dingen voor Nederland.
 
De politiek schijnt lelijk te doen tegen het grote bedrijfsleven en dat is volgens calimero Antony Burgmans, oud-bestuurder van Unilever en nu actief voor Akzo-Nobel, niet eerlijk. “Het mag wel een toontje lager”. We zouden meer met elkaar moeten praten zo sprak hij in Buitenhof. Meneer Burgmans is niet de meest verkeerde. Maar als het over het toontje gaat en de eventuele besteding van de ‘meevaller’ (dividendbelasting) denk ik er toch iets anders over. Het wordt tijd voor een trendbreuk. Sinds de jaren zeventig van de vorige eeuw betalen bedrijven steeds minder mee aan de BV Nederland. Terwijl die BV Nederland toch ook voor hen zorgt dat de samenleving functioneert. Ook de bedrijven worden beschermd door de dijken, ook de bedrijven profiteren van goede opgeleide personeelsleden, ook de bedrijven maken gebruik van de voor veel geld aangelegde infrastructuur en van onze wetgeving. Daar betaalden ze vroeger veel meer aan mee dan tegenwoordig. Enkele voorbeelden:
– Het tarief van de winstbelasting/vennootschapsbelasting was in 1940 30%, nu zijn de tarieven 20 en 25 %, terwijl deze regering voornemens is deze verder te verlagen naar 15 en 20,5 %. Ter vergelijking: in België is op dit moment de hoogste schijf 34,5 %.
– De dividendbelasting was in 2006 nog 25 %, nu 15 % en het voorstel was deze maar helemaal af te schaffen.

Ik geef onmiddellijk toe, in vergelijking met de VS van Trump is het hier, voor de bedrijven, nog zeer beklagenswaardig. Daar is het aandeel van de vennootschapsbelasting in de totale belastingopbrengst van 6 procent in 1953 gedaald naar 1,6 % in 2017. Is dat ons voorland? Maak dan uw borst maar nat. In de VS was in 1950 het aandeel van de loonbelasting op de totale belasting circa 10 % nu circa 40 %. Terwijl het aandeel van de inkomstenbelasting (hogere inkomens) met circa 40 % ongeveer gelijk bleef. De bedrijven en de vermogens profiteerden al die jaren van belastingverlagingen.

Hoe was het bij ons? In 1970 was het hoogste tarief voor de inkomstenbelasting in Nederland 72 %, nu 51,95 % en deze regering is voornemens dat verder te verlagen naar 49,5 %. Die daling is al fors. Maar wat erger is, het denken over veel verdienen is de afgelopen jaren compleet veranderd. In december 2016 schreef ik het artikel “wat een graaiers” Toen was net verschenen de bundel ‘loonfatsoen’ van de hand van Thijs Jansen en Margo Trappenburg. Die bundel liet de ontwikkeling zien van wat fatsoenlijk verdienen werd geacht. Werd in 1975 in de interim-nota inkomensbeleid van het kabinet Den Uyl voor de rijksoverheid nog een inkomensverschil tussen hoog en laag van 1:5 redelijk geacht. Nu (2016) is het FNV standpunt dat ernaar gestreefd moet worden dat de verschillen tussen hoog en laag niet groter zijn dan 1:20. De werkelijkheid is dat ook bij de door de overheid met veel overheidsgeld overeind gehouden banken de verschillen nog veel groter kunnen zijn.

Moest het voor de bedrijven en de grootverdieners nog beter worden? Ik denk het niet. Het Nederlandse vennootschapsbelastingtarief is met de huidige 20/25 % al laag als het vergeleken wordt met bijvoorbeeld België, onze buren, waar de tarieven liggen tussen de 25 en 34,5 %.

Wat dan te doen met de ‘meevaller’ van pakweg 2 miljard? Want het nog kan anders verdeeld worden. Het parlement komt er immers nog over te spreken.
Voordat ik daar over een suggestie doe enkele feiten:
– De pensioenen zijn gemiddeld vanaf 2005 niet meer aangepast aan de inflatie. Er is dus veel ingeleverd.
– Het reëel beschikbaar inkomen van huishoudens is de laatste 15 jaar gedaald!
– Het besteedbare inkomen is in de ons omliggende landen, na de financiële crisis, vrij snel  hersteld. In Nederland niet.
– Wereldwijd is het arbeidsaandeel de laatste 15 jaar in het bruto binnenlands product met tussen de 5 tot 10 % gedaald. Ook in Nederland is het fors afgenomen en het lastenaandeel van de huishoudens is sterk gestegen, met name door sterk gestegen sociale premies en pensioenpremies.
– De belastingen op inkomen en arbeid brengen jaarlijks circa 160 miljard euro op. Die op winst en vermogen circa 30 miljard.
– Zelfs de Nederlandse Bank is van mening dat onze groei beperkt wordt door een achterblijvende groei van de gezinsconsumptie.
– Volgens de ranglijst van het World Economic Forum staat Nederland vierde op de ranglijst van de meest concurrerende economieën. Dus het valt wel mee met de kwaliteit van de vestigingsvoorwaarden.

Als het vrijvallende geld niet gebruikt wordt voor schuldaflossing, dan is een verlaging van de belasting op arbeid logischer. Liever nog zou ik kiezen voor een betere overheid. Sinds de jaren negentig constateer ik een verwaarlozing van de publieke zaak en een langzame normalisering van de onverzadigbare hebzucht die uiteindelijk een crisis veroorzaakte in de jacht op bonussen en hogere salarissen. Met nu kopen, kopen, als medicijn (van Rutte) in het verlangen naar meer en meer. Hebzucht als leidend en heilzaam principe!

Toen ik opgroeide zei men in mijn buurt al dat alles ‘naar de ratsmodee zou gaan’. Kapot, corrupt door de hebzucht van het kapitaal! Op 1 mei wapperden de rode vlaggen. In april 2015 citeerde ik ter overdenking uit een stuk van Bas Jacobs in de NRC “alleen een liberale renaissance kan het kapitalisme redden van de kapitalisten. Die renaissance zal alleen niet komen van mensen die zichzelf nu ‘liberaal’ noemen. Zij zijn verworden tot mercantilisten die eerlijke concurrentie en vrijhandel om zeep helpen. Ze stichten belastingparadijzen en steunen dictators. Zij zijn de buikspreekpoppen van een financiële sector die winsten privatiseert en verliezen socialiseert. Ze incasseren grootschalige staatssubsidies op hun vermogensopbouw via pensioenen en huizen. …… alleen het kapitalisme biedt mensen hoop op een vrij leven en voorspoed. Onder één voorwaarde: iedereen zal moeten delen in de vruchten van economische vooruitgang. Maar door het uitvretersgedrag van een groep financieel-economische oligarchen erodeert langzaam het politiek draagvlak onder ons kapitalistische bestel.” Ik onderschrijf die woorden van Bas Jacobs van harte. Het voorstel nu om de ‘meevaller’ volledig ten goede te laten komen aan het bedrijfsleven, de bezitters van het kapitaal, honoreert de lobby’s voor de bezitters en uitvreters.

De onvrede onder de burgerij groeit, net als in het Frankrijk van voor de revolutie waar die ook groeide door spilzucht en hebzucht en het pronkgedrag van de rijken. Uiteindelijk verloor die ‘elite’ hun hoofden onder het gejoel van de paupers die ze ter verrijking van hen zelf hadden beroofd van een menswaardig bestaan. Hopelijk verliezen de helpers van de belastingontwijkers in de toekomst alleen hun ambten. Laat het bedrijfsleven een rechtvaardige bijdrage leveren aan het welzijn van de samenleving en het functioneren van een overheid! De huidige voorstellen voor besteding van de ‘meevaller’ leveren daar helaas geen bijdrage aan.  

Louis van der Kallen

 


 

 

Boekenlegger op de permalink.

Reacties gesloten.